W.J. Geertsema

W.J. Geertsema
bron: Onze Afgevaardigden

Liberaal negentiende eeuws Tweede Kamerlid, zoon van minister J.H. Geertsema en grootvader van Molly Geertsema. Doorliep een ambtelijke loopbaan in Nederlands-Indië en was daarna tabaksondernemer op Java. Na terugkeer in Nederland Tweede Kamerlid voor het district Enschede en later voor een Amsterdams district. Was tevens gemeenteraadslid in de hoofdstad. Was zeer actief in het Nederlandse bedrijfsleven en stond bekend als een man met een grote overredingskracht.

oud- of vrije liberalen
functie(s) in de periode 1888-1901: lid Tweede Kamer

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Nevenfuncties
  5. Opleiding
  6. Activiteiten
  7. Wetenswaardigheden
  8. Publicaties van/over
  9. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Willem Jacob

titulatuur en naam

W.J. Geertsema Willem Jacob

geboorteplaats en -datum

Groningen, 31 maart 1845

overlijdensplaats en -datum

Driebergen, 7 augustus 1902

levensbeschouwing

Nederlands Hervormd

Partij/stroming

stroming(en)

  • (oud-)liberaal
  • anti-Takkiaan, 1894

Hoofdfuncties/beroepen

  • ambtenaar Algemene Secretarie van het Gouvernement te Batavia (Nederlands-Indië), van 1865 tot 1869
  • controleur derde (later tweede) klasse, Binnenlandsch Bestuur te Sumatra's Westkust (Nederlands-Indië), van 1 december 1869 tot 1 augustus 1874
  • controleur eerste klasse, Binnenlandsch Bestuur te Sumatra's Westkust, toegevoegd aan de militaire en civiele bevelhebber van Atjeh, van 1 augustus 1874 tot 1 oktober 1877
  • hoofd tabaksonderneming "Djelboek" te Bezoeki (Java, Ned.-Indië), van 1877 tot april 1887
  • bankier firma "Geertsema, Feith en Co." te Amsterdam, van 1887 tot 7 augustus 1902
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 1 mei 1888 tot 20 maart 1894 (voor het kiesdistrict Enschede)
  • lid gemeenteraad van Amsterdam, van 18 november 1891 tot 5 september 1893
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 13 oktober 1897 tot 17 september 1901 (voor het kiesdistrict Amsterdam VI)

Nevenfuncties

  • lid Centraal Comité "Vooruitgang"
  • ondervoorzitter Nederlandsche Heidemaatschappij, afdeling Amsterdam
  • lid Raad van Commissarissen Nederlansche Fabriek van Werktuigen en Spoorwegmaterieel, van 1891 tot 1902
  • lid Raad van Commissarissen N.V. "De Nederlandsche Bank"
  • lid Raad van Commissarissen Nederlandsch-Indische Handelsbank
  • lid Raad van Commissarissen handelsvereniging "Holland-Bombay"
  • lid Raad van Commissarissen Nederlandsche Scheepsbouwmaatschappij
  • lid Raad van Commissarissen stoomdrukkerij "De Fakkel"
  • lid Raad van Commissarissen Amsterdamsche Courant
  • lid Raad van Commissarissen Twentsche Bankvereeniging
  • lid Raad van Commissarissen Credietvereeniging voor Zuid-Afrika
  • directeur Instituut voor Doofstommen te Groningen, departement Amsterdam
  • penningmeester hoofdcommissie van ingezetenen voor de feestelijke ontvangst van Hare Majesteit de Koningin te Amsterdam bij gelegenheid van Harer Majesteits inhuldiging binnen Amsterdam in 1898

afgeleide functies, presidia etc.

voorzitter Commissie voor de Verzoekschriften (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van oktober 1888 tot september 1889

Opleiding

hoger beroepsonderwijs

  • opleiding Indische Instelling te Delft
  • groot-ambtenaarsexamen te Batavia, tot 1867

Activiteiten

als parlementariër

  • Sprak hoofdzakelijk over Indische Zaken in de Tweede Kamer

opvallend stemgedrag

  • Behoorde in 1889 tot de minderheid van 17 liberalen die vóór de wijziging van de Lager-onderwijswet van het kabinet-Mackay stemde

Wetenswaardigheden

verkiezingen

  • Versloeg in 1888 in het district Enschede J. van Alphen (arp) met 20 stemmen verschil. Werd in het district Almelo verslagen door W.C.I.J. Cremers (rk).
  • Versloeg in 1891 J.H.A.M. Essink (r.k.) na herstemming
  • Was bij de algemene verkiezingen in 1894 en 1897 geen Tweede Kamerkandidaat
  • Werd in 1897 bij een tussentijdse verkiezing in het district Amsterdam VI gekozen. Behaalde bij de herstemming evenveel (1225) stemmen als Th. Heemskerk (arp), waardoor Geertsema op grond van de Kieswet, als oudste, was gekozen.

woonplaats(en)/adres(sen)

  • Nederlands-Indië, van 1865 tot 1887
  • Amsterdam, vanaf 1887
  • Amsterdam, Herengracht 54, omstreeks 1891
  • Driebergen, Huize Welgelegen (buitenverblijf)

ridderorden

  • Officier in de Orde van Oranje-Nassau, 31 augustus 1898
  • Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw

relevante buitenlandse reizen

reis naar Indië, van 1894 tot 1897

Publicaties van/over

literatuur/documentatie

  • Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel III, 437
  • P. Hofland, "Leden van de raad. De Amsterdamse gemeenteraad 1814-1941" (1998)
  • Onze Afgevaardigden, 1897
  • Ned. Patriciaat, 1964

Biografisch Woordenboek(en)

biografie opgenomen in het Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

gehuwd te Fort de Kock (Ned.-Indië), 31 maart 1875

echtgeno(o)t(e)/partner

A.A. du Ry van Beest Holle, Antoinette Adelaide

kinderen

4 dochters en 2 zonen

vader

Mr. J.H. Geerstema, Johan Herman

geboorteplaats en/of -datum

Groningen, 30 juli 1816

moeder

A. Wichers, Arendina

geboorteplaats en/of -datum

Groningen, 29 november 1817

broers en zusters

1 broer en 3 zussen

beroep grootvader (vaderskant)

kantonrechter te 's-Gravenhage

familierelaties

  • Zoon van J.H. Geertsema, Tweede en Eerste Kamerlid, minister, staatsraad en Commissaris des Konings
  • Broer van C.C. Geertsema, Eerste Kamerlid en Commissaris van de Koningin
  • Grootvader van W.J. Geertsema, Tweede en Eerste Kamerlid, minister en Commissaris van de Koningin