Antirevolutionair Tweede Kamerlid van wie zowel de vader als grootvader Tweede Kamerlid waren. Was advocaat in Arnhem en huwde met de dochter van een Gelders Eerste Kamerlid. Volgde in 1901 in het district Amersfoort zijn neef Titus op. Tamelijk actief Kamerlid met conservatieve opvattingen op sociaal gebied. Verloor in 1913 verrassend zijn zetel aan De Beaufort; Amersfoort had sinds 1853 alleen maar 'rechtse' afgevaardigden gehad. Werd nadien raadsheer in Suriname en Egypte.