Ingenieur bij de Marine, die in het kabinet-Van Tienhoven minister van Marine was. Hij was meer technocraat dan politicus, maar steunde wel met overtuiging het kiesrechtvoorstel van Tak. Kwam in 1892 met een vlootplan, waardoor nieuwbouw bij de marine stelselmatiger plaatsvond dan voorheen. Werd in het kabinet-Pierson opnieuw minister en kwam toen met bouwplannen, die verder gingen dan die van zijn voorganger. Vanwege verzet in de Tweede Kamer daartegen trad hij al na een half jaar af. In 1905 keerde hij in de landspolitiek terug als liberaal Tweede Kamerlid voor een Haags district. Als Kamerlid sprak hij bijna alleen over de marine. Was ook enige jaren wethouder van Den Haag. Stille werker en beminnelijk man.