Regentenzoon uit Dordrecht die zitting had in de (Eerste) Nationale Vergadering. Hij werd in 1798 niet gevangen gezet, maar legde na de staatsgreep van januari wel het lidmaatschap van de Nationale Vergadering neer. Keerde in juli 1798 echter terug in het Vertegenwoordigend Lichaam. Later was hij commissaris voor Oorlog en lid van de Raad voor de Amerikaanse bezittingen. In 1814 behoorde hij tot de Grondwetsnotabelen. Mede aan zijn initiatief was het rijkstoezicht op de waterstaat te danken.