A.H.A. (Antoine) Arts

A.H.A. Arts
bron: Gemeentearchief Tilburg

Sociaal voelend katholiek Tweede Kamerlid uit Tilburg uit de eerste decennia van de twintigste eeuw. Vocht als luitenant der Zouaven (pauselijke vrijwilligers) in 1870 mee in de kerkelijke staat mee tegen de Garibaldisten. Dat had sterke invloed op zijn verdere loopbaan. Werd journalist en hoofdredacteur van de Nieuwe Tilburgse Courant. Werd gekozen als onafhankelijk lid, maar sloot zich aan bij de Katholieke Kamerclub. In Tilburg een gewaardeerd Kamerlid, maar hij verloor na de invoering van de evenredige vertegenwoordiging zijn zetel omdat zijn partij hem te oud vond. Kwam bij de verkiezingen van 1922 met een eigen lijst, waarop verder alleen zijn zoon Pius stond. Die zoon werd in 1925 Tweede Kamerlid.

Rooms-Katholieken, Algemeene Bond (RKSP)
functie(s) in de periode 1901-1922: lid Tweede Kamer

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Partijpolitieke functies
  5. Nevenfuncties
  6. Activiteiten
  7. Wetenswaardigheden
  8. Publicaties van/over
  9. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Antonius Henricus Arnoldus

titulatuur en naam

A.H.A. Arts Antonius Henricus Arnoldus (Antoine)

geboorteplaats en -datum

Arnhem, 20 april 1845

overlijdensplaats en -datum

Tilburg, 31 maart 1926

levensbeschouwing

Rooms-Katholiek

Partij/stroming

partij(en)

  • RKSP (Roomsch-Katholieke Staatspartij), tot juli 1922
  • Lijst-Arts, juli 1922 (Tweede Kamerverkiezingen)
  • RKVP (Rooms-Katholieke Volkspartij), vanaf december 1922

Hoofdfuncties/beroepen

  • kassier Bankierskantoor te Arnhem, tot 1865
  • officier pauselijk leger (Zouaaf) te Rome, van 10 februari 1866 tot september 1870 (tweede luitenant vanaf 1868, later eerste luitenant)
  • vertegenwoordiger van Handelskantoor te 's-Hertogenbosch, vanaf 1875
  • eigenaar drukkerij te Tilburg, vanaf 1878
  • hoofdredacteur "De Kruisvaan", blad van de Algemeene Nederlandsche Zouaven-Bond
  • uitgever en hoofdredacteur "Nieuwe Tilburgse Courant (sinds 1879 "Tilburgsch Dagblad", sedert 1880 dagblad), vanaf 1878
  • lid gemeenteraad van Tilburg, van 15 februari 1897 tot 7 september 1897
  • lid gemeenteraad van Tilburg, van 3 september 1901 tot 7 oktober 1913 (gekozen in het district Tilburg-Heuvel)
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 18 december 1901 tot 24 juli 1922 (in 1901-1918 voor het kiesdistrict Tilburg)

Partijpolitieke functies

overzicht

  • tweede secretaris R.K.-Kamerclub, Tweede Kamer der Staten-Generaal, van september 1918 tot 24 juli 1922

Nevenfuncties

  • voorzitter Nederlandsche Roomsch-Katholieke Journalisten-vereeniging
  • secretaris Sint Bonifaciusbond, de Nederlandsche Zouavenbond, vanaf 12 augustus 1876
  • lid Raad van Toezicht Algemeene Nederlandsche Zouaven-Bond, vanaf 1894

afgeleide functies, presidia etc.

  • voorzitter Commissie van Rapporteurs voor hoofdstuk VIIb (Financiën) 1905 (Tweede Kamer der Staten-Generaal)
  • lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van januari 1918 tot april 1918
  • voorzitter begrotingscommissie voor hoofdstuk VI (Marine) 1920 (Tweede Kamer der Staten-Generaal)
  • lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van april 1920 tot september 1920
  • lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van april 1921 tot februari 1922

