Belangrijk en bekwaam staatsman onder Willem I en Willem II. Doorliep een ambtelijke loopbaan in Nederlands-Indië en klom op tot vicepresident van de Raad voor Nederlandsch-Indië. Als waarnemend Gouverneur-Generaal en als minister van Koloniën een warm verdediger van de Nederlandse koloniale politiek, waarbij het cultuurstelsel veel financieel gewin opleverde. Na 1848 nog enige jaren conservatief Tweede Kamerlid, eerst voor het district Rotterdam en later voor Amsterdam.