J.D.C.C.W. baron d'Ablaing van Giessenburg

J.D.C.C.W. baron d' Ablaing van Giessenburg
bron: Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie

Vurige orangist, die in 1799 aan Pruisische en Engelse zijde meestreed tegen de Bataafse Republiek en die tot 1813 weigerde een regeringspost te aanvaarden. In 1814 lid van de Notabelenvergadering die over de Grondwet stemde. Na 1815 hofmaarschalk van de Prins van Oranje. Vocht in 1830/1831 mee tegen de Belgen. Als Utrechtse landedelman, hij woonde op de ridderhofstad Moersbergen, gekozen tot Tweede en Eerste Kamerlid. Stemde in 1848 tegen de grondwetsherziening.

behoudend (vóór 1848), conservatief
functie(s) in de periode 1848-1859: lid notabelenvergadering, buitengewoon lid Tweede Kamer, lid Tweede Kamer, lid Eerste Kamer

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Nevenfuncties
  5. Activiteiten
  6. Wetenswaardigheden
  7. Publicaties van/over
  8. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Johan Daniël Cornelis Carel Willem

titulatuur en naam

J.D.C.C.W. baron d'Ablaing van Giessenburg Johan Daniël Cornelis Carel Willem

geboorteplaats en -datum

Utrecht, 6 juni 1779

overlijdensplaats en -datum

Doorn, 27 juni 1859

levensbeschouwing

Gereformeerd (Ned. Hervormd)

Partij/stroming

stroming(en)

  • orangist
  • conservatief

Hoofdfuncties/beroepen

  • landeigenaar en ambachtsheer
  • krijgsdienst te Osnabrück (o.l.v. prins Frederik)
  • commissaris-generaal voor de Russische en Pruisische legers, vanaf januari 1814
  • landeigenaar, landgoed Moersbergen (600 ha.)
  • lid Vergadering van Notabelen, 29 en 30 maart 1814 (voor het departement Zuiderzee)
  • lid Provinciale Staten van Utrecht, van 19 september 1814 tot 1 juli 1817 (voor de Ridderschap)
  • intendant-generaal leger te velde in de rang van generaal-majoor, vanaf 1814
  • lid Provinciale Staten van Utrecht, van 1 juli 1845 tot september 1848 (voor de landelijke stand, district Amerongen)
  • buitengewoon lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 18 september 1848 tot 8 oktober 1848 (voor de provincie Utrecht)
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 16 oktober 1848 tot 13 februari 1849 (voor de provincie Utrecht)
  • lid Provinciale Staten van Utrecht, van 19 november 1850 tot 14 augustus 1851 (voor het kiesdistrict Amersfoort)
  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 14 augustus 1851 tot 15 mei 1859 (voor de provincie Utrecht)

Nevenfuncties

  • kamerheer van soeverein vorst, later koning Willem I, van 1814 tot 1816
  • lid Ridderschap van Holland, van 1814 tot 1840
  • hofmaarschalk van de Prins van Oranje, van 24 september 1815 tot 1816
  • lid hoofdbestuur van het Metalen Kruis
  • grootofficier van de Kroon
  • erfwatergraaf van de Overwaard
  • commandant afdeling mobilisatie, schutterij te Utrecht, van oktober 1830 tot februari 1831
  • kolonelcommandant afdeling mobilisatie, schutterij te Bergen op Zoom, vanaf februari 1831
  • lid Ridderschap van Zuid-Holland, van 1840 tot 1841
  • lid Ridderschap van Utrecht, van 1841 tot 27 juni 1859
  • commandant rustende schutterij te Utrecht

afgeleide functies, presidia etc.

