De Tweede Kamer stelde een onderzoek in naar de kredietcrisis van 2008. Het ging daarbij in een eerste onderzoeksronde om de structurele problemen in het financieel stelsel. Vanaf november 2011 kwamen de door het kabinet vanaf september 2008 genomen maatregelen met name om het bankwezen te ondersteunen aan de orde. Dit laatste gebeurde in de vorm van een parlementaire enquête, waarbij getuigen onder ede werden verhoord.
Doel van het onderzoek is een bijdrage te leveren aan het adequaat functioneren van het financieel stelsel in het algemeen en in Nederland in het bijzonder. Naast studies zijn openbare verhoren onderdeel van het onderzoek.
Op 24 juni 2009 werd de tijdelijke onderzoekscommissie ingesteld met als voorzitter Jan de Wit (SP). Ondervoorzitter was tot 2010 Jan Schinkelshoek (CDA). Het tweede deel van het onderzoek zal plaatsvinden in de vorm van een parlementaire enquête. Daartoe werd op 16 november een enquêtecommissie ingesteld, met Jan de Wit als voorzitter en Helma Neppérus (VVD) als ondervoorzitter.
De openbare verhoren van het eerste deel vonden plaats van 18 januari tot en met 4 februari 2010. De resultaten daarvan werden op 10 mei 2010 gepresenteerd. In september 2010 vond een debat plaats met de Tweede Kamer en in maart 2011 was er een debat met minister De Jager over de kabinetsreactie op het rapport. De tweede ronde verhoren (als parlementaire enquête) was van 7 november tot en met 9 december 2011.
De commissie was echter niet tevreden met de beantwoording van vragen rond de aankoopkosten van ABN Amro - Fortis NL en hield daarom eind januari 2012 aanvullende verhoren. Het eindrapport van de commissie verscheen op 11 april 2012.
Eind juni 2012 debatteerde de Tweede Kamer over het eindrapport van de commissie. De aanbevelingen van de commissie werden overgenomen. De Tweede Kamer debatteerde in februari 2013 met het kabinet over het eindrapport.
Voorgeschiedenis
In september 2008 moest het kabinet allerlei maatregelen nemen om te voorkomen dat bankinstellingen in ernstige problemen zouden komen of zelfs failliet zouden gaan. De staat nam een belangrijk aandeel in banken, zoals Fortis en ING. Verder werden spaartegoeden van Nederlandse spaarders een jaar lang tot € 100.000 gegarandeerd en werden maatregelen genomen om beursspeculatie tegen te gaan.
Veel besluiten van het kabinet moesten buiten het parlement om worden genomen, omdat spoed dat vereiste en bekendmaking van voornemens tot verdere instabiliteit zou leiden. De Tweede Kamer kon in die gevallen alleen achteraf goedkeuring verlenen. Hoewel dat gebeurde, bleven er veel vragen over de gang van zaken en over de oorzaken van de kredietcrisis. Vraag is bijvoorbeeld of het toezicht wel adequaat was.
In oktober 2008 drongen de fracties van SP en GroenLinks aan op het instellen van een parlementair onderzoek naar de ontwikkelingen en incidenten in het financiële stelsel. Andere partijen sloten zich daar bij aan en in april 2009 diende PvdA-fractievoorzitter Hamer namens alle fractievoorzitters een voorstel in.
Instelling van de commissie
Het presidium van de Tweede Kamer stelde op 17 juni 2009 aan de Kamer voor om in te stemmen met het advies van de commissie Financiën en om een tijdelijke onderzoekscommissie in te stellen. De Tweede Kamer deed dit op 23 juni.
Onderzoeksopzet - en onderzoeksvragen
Het onderzoek bestaat uit twee delen. Het eerste deel zal bestaan uit een onderzoek naar de oorzaak van de kredietcrisis. Ook de reeds genomen maatregelen worden in kaart gebracht, op basis waarvan mogelijk aanbevelingen voor verdere structurele verbetering van het financieel stelsel worden gedaan. Het tweede deel zal bestaan uit een beoordeling van de ingrepen van het kabinet vanaf 22 september 2008.
Onderzoeksvragen deel 1: oorzaak en maatregelen
Wat zijn de oorzaken van de recente turbulente ontwikkelingen in het financiële stelsel en welke aanbevelingen voor een adequater functionerend financieel stelsel kunnen op grond van de bevindingen worden gedaan. Op basis hiervan zijn de volgende onderzoeksvragen geformuleerd:
-
-Opzet: hoe is het huidige (inter-)nationale financiële stelsel opgezet?
