Zierikzeese advocaat en notaris die in 1849 tot de nieuwe Eerste Kamerleden behoorde, nadat de kiezers hem als eerste op de voordracht hadden gezet. Nadien drie keer herkozen. In de Senaat een gematigd conservatief, die wel tegen de afkoopbaarheid van de tienden stemde, maar ook tegen de, door de meeste conservatieven gesteunde, Wet op de kerkgenootschappen.