Mr. G. van Leeuwen

G. van Leeuwen
bron: RKD

Alkmaarse officier van justitie die een trouw volgeling was van een gematigde monarchie en daarmee tegenstander van de Grondwetsherziening van 1848. Vurig aanhanger van Huis van Oranje en verdediger van de ongedeelde Hervormde kerk. Arbeidzaam man, die vele functies op waterstaat- en onderwijskundig gebied en in de Hervormde kerk bekleedde. Kwam in de Tweede Kamer op voor de belangen van de gegoede klasse, maar deed dat meer door stemgedrag dan door het houden van lange betogen. In de omgang minzaam, gematigd en wellevend. Bleef tot op hoge leeftijd maatschappelijk actief.

behoudend (vóór 1848)
functie(s) in de periode 1840-1849: buitengewoon lid Tweede Kamer, lid Tweede Kamer

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Partijpolitieke functies
  5. Nevenfuncties
  6. Opleiding
  7. Activiteiten
  8. Wetenswaardigheden
  9. Publicaties van/over
  10. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Gerrit

titulatuur en naam

Mr. G. van Leeuwen Gerrit

geboorteplaats en -datum

Alkmaar, 26 januari 1795

overlijdensplaats en -datum

Alkmaar, 12 maart 1872

Partij/stroming

stroming(en)

  • regeringsgezind (onder Willem II)
  • conservatief (na 1848)

Hoofdfuncties/beroepen

  • advocaat bij de rechtbank van eerste aanleg te Alkmaar, van 13 januari 1818 tot maart 1821
  • substituut-officier van justitie, rechtbank van eerste aanleg te Alkmaar, van 1 april 1821 tot 1 november 1833
  • officier van justitie, rechtbank van eerste aanleg te Alkmaar, van 1 november 1833 tot 1 oktober 1838
  • officier van justitie, Arrondissementsrechtbank te Alkmaar, van 1 oktober 1838 tot 1 mei 1861
  • buitengewoon lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 5 augustus 1840 tot 5 september 1840 (voor Holland)
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 21 oktober 1845 tot 13 februari 1849 (voor Noord-Holland)
  • schoolopziener, negende district van Noord-Holland, van 1 juni 1851 tot 1852
  • schoolopziener, derde district van Noord-Holland, van 1852 tot 1861

Partijpolitieke functies

overzicht

  • voorzitter conservatieve kiesvereniging "Vaderland en Koning" te Alkmaar, van 1856 tot 1868 (oprichter)
  • voorzitter algemene kiesvereniging, district Alkmaar, van 1868 tot 12 maart 1872

Nevenfuncties

  • lid bestuur der gevangenissen te Alkmaar, van 1821 tot 1839
  • tweede luitenant schutterij te Alkmaar, van 1823 tot 1828
  • lid bestuur (later voorzitter) Genootschap tot zedelijke verbetering van gevangenen te Alkmaar, van 1823 tot 1871
  • plaatsvervangend notabele Nederlandse Hervormde Kerk te Alkmaar, van 1825 tot 1833
  • lid subcommissie Alkmaar, Maatschappij van Weldadigheid, van 1826 tot 1847
  • eerste luitenant schutterij te Alkmaar, van 1828 tot 1835
  • lid provinciale commissie voor de landbouw in Noord-Holland, van 1829 tot 1851
  • lid Schutterijraad van Alkmaar, van 1829 tot 1835
  • lid provinciale commissie voor het onderwijs in Noord-Holland, van 1831 tot 1846
  • schoolopziener derde district van Noord-Holland, van 1831 tot 1846
  • secretaris Hoogheemraadschap "Uitwaterende sluizen in Kennemerland en West-Friesland", van 1832 tot 1864
  • hoofdingeland waterschap polder Heerhugowaard, van 1832 tot 1839
  • notabele Nederlandse Hervormde Kerk te Alkmaar, van 1833 tot 1844
  • waarnemend penningmeester polder Zijpe, van 1833 tot 1837
  • lid Collegie van Regenten over het Huis van Arrest te Alkmaar, van juli 1839 tot 1856
  • hoofdingeland polder Zijpe, van 1837 tot 1869
  • dijkgraaf waterschap polder Heerhugowaard, van 1839 tot 1860
  • hoogheemraad Hoogheemraadschap "De Hondsbossche en Duinen tot Petten", van 1838 tot 12 maart 1872
  • secretaris College van Notabelen der Nederlandse Hervormde Kerk te Alkmaar, van 1844 tot 1862
  • lid plaatselijke schoolcommissie te Alkmaar, van 11 februari 1847 tot 1854
  • voorzitter Maatschappij van Weldadigheid, subcommissie Alkmaar, van 1847 tot 12 maart 1872
  • lid College van Curatoren Latijnse school te Alkmaar, van 1849 tot 1855
  • ouderling Nederlandse Hervormde gemeente te Alkmaar, vanaf 1850
  • lid Commissie van liquidatie der zaken der voormalige wees- en momboirkamers, van juni 1852 tot 12 maart 1872
  • lid bestuur classis der Nederlandse Hervormde gemeente te Alkmaar, van 1853 tot 1862
  • lid commissie Fonds ter aanmoediging en ondersteuning van de gewapende dienst in de Nederlanden, district Alkmaar, van 1854 tot 1862
  • vicepresident Collegie van Regenten over het Huis van Arrest te Alkmaar, van 1856 tot 1871
  • voorzitter commissie Fonds ter aanmoediging en ondersteuning van de gewapende dienst in de Nederlanden, district Alkmaar, vanaf 1862
  • voorzitter College van Notabelen der Nederlandse Hervormde Kerk te Alkmaar, van 1862 tot december 1869
  • (tweede) provinciaal ouderling, van 1862 tot 1865