-
-Werking: welke problemen doen zich in het financiële stelsel voor en wat zijn de oorzaken daarvan?
-
-Oplossingen: welke oplossingen zijn er om de problemen in het financiële stelsel op te lossen?
Onderzoeksvragen deel 2: beoordeling van de maatregelen
Hoe adequaat zijn/waren de maatregelen die het kabinet heeft genomen om de directe problemen in het Nederlandse financiële stelsel te bestrijden in de periode na september 2008, in ieder geval in termen van rechtmatigheid, effectiviteit en doelmatigheid? Op basis hiervan zijn de volgende onderzoeksvragen geformuleerd:
-
-Welke maatregelen heeft het kabinet vanaf september 2008 getroffen om de directe problemen in het Nederlandse financiële stelsel te bestrijden/op te lossen?
-
-Hoe adequaat zijn/waren deze maatregelen te noemen?
-
-Welke alternatieve beleidsmaatregelen zijn overwogen en hoe is de uiteindelijke keuze voor de gekozen maatregelen onderbouwd en welke rol hebben de toezichthouders daarbij gespeeld?
-
-Hoe moet de keuze voor de uiteindelijk gekozen maatregelen, in het licht van de omstandigheden en de internationale context, worden beoordeeld?
-
-Wat kan gezegd worden over de rechtmatigheid van deze maatregelen?
-
-Wat kan gezegd worden over de effectiviteit van deze maatregelen?
-
-Wat kan gezegd worden over de doelmatigheid van deze maatregelen?
-
-Wat kan gezegd worden over de risico’s die verbonden zijn aan deze maatregelen?
-
-Welke lessen kunnen op basis van de beoordeling van de maatregelen van het kabinet worden getrokken voor de toekomst?
-
-Welk rol hebben de Tweede Kamer en de toezichthouders gespeeld bij de totstandkoming en implementatie van deze maatregelen en hoe wordt deze rol beoordeeld?
-
-Welke lessen kunnen worden getrokken voor de toekomst op basis van de beoordeling van de rol en positie van de Tweede Kamer bij de totstandkoming en implementatie van deze maatregelen?
De verhoren (eerste deel)
-
18 januari 2010: Rol toezichthouders centraal bij eerste dag verhoren kredietcrisis
De toezichthouders stonden tijdens de eerste verhoren van het parlementair onderzoek naar het financieel stelsel, kortweg het onderzoek naar de kredietcrisis, centraal. Welke rol hadden zij gespeeld? Hadden zij de crisis moeten zien aankomen? Hadden zij eerder moeten ingrijpen? Onder andere deze vragen werden door de commissie onder leiding van Jan de Wit gesteld. -
20 januari 2010: Accountants bij verhoren kredietcrisis: Nederlandsche Bank had eerder moeten ingrijpen
Voor de tweede dag van de openbare verhoren had de commissie die de kredietcrisis onderzoekt onder het voorzitterschap Jan de Wit, enkele topaccountants uitgenodigd. Jules Muis bijvoorbeeld werkte bij de Europese Commissie en de Wereldbank en is nu partner bij Ernst & Young en voorzitter van de vakorganisatie Nivra.
-
21 januari 2010: Oud-Kamerleden: politiek had te weinig greep op bankiers
De politieke belangstelling en politieke wil om beter toezicht te houden op banken heeft lange tijd ontbroken. Dat stelde GroenLinks-Tweede Kamerlid Kees Vendrik tijdens zijn verhoor door de commissie-De Wit. Zijn oud-collega (en huidige staatssecretaris) Frank Heemskerk vond echter dat de problemen vooral door internationale ontwikkelingen zijn veroorzaakt. Wel gaf de politiek erg gemakkelijk toe aan de wens van banken om het toezicht te verminderen.
-
22 januari 2010: Zalm: VS hoofdschuldige kredietcrisis
Oud-minister Gerrit Zalm ziet de Verenigde Staten als hoofdverantwoordelijke voor de kredietcrisis. West-Europese landen hebben echter wel een medeverantwoordelijkheid doordat voorstellen voor strenger toezicht werden afgewezen. Dat zei Zalm tijdens de verhoren door de onderzoekscommissie financieel stelsel.