Activiteiten

als parlementariër

  • Sprak in de Tweede Kamer onder meer over waterstaat, justitie, militaire zaken, arbeid en financiën

opvallend stemgedrag

  • Behoorde in 1902 tot de drie katholieken die vóór een (verworpen) amendement-Drucker stemden om de ontheffing voor nachtarbeid in haringrokerijen slechts tijdelijk te laten zijn
  • Behoorde in 1914 tot de zeven leden van zijn fractie die tegen de ontwerp-Wet op de inkomstenbelasting stemden
  • Behoorde in 1915 tot de minderheid van zijn fractie die vóór een motie-Albarda stemde over staatsexploitatie van de olievelden in Djambi
  • Behoorde in 1916 met Duynstee en Van Wijnbergen tot de minderheid van zijn fractie die tegen de ontwerp-Eedswet stemde
  • Behoorde in 1916 tot de minderheid van zijn fractie die vóór een motie-Schaper stemde waarin koppeling van een pensioenbelasting en een ouderdomspensioen werd afgewezen
  • Behoorde in 1916 tot de drie katholieken die vóór een amendement-Lohman stemden om vrouwen niet het passief kiesrecht te verlenen
  • Behoorde in 1920 tot de vijf leden van zijn fractie die tegen de (verworpen) ontwerp-wet maatregelen ter bestrijding van het onredelijk opdrijven en hoog houden van prijzen ('Duurtewet') stemden
  • In 1921 stemden hij en Van Rijzewijk als enigen van hun fractie tegen het wetsontwerp Heffing van een tabaksaccijns
  • Behoorde in 1921 tot de negen leden van zijn fractie die vóór de (aangenomen) motie-Van Beresteyn/Marchant stemden, waarin om heroverweging van de ontwerp-Electriciteitswet werd gevraagd
  • In 1922 stemden hij en Swane als enigen van hun fractie bij de eerste lezing van grondwetsherziening tegen hoofdstuk III (Staten-Generaal)

Wetenswaardigheden

algemeen

  • Behoorde tot het vooruitstrevende deel van de katholieke Kamerfractie
  • Kwam in 1922 niet meer op de verkiezingslijst van de RKSP, zgn. omdat hij te oud zou zijn. In werkelijkheid was hij eruit gewerkt door het bestuur.
  • Was in 1922 lijsttrekker bij de Tweede Kamerverkiezingen. Op de lijst stond naast zijn eigen naam alleen die van zijn zoon.

uit de privésfeer

  • Werd in 1866 statenloos na indiensttreding als zouaaf zonder toestemming van de koning.
  • Was krijgsgevangene in 1870. Keerde na de inname van Rome in september 1870 terug naar Nederland.
  • Werd op 25 februari 1896 tot lid van de gemeenteraad van Tilburg gekozen, maar werd op grond van zijn statenloosheid geschrapt van de kiezerslijst. Hij diende niet zijn geloofsbrieven in. Liet zich op 2 januari 1897 (opnieuw) tot Nederlander naturaliseren Na zijn hernaturalisatie werd hij alsnog tot raadslid gekozen

verkiezingen

  • Werd in 1897 in het district Tilburg verslagen door B.M. Bahlmann (r.k.)
  • Werd in 1898 bij een tussentijdse verkiezing in het district Tilburg verslagen door J.F. Jansen (r.k.)
  • Versloeg in 1901 A.L.J. van Waesberghe (r.k.) na herstemming
  • Versloeg in 1905 F.P.J.M. van Dooren (r.k.)
  • Versloeg in 1909 H. Spiekman (sdap)
  • Versloeg in 1913 J. van Rijzewijk (r.k.)
  • Werd in 1917 bij enkelvoudige kandidaatstelling gekozen

woonplaats(en)/adres(sen)

Tilburg

ridderorden

Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 31 augustus 1910

buitenlandse onderscheidingen

  • militaire orde Heilige Gregorius de Grote
  • Mentanakruis
  • gouden medaille Bene-Merenti der Romeinsche veldslagen

Publicaties van/over

literatuur/documentatie

  • Mr. Antonio, "De heer Arts", Parlementaire Portretten, Nieuwe Reeks CCXXX, De Telegraaf, 2 juli 1904
  • N.M. Bours, scriptie Staatkundig-Historische Studiën, RU Leiden (z.j.)
  • J.P.A. Petermeijer, "A.H.A. Arts", in Brabantse Biografieën, deel 3
  • Onze Afgevaardigden, 1901, 1905, 1909 en 1913

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

gehuwd te Arnhem, 25 april 1872

echtgeno(o)t(e)/partner

C.S.A. Reh, Cornelia Susanna Aleijda

kinderen

8 kinderen

vader

Ch.A. Arts, Chrétien Antoine

geboorteplaats en/of -datum

Achel (Zuidelijke Nederlanden), 11 maart 1811

beroep vader

  • gemeenteambtenaar te Arnhem (1843-1845)
  • fabrikant

moeder

B. Coman, Berendina

geboorteplaats en/of -datum

Duiven, 2 februari 1810

familierelaties