Opleiding

primair onderwijs

  • kostschool van J.H. Pittoni te Bodegraven, van 1802 tot 1807

voortgezet onderwijs

  • gymnasium te Utrecht, van september 1807 tot juni 1812

academische studie

  • Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op dissertatie), Hogeschool te Utrecht, van 22 juni 1812 tot 19 december 1817

Activiteiten

als parlementariër

  • Behoorde in 1847 tot de meerderheid die tegen het wetsvoorstel over het stemrecht in steden en op het platteland stemde. Het wetsvoorstel werd met 31 tegen 27 stemmen verworpen.
  • Stemde in 1848 tegen de hoofdstukken I, III (over de Staten-Generaal), IV, VI, IX en de additionele artikelen van de nieuwe Grondwet
  • Keerde zich tegen een onbindbare Eerste Kamer en was voorstander van door de koning benoemde leden van die Kamer

Wetenswaardigheden

uit de privésfeer

  • In Utrecht studiegenoot van J. Op den Hooff en C.A. den Tex, die ook zijn paranymfen waren
  • Medeoprichter van de Maatschappij van Nijverheid (als voorzetting van de door hem opgerichte economische tak van de Hollandsche Maatschappij der Wetenschappen)
  • Zijn echtgenote was een nazaat van Joannes Vollenhove, hofprediker van koning Willem III. Zij was geboren in Colombo (Ceylon).
  • Zijn moeder was een nicht (oomzegger) van C. van Foreest, lid Vertegenwoordigend Lichaam, lid Wetgevend Lichaam en lid Notabelenvergadering. Zij was voorts een volle nicht van jhr. Dirk van Foreest, Tweede Kamerlid.
  • Zijn vader was houtkoper en wethouder van Alkmaar

verkiezingen

  • Werd in 1848 verslagen door S.A. de Moraaz (lib.)

woonplaats(en)/adres(sen)

Alkmaar

ridderorden

  • Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 1842
  • Ridder in de Orde van de Eikenkroon, mei 1861

verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.

  • lid Hollandsche Maatschappij van Nijverheid te Haarlem
  • lid Maatschappij der Nederlandsche Letterkunde te Leiden

militaire dienst

  • stuurmans-leerling bij de Franse Marine, van september 1813 tot december 1813 (aan boord van het admiraalschip 'le Prince' tweede secretaris van admiraal VerHuell)
  • vrijwilliger (sergeant) Compagnie vrijwilliger jagers der Utrechtse studenten, 1815

Publicaties van/over

lijst van publicaties

  • "De effectu juris dominii agrorum magis minusve circumscripti in populorum et patriam agriculturam" (dissertatie, 1817)
  • "Staatshuishoudkundige verhandeling over den invloed eener mindere of meerdere beperking des Grondeigendoms op den Landbouw der volken, toegepast op ons Vaderland" (vertaling van zijn dissertatie, 1818)

literatuur/documentatie

Levensbericht door P. van Bemmelen, in: Levensberichten van leden van de Maatschappij der Nederlandsche Letterkunde, 1872, 245

Biografisch Woordenboek(en)

biografie opgenomen in het Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek

publicaties over en van letterkundigen

biografie

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

gehuwd te Alkmaar, 24 juni 1824

echtgeno(o)t(e)/partner

M.J. Vollenhove, Maria Jacoba

kinderen

3 zonen (oudste zoontje overleed op 4-jarige leeftijd)

vader

J. van Leeuwen, Johannes

geboorteplaats en/of -datum

Alkmaar, 1764

moeder

Jkvr. D. van Foreest, Debora

geboorteplaats en/of -datum

Alkmaar, 16 oktober 1768