-
25 januari 2010: ING onderschatte risico's spaargeld VS
ING schatte de risico's bij uitzetten van spaargeld in de VS fout en te laat in en dit veroorzaakte in 2008 grote problemen voor de bank. Dat zeiden de ING-topmannen Jan Hommen en Koos Timmermans tijdens hun verhoor door de Commissie-De Wit.
-
27 januari 2010: Aandeelhouders: hebben zij nu wel of geen invloed
De rol van de aandeelhouders kwam vandaag aan de orde bij de openbare verhoren van de Commissie financieel stelsel. Waren zij immers niet de schuldigen van de mislukte overname van ABN Amro door het Fortis/RBS consortium? Voormalig directeur van de Vereniging van Effectenbezitters, Paul de Vries, bestreed dat. Aandeelhouders hebben helemaal geen invloed, zo meende hij. Hij overhandigde de Commissie een lijstje met constructies waarmee bedrijven als ING, Aegon en SNS zich tegen de aandeelhouders beschermen. De grote schuldigen zijn volgens De Vries de bestuurders die met dollartekens in de ogen alleen maar naar de nabije toekomst kijken.
-
28 januari 2010: Kok: risico's door ING goed ingeschat
Oud-ING-commissaris Wim Kok verdedigde tegenover de Commissie-De Wit het bij ING gehanteerde systeem van risicobeheersing. Daar schortte in zijn ogen niet zo veel aan, maar niettemin moest ook hij erkennen dat het systeem uiteindelijk toch tekort schoot. Bovendien was er bij alle banken te veel 'kortetermijndenken'.
-
29 januari 2010: Eerste ronde toezichthouders bij Commissie-De Wit
Vandaag was het de eerste ronde voor de toezichthouders bij de Commissie financieel stelsel. Eerst Henk Brouwer, directeur toezicht bij De Nederlandsche Bank, en vervolgens Hans Hoogervorst, voorzitter van de Autoriteit Financiëele Markten (AFM), en zijn voorganger, Arthur Docters van Leeuwen.
-
2 februari 2010: Wellink voelde zich roepende in de woestijn
President Nout Wellink van De Nederlandse Bank (DNB) voelde zich bij het waarschuwen voor de grote risico's die de financiële sector kenmerkte, een roepende in de woestijn. Dat zei hij in zijn verhoor door de onderzoekscommissie-De Wit.
-
3 februari 2010: Groenink rekende bij overname ABN Amro op weigering 'verklaring van geen bezwaar'
Vandaag kwam de overname van ABN Amro uitvoerig aan de orde bij de commissie-De Wit. Verhoord werden de voormalige voorzitter van de Raad van Bestuur van ABN Amro, Rijkman Groenink, en de voormalig president-commissaris, de Amerikaan Arthur Martinez. Volgens de laatste had Groenink de kosten van de bank zo hoog laten oplopen dat de bank geen zelfstandig bestaansrecht meer had.
-
4 februari 2010: Bos en Wellink maken verwijten aan buitenlandse toezichthouders
De Belgische en Britse toezichthouders hebben in 2008 De Nederlandsche Bank (DNB) onvolledig geïnformeerd over de financiële positie van Fortis en Royal Bank of Scotland (RBS) toen die ABN Amro wilden overnemen. Als die informatie wel bekend was geweest, had DNB-president Nout Wellink mogelijk geen toestemming gegeven voor de overname. Minister Wouter Bos zou hem daarin gevolgd zijn, want zij trokken bij de toetsing samen op. Dat bleek op de laatste dag van de verhoren door de Commissie-De Wit.
