liberaal
functie(s) in de periode 1840-1878: lid Tweede Kamer, Provinciaal Gouverneur, Commissaris van de Koning(in)
Personalia
voornamen (roepnaam)
Jan Ernst
titulatuur en naam
Mr. J.E. baron van Panhuijs Jan Ernst
wijziging in naam en/of titulatuur
J.E. van Panhuijs
geboorteplaats en -datum
Groningen, 12 juli 1808
overlijdensplaats en -datum
's-Gravenhage, 25 oktober 1878
Partij/stroming
stroming(en)
- "financiële oppositie" (ten tijde van koning Willem I en koning Willem II)
- liberaal
Hoofdfuncties/beroepen
- advocaat en procureur te Groningen, van 1833 tot 1 oktober 1838
- rechter Arrondissementsrechtbank te Winschoten, van 1 oktober 1838 tot 1 december 1848
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 19 oktober 1840 tot 13 december 1848 (voor de provincie Groningen)
- Gouverneur van Friesland, van 1 december 1848 tot 20 december 1849
- Commissaris des Konings in Friesland, van 1 augustus 1850 tot 9 juni 1878
Nevenfuncties
- lid Staatscommissie tot onderzoek van de rekening der koloniale remises, 1842
- lid Staatscommissie tot onderzoek van de rekening der koloniale remises, 1844
- lid College van Curatoren Hogeschool te Groningen, van 16 april 1849 tot 25 oktober 1878
afgeleide functies, presidia etc.
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van oktober 1846 tot februari 1847
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van juli 1847 tot maart 1848
- lid Commissie van Rapporteurs voor de voorstellen tot Grondwetsherziening (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 16 maart 1848 tot september 1848
Opleiding
In de uitgebreide versie is een overzicht van de opleiding(en) opgenomen.
Activiteiten
als parlementariër (5/10)
- Behoorde in 1845 tot de 19 leden die tegen hoofdstuk I van de begroting voor 1846 en 1847 stemden. De begroting werd met 37 tegen 19 stemmen aangenomen.
- Behoorde in 1845 tot de meerderheid die tegen het wetsvoorstel inzake onteigening ten algemene nutte stemde. Het wetsvoorstel werd met 31 tegen 20 stemmen verworpen.
- Behoorde in 1847 tot de 23 leden die tegen hoofdstuk IV (Justitie) van de begroting voor 1848 en 1849 stemden. De begroting werd met 35 tegen 23 stemmen aangenomen.
- Behoorde in 1847 tot de meerderheid die tegen het wetsvoorstel over het stemrecht in steden en op het platteland stemde. Het wetsvoorstel werd met 31 tegen 27 stemmen verworpen.
- Stemde in 1848 tegen de hoofdstukken II en IV van de nieuwe Grondwet
In de uitgebreide versie is een overzicht van opvallend stemgedrag opgenomen.
Wetenswaardigheden
uit de privésfeer
- Zijn vader was kapitein der infanterie, rentmeester van de Stad Groningen en Statenlid in Groningen
- Zijn broer Ulrich was lid van Gedeputeerde Staten van Groningen
predicaten/adellijke titels
Publicaties van/over
literatuur/documentatie
Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel X, 708
Biografisch Woordenboek(en)
biografie opgenomen in het Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek
Familie/gezin
In de uitgebreide versie zijn, indien bekend, de familierelaties opgenomen.