Vooraanstaand negentiende-eeuws liberaal uit een deftige Dordtse familie. In die stad reder en vicepresident van de Kamer van Koophandel. Was Tweede Kamerlid voor het district Dordrecht en sprak met een krachtige stem over handelsaangelegenheden. Groot voorstander van vrijhandel en van afschaffing van accijnzen. In een door hem ingediende motie werd in 1868 de kamerontbinding afgekeurd. Als minister van Financiën in het derde kabinet-Thorbecke trachtte hij tevergeefs een inkomstenbelasting in te voeren. Keerde nadien terug als afgevaardigde voor het district Deventer.