Gefortuneerd liberaal Tweede Kamerlid voor het district Den Haag II (binnenstad). Was in Den Haag advocaat en gemeenteraadslid, en daarnaast actief in het bibliotheekwezen en het onderwijs. Volgde in 1902 als Kamerlid de waterstaatsdeskundige Conrad op. Hield zich als parlementariër ook met dat onderwerp bezig. Was tevens één van de liberale onderwijswoordvoerders, maar minder vooraanstaand dan bijvoorbeeld Roodhuyzen en Otto. Kalme, gematigde afgevaardigde. Moest zich in 1916 noodgedwongen terugtrekken als Kamerlid.