Gematigd conservatief Tweede Kamerlid en hoogleraar in Amsterdam. Zoon van de staatsrechtgeleerde J.M. Kemper. Steunde als lid van de Dubbele Kamer de Grondwetsherziening van 1848. Werd na de ontbinding van 1868 opnieuw gekozen. Als Kamerlid voor Hoorn nam hij actief deel aan de parlementaire werkzaamheden, maar zijn Kamerlidmaatschap eindigde na anderhalf jaar vanwege niet-herverkiezing. Zette zich vooral in voor het bevorderen van statistisch onderzoek en schreef diverse historische werken.