Amsterdamse advocaat, die raadslid in Amsterdam, gedeputeerde van Noord-Holland en daarna vier jaar Eerste Kamerlid was. Welsprekende neef en naamgenoot van de liberale voorman uit de negentiende eeuw. Vooraanstaande jurist, deken van de Orde van Advocaten in Amsterdam en voorzitter van een staatscommissie over burgerlijke rechtsvordering. Maakte in 1918 ook deel uit van de staatscommissie Grondwetsherziening. Voelde zich meer aangetrokken tot een loopbaan in de advocatuur dan in de politiek. Wars van eerzucht en uiterlijk vertoon. Lardeerde zijn speeches steeds met de nodige humor.