Algemeene Bond (RKSP)
functie(s) in de periode 1918-1935: minister, lid Algemene Rekenkamer
Personalia
voornamen (roepnaam)
George August Alexander
titulatuur en naam
Jhr. G.A.A. Alting von Geusau George August Alexander
opmerkingen over de naam en/of titel
- Officieel was de achternaam 'Van Geusau'
- Bij K.B. van 4 maart 1837, no. 109 was naamstoevoeging verleend aan jhr. Willem Arnold von Geusau
geboorteplaats en -datum
Arnhem, 24 april 1864
overlijdensplaats en -datum
's-Gravenhage, 9 oktober 1937
levensbeschouwing
Rooms-Katholiek
Hoofdfuncties/beroepen
- tweede luitenant der infanterie, vanaf 10 juli 1883
- tweede luitenant bij het eerste regiment infanterie, ter beschikking van de inspecteur infanterie, van 1 januari 1885 tot 16 mei 1885
- tweede luitenant bij het tweede regiment infanterie, van 16 mei 1885 tot 1 februari 1888
- eerste luitenant bij het tweede regiment infanterie, van 1 februari 1888 tot 1890
- eerste luitenant, gedetacheerd bij de elfde afdeling Krijgsschool, van 1890 tot 1 oktober 1893
- eerste luitenant, regiment grenadiers en jagers, van 1 oktober 1893 tot 1 december 1900 (werkzaam op het bureau van de commandant van het veldleger)
- adjudant van de chef-staf van de derde divisie infanterie te Breda, van 1 december 1900 tot 1904
- officier belast met onderwijs, KMA (Koninklijke Militaire Academie) te Breda, van 1904 tot 1905
- kapitein bij het regiment grenadiers en jagers, van 1 november 1905 tot 1 mei 1909
- majoor, vierde regiment infanterie te Leiden, van 1 mei 1909 tot 1 september 1910
- majoor van de Generale Staf, gedetacheerd bij het ministerie van Oorlog, van 1 september 1910 tot 1 mei 1913
- directeur-generaal (Staatsbedrijf der) Posterijen en Telegrafie, van 1 mei 1913 tot 9 september 1918
- minister van Oorlog, van 9 september 1918 tot 5 januari 1920
- minister van Marine ad interim, van 9 september 1918 tot 16 september 1918 (in afwachting benoeming W. Naudin ten Cate)
- lid Algemene Rekenkamer, van 1 juli 1920 tot 1 januari 1935 (benoemd bij K.B. van 18 juni 1920)
officiersrangen
- tweede luitenant der infanterie, van 15 juli 1883 tot 1 februari 1888
- eerste luitenant der infanterie, van 1 februari 1888 tot 1 november 1900
- kapitein der infanterie, van 1 november 1900 tot 1 mei 1909
- majoor der infanterie, van 1 mei 1909 tot 1 mei 1913
- luitenant-kolonel der infanterie b.d., vanaf 1 mei 1913 (titulair)
Partijpolitieke functies
overzicht
- adviseur omtrent het militaire vraagstuk, Algemeene Bond van R.K. Kiesvereenigingen, van 1907 tot 1908
Nevenfuncties
- voorzitter commissie soldijregeling onderofficieren, 1911
- lid commissie verpleging van veldleger, landweer en stellingen, van 1912 tot 1913
Opleiding
hoger beroepsonderwijs
- officiersopleiding KMA (Koninklijke Militaire Academie) te Breda, van 2 september 1879 tot juli 1883 (sinds 1 juli 1882 korporaal)
Activiteiten
als bewindspersoon (beleidsmatig)
- Dwong C.J. Snijders in november 1918 ontslag te nemen als opperbevelhebber. Snijders verzette zich tegen reorganisatie van het leger, die noodzakelijk werd geacht na de onlusten in het leger, onder andere in legerkamp Harskamp. Het ontslag werd op meest eervolle wijze bij K.B. van 9 november 1918 verleend.
als bewindspersoon (wetgeving)
- Bracht in 1919 een wijziging van de Landstormwet tot stand, waardoor er een wettelijke basis werd gegeven aan de Vrijwillige Landstorm
Wetenswaardigheden
algemeen
- Deelde op 22 december 1919 mee zijn ontslag in te dienen, hoewel de begroting voor Oorlog 1920 was aangenomen. Tijdens de behandeling nam de Tweede Kamer een groot aantal amendementen (vooral ingediend door Marchant) aan, om diverse begrotingsposten te verlagen.
uit de privésfeer
- Zijn echtgenote was een kleindochter van J.M. Swart, buitengewoon Tweede Kamerlid in 1848
woonplaats(en)/adres(sen)
's-Gravenhage, Nicolaïstraat 17, omstreeks 1915
ridderorden
- Ridder in de Orde van Oranje-Nassau met de zwaarden, 27 september 1900
- Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, april 1913
overige onderscheidingen en prijzen
onderscheidingsteken (XXV) voor langdurige Nederlandse dienst als officier, 6 december 1898
Familie/gezin
huwelijk/samenlevingsvorm
gehuwd te Maastricht, 3 september 1888
echtgeno(o)t(e)/partner
M.J.J.B. Swart, Maria Johanna Josephina Bertha
kinderen
1 zoon en 1 dochter
vader
Jhr. W.A. Alting von Geusau, Willem Arnold
geboorteplaats en/of -datum
's-Gravenhage, 18 juni 1836
beroep vader
officier der artillerie (hoogste rang: luitenant-kolonel)
moeder
M.E.J. Colen, Marie Emanuela Julie
geboorteplaats en/of -datum
Sittard, 19 augustus 1842
broers en zusters
5 broers en 1 zus
beroep grootvader (vaderskant)
raadsheer Gerechtshof te Maastricht