  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van september 1851 tot december 1851
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van september 1858 tot december 1858

Activiteiten

als parlementariër

  • Stemde in 1848 tegen de hoofdstukken I, II, III (over de Staten-Generaal), IV, IX en de additionele artikelen van de nieuwe Grondwet
  • Stemde in 1851 als Eerste Kamerlid tegen de ontwerp-Onteigeningswet
  • Behoorde in 1855 tot de zeven leden die vóór (verworpen) wetsvoorstellen over officierspensioenen stemden. Een meerderheid keerde zich tegen het verlenen van volledig pensioen aan buitenlandse officieren die niet in Nederlands woonden.
  • Stemde in 1855 (vaak als enige) tegen diverse wetsvoorstellen over vereniging met grotere gemeenten van zeer kleine gemeenten zoals Meerdervoort, Zouteveen, Sandelingen-Ambacht, Strijensas, Abtsregt en Ackersdijk en Vrouwenregt.

Wetenswaardigheden

algemeen

  • Deelde aan het einde van de vergadering van 14 mei 1859 mee dat hij vanwege zijn hoge leeftijd ontslag nam als Eerste Kamerlid

uit de privésfeer

  • Een zoon van hem was gehuwd met een dochter van jhr. D.F. van Alphen, Tweede Kamerlid
  • Zijn schoonzoon Ch.Th.J. Constant Rebecque was secretaris van de Raad van State
  • Zijn vader was kamerheer van Frederik II van Pruisen, lid van het College van Geëligeerden van Utrecht, lid van de Admiraliteit te Harlingen en lid van de Generaliteits Rekenkamer voor Utrecht

verkiezingen

  • Werd in 1847 bij de verkiezing van een Tweede Kamerlid in Provinciale Staten van Utrecht verslagen door N.P.J. Kien. Hij kreeg in de derde stemmingsronde 17 stemmen, tegen 19 voor Kien.
  • Werd in 1848 bij de algemene verkiezingen in het kiesdistrict Amersfoort na herstemming verslagen door S. van Walchren
  • Werd in 1856 bij de periodieke verkiezingen van de Eerste Kamer in Provinciale Staten van Utrecht met 27 van de 32 stemmen herkozen

woonplaats(en)/adres(sen)

  • Osnabrück, vanaf 1795
  • Lingen, omstreeks 1799
  • Doorn, landgoed Moersbergen, tot 1859

ridderorden

  • Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw
  • Ridder vierde klasse, Militaire Willemsorde

predicaten/adellijke titels

  • jonkheer, 28 augustus 1814
  • baron, 8 juli 1816

bezit van heerlijkheden

  • heer van Giessenburg, Giessen-Nieuwkerk en Cadzand
  • heer van Moersbergen, 1819
  • heer van Vörde, Stockum en Camp zum Thurm

Publicaties van/over

literatuur/documentatie

Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel II, 4

Biografisch Woordenboek(en)

biografie opgenomen in het Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

  • gehuwd te 's-Graveland, 28 oktober 1800 (echtgenote overleden 23 november 1826)
  • gehuwd (tweede huwelijk) te Raalte, 16 maart 1827

echtgeno(o)t(e)/partner

H.E. Corver Hooft, Henriëtta Elisabeth

2e echtgeno(o)t(e)/partner

A.O. barones Rengers, Albertine Otteline

kinderen

  • 7 zoons en 3 dochters (uit eerste huwelijk)
  • 1 zoon en 1 dochter (uit tweede huwelijk)

vader

Mr. J.C. baron d'Ablaing van Giessenburg, Jan Cornelis (oorspronkelijk Jean Corneille)

geboorteplaats en/of -datum

Utrecht, 27 oktober 1735

moeder

J.M.F.I.J.F. freiin von Syberg-Vorde, Juliana Maria Francisca Isabella Johanna Frederica (tweede echtgenote van de vader)

geboorteplaats en/of -datum

Vörde bij Wezel (Dld.), 5 juli 1752

beroep grootvader (vaderskant)

  • lid College van Geëligeerden van Utrecht
  • gedeputeerde ter Staten-Generaal voor Utrecht, van 1747 tot 1775

familierelaties