Conclusies eerste deel
-
-velen zijn schuldig zijn aan het ontstaan van de financiële crisis, maar er is geen hoofdschuldige
-
-de Nederlandsche Bank (DNB), Autoriteit Financiële Markten (AFM) en het Centraal Planbureau (CPB) hebben de ontwikkelingen op de financiële markten en de negatieve effecten van het beloningsbeleid onderschat
-
-de druk die aandeelhouders uitoefenden voor het behalen van korte termijn rendement speelde een negatieve rol
-
-bestuurders van banken negeerden de risico's
-
-alle actoren zijn weinig kritisch over hun eigen rol in het ontstaan van de problemen
-
-de oorzaken die hebben geleid tot de financiële crisis zijn nog lang verdwenen
-
-als een nieuwe crisis ontstaat zal dit mogelijk nog een grotere impact dan de financiële crisis van de afgelopen twee jaar
-
-bij de overname van ABN AMRO had toenmalige minister van Financiën Wouter Bos beter anders kunnen handelen dan hij heeft gedaan
-
-de Tweede Kamer was niet actief en niet attent genoeg in de jaren voor de crisis en heeft een te kort aan expertise
-
-banken moeten beter hun eigen gedragscode navolgen
-
-bonusregelingen en salarissen in de bancaire wereld moeten worden versoberd
-
-de raad van commissarissen moet door meer deskundigheid beter toezicht houden
-
-er moeten nieuwe regels komen voor banken, verzekeraars en andere financiële instellingen, liefst via Europese of mondiale regelgeving
-
-banken moeten meer bufferkapitaal aanhouden
-
-beheer van spaargeld en risicovol beleggen moet strikter worden gescheiden
Huidige commissieleden
-
Jan de Wit (SP), voorzitter
Jan de Wit (1945) is sinds 19 mei 1998 lid van de Tweede Kamerfractie van de SP. Hij woont in Heerlen. In 1995-1998 was hij lid (en fractievoorzitter) van de SP-fractie in de Eerste Kamer. De heer De Wit was advocaat en fractiemedewerker van de SP-fractie in de Tweede Kamer. In de Tweede Kamer houdt de heer De Wit zich onder meer bezig met justitie en vreemdelingenbeleid. Hij maakte deel uit van het presidium van de Tweede Kamer en was voorzitter van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid. De heer De Wit was voorzitter van de onderzoekscommissie financieel stelsel en is dat nu van de enquêtecommissie.
-
Helma Neppérus (VVD)
Helma Neppérus (1950) is vanaf 30 november 2006 lid van de Tweede Kamerfractie van de VVD. Zij was inspecteur voor de burgerluchtvaart bij de Inspectie Verkeer en Waterstaat. Eerder was zij belastinginspecteur en lid van het management van de Belastingdienst. Zij was fractievoorzitter van de VVD in de gemeenteraad van Voorschoten. Mevrouw Neppérus was voorts ondervoorzitter van de enquêtecommissie financieel stelsel, voorzitter van de commissie voor Verzoekschriften en Burgerinitiatieven en lid van het Presidium. Zij is belastingwoordvoerder van haar fractie en voorzitter van de commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
-
Roos Vermeij (PvdA)
Roos Vermeij (1968) is sinds 30 november 2006 lid van de Tweede Kamerfractie van de PvdA. Zij was directielid van TransLink Systems (het bedrijf dat verantwoordelijk is voor de ontwikkeling van de OV-chipkaart). Zij werkte eerder als adviseur van minister Netelenbos. Roos Vermeij woont in Den Haag. Zij is woordvoerster sociale zekerheid (AOW en pensioen) en werknemersverzekeringen en sinds november 2012 fractiesecretaris.
Maarten Haverkamp (1974) was van 26 juli 2002 tot 17 juni 2010 en van 26 oktober 2010 tot 20 september 2012 Tweede Kamerlid voor het CDA. Voor hij Kamerlid werd, werkte hij onder meer bij IBM Nederland. In de Tweede Kamer was hij in de periode 2002-2010 onder meer woordvoerder buitenlands beleid en 'Randstad 2040'. In 2010-2012 was hij woordvoerder mediabeleid, luchtvaart en openbaar vervoer. Hij was lid van parlementaire enquêtecommissie financieel stelsel. Sinds 2012 is hij projectsecretaris bij NS-ProRail.
-
Bruno Braakhuis (GroenLinks)
Bruno Braakhuis (1961) was van 17 juni 2010 tot 20 september 2012 Tweede Kamerlid voor GroenLinks. Hij was eerder manager maatschappelijk verantwoord ondernemen bij Van Lanschot Bankiers. Daarvoor was hij in het bedrijfsleven werkzaam op het gebied van marketing en communicatie. De heer Braakhuis hield zich als Kamerlid bezig met economische zaken, financiën, innovatie en media. Tevens was hij lid van de enquêtecommissie financieel stelsel.
-
Fatma Koser-Kaya (D66)
Fatma Koser Kaya (D66) was van 8 september 2004 tot 20 september 2012 Tweede Kamerlid voor D66. Sinds 11 februari 2013 is zij wethouder van Wassenaar. Eerder was zij advocaat en vakbondsjuriste bij de FNV. Tevens was zij kantonrechter-plaatsvervanger in Gouda (op non-activiteit vanwege Kamerlidmaatschap). In de Kamer hield mevrouw Koser Kaya zich onder meer bezig met sociale zaken en pensioenwetgeving. Tevens was zij lid van de parlementaire onderzoekscommissie (vanaf 2010 enquêtecommissie) financieel stelsel.
Lid 2008-2011
Dion Graus (1967) is sinds 30 november 2006 lid van de Tweede Kamerfractie van de PVV. Hij was presentator van een dierenprogramma op de commerciële zender TV Limburg. De heer Graus woont in Heerlen. Hij houdt zich in de Tweede Kamer vooral bezig midden- en kleinbedrijf, landbouw, mainports, banken en financieel toezicht. De heer Graus was lid van de parlementaire onderzoeks- en enquêtecommissie kredietcrisis.
Commissieleden tot 2010
-
Jan Schinkelshoek (CDA), ondervoorzitter
Jan Schinkelshoek (1953) was van 30 november 2006 tot 17 juni 2010 Tweede Kamerlid van het CDA. Hij was eerder parlementair journalist, voorlichter van het CDA, directeur voorlichting van het ministerie van Justitie, hoofdredacteur van de 'Haagsche Courant' en directeur communicatie van de Rabobank. Sinds 2010 is hij zelfstandig communicatieadviseur. De heer Schinkelshoek was als Kamerlid onder meer woordvoerder binnenlands bestuur en initiatiefnemer voor de 'parlementaire zelfreflectie'. Tevens was hij ondervoorzitter van de parlementaire onderzoekscommissie financieel stelsel.
-
Luuk Blom (PvdA)
Tamelijk direct opererend Tweede Kamerlid van de PvdA, die zich vaak kernachtig uitdrukte. Voerde vooral het woord over defensie (materieelbeleid), industriepolitiek, sport en Europese aangelegenheden. Tevens actief lid van het Beneluxparlement. Was voor zijn zevenjarige Kamerlidmaatschap onder meer leraar in het beroepsonderwijs en manager commerciële Zaken bij Geove-RZG Zorgverzekeraar in Groningen en Velp. In 2009-2010 was hij lid van de parlementaire onderzoekscommissie financieel stelsel.
-
Edith Schippers (VVD)
Edith Schippers (1964) is vanaf 14 oktober 2010 minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. In 2003-2010 en in 2012 was zij Tweede Kamerlid voor de VVD. Mevrouw Schippers was daarvoor secretaris gezondheidszorg en arbeidsmarkt en secretaris ruimtelijke ordening van VNO-NCW en daarvoor fractiemedewerker. In de Kamer was zij woordvoerster en volksgezondheid en ontwikkelingssamenwerking. Van maart 2006 tot oktober 2010 was mevrouw Schippers vicefractievoorzitter. Zij was tevens lid van de parlementaire onderzoekscommissie financieel stelsel.
-
Ernst Cramer (ChristenUnie)
Ernst Cramer (1960) was van 30 november 2006 tot 17 juni 2010 Tweede Kamerlid voor de ChristenUnie. Hij woont in Zeewolde, in welke gemeente hij wethouder was. De heer Cramer was adviseur planeconomie. In de Kamer hield hij zich bezig met verkeer en waterstaat, landbouw, natuur en voedselkwaliteit en financiën. De heer Cramer was lid van het Presidium en maakte deel uit van de parlementaire onderzoekscommissie financieel stelsel.
-
Jolanda Sap (GroenLinks)
Jolande Sap (1963) was van 2 september 2008 tot 24 oktober 2012 Tweede Kamerlid voor GroenLinks. Zij was van 16 december 2010 tot 5 oktober 2012 fractievoorzitter en politiek leider van GroenLinks. Mevrouw Sap werkte voor de emancipatieraad en bij het ministerie van Sociale Zaken. In de periode 2003-2008 was zij directeur van expertisecentrum LEEFtijd. In de Kamer hield zij zich behalve met algemene politieke onderwerpen met name bezig met zorg en financiën. Mevrouw Sap was lid van de parlementaire onderzoekscommissie financieel stelsel.
Letterlijke teksten
Tweede Kamer vergaderjaar 2008-2009, 31980, nr. 1
Tweede Kamer vergaderjaar 2008-2009, 31980, nr2












