Drs. H. (Halbe) Zijlstra

foto Drs. H. (Halbe) Zijlstravergrootglas

Halbe Zijlstra (1969) is sinds 1 november 2012 fractievoorzitter van de VVD in de Tweede Kamer. Hij was van 14 oktober 2010 tot 5 november 2012 staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap in het kabinet-Rutte I. Eerder was hij van 30 november 2006 tot 14 oktober 2010. De heer Zijlstra was directeur/projectmanager van Improvex BV. Tevens was hij fractievoorzitter van de VVD in de gemeenteraad van Utrecht. In de Kamer hield hij zich bezig met het onderwijs, sport en het zorgbeleid (ziekenhuizen, curatieve zorg). De heer Zijlstra was lid van de onderzoekscommissie onderwijsvernieuwingen.

VVD
in de periode 2006-heden: lid Tweede Kamer, fractievoorzitter TK, staatssecretaris

voornaam (roepnaam)

Halbe (Halbe)

personalia

geboorteplaats en -datum
Oosterwolde (gem. Ooststellingwerf, Frl.), 21 januari 1969

partij/stroming

partij(en)
VVD (Volkspartij voor Vrijheid en Democratie), vanaf 1 februari 1994

hoofdfuncties en beroepen

  • accountmanager Arval B.V. te Nieuwegein, van 1996 tot 1999
  • lid gemeenteraad van Utrecht, van 1 april 1998 tot 1 juli 2001
  • werkzaam bij "Activity Project Management" te Driebergen, van 1999 tot 2001
  • directeur/eigenaar projectmanagementbureau "Improvex" B.V., van 2001 tot november 2006 (o.a. invoering van een nieuw financieel-expertise managementsysteem bij Shell)
  • lid gemeenteraad van Utrecht, van 23 juni 2003 tot 1 september 2006
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 30 november 2006 tot 14 oktober 2010
  • staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (belast met onder meer hoger onderwijs, wetenschap en kennis, lerarenbeleid en cultuur), van 14 oktober 2010 tot 5 november 2012
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, vanaf 20 september 2012
  • fractievoorzitter VVD Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 1 november 2012 tot 16 maart 2017

takenpakket (bewindspersoon)
  • Was als staatssecretaris binnen de grenzen van het door de minister vastgestelde beleid in het bijzonder belast met: a. hoger onderwijs; b. wetenschap en kennis; c. lerarenbeleid, lerarenopleidingen arbeidsvoorwaarden onderwijspersoneel en de professionalisering van de onderwijsgevenden in het kader van het beleid passend onderwijs; d. cultuur; e. erfgoedinspectie; f. 'Een leven lang leren'; g. andere aangelegenheden waarvan de behartiging door de minister aan hem wordt toevertrouwd

activiteiten

als parlementariër
  • Was in de periode 2006-2010 woordvoerder zorg (o.a. preventiebeleid), energiebeleid, sportbeleid (inclusief het beleid rond voetbalvandalisme), hoger onderwijs en wetenschappen en biotechnologie
  • Nam kort na zijn aantreden als Tweede Kamerlid met Hans Spekman (PvdA) een initiatief tot indiening van een wetsvoorstel over maatregelen tegen voetbalhooligans. Minister Ter Horst nam dit initiatief in 2007 over.
  • In juni 2007 voerde hij (als vervanger van Henk Kamp) het woord in het debat over de kabinetsbrief over het zgn. 'generaal pardon' voor uitgeprocedeerde asielzoekers

als bewindspersoon (beleidsmatig)
  • Was in 2010 verantwoordelijk voor het besluit om anders dan eerder was voorzien niet over te gaan tot nieuwbouw voor het Nationaal Historisch Museum
  • Kwam in 2011 namens het kabinet met een standpunt over het rapport van de commissie-Veerman over het hoger onderwijs. De voorstellen van die commissie zullen worden uitgevoerd en er komt een kwaliteitsimpuls voor het hoger onderwijs. Er komt meer differentiatie in het hbo, het academische profiel van het wetenschappelijk onderwijs wordt versterkt, profilering van instelling wordt bevorderd en de bekostigingsstructuur wordt meer sturend ingericht op kwaliteit en missie. Hogeronderwijsinstellingen, onderzoeksinstituten, overheid en bedrijfsleven moeten meer gaan samenwerken. Er komt een sociaal leenstelsel in de masterfase. Door meer mogelijkheden tot selectie moet een betere matching ontstaan tussen student en opleiding. Dit wordt verder uitgewerkt in een al in 2009 ingediend wetsvoorstel (Ruim baan voor talent). (31.288)
  • Verdedigde in 2011 in de Tweede Kamer met succes zijn voorstellen tot bezuiniging in de cultuursector. De cultuursector moet minder afhankelijk worden van overheidssubsidie. Subsidies moeten daarom gebaseerd zijn op scherpe en beredeneerde keuzes. Belangrijk uitgangspunt bij die keuzes is dat het publiek moet kunnen zien waar het geld heen gaat. Concreet betekent dit, dat er relatief meer subsidie terechtkomt bij kunst en cultuur die in een museum of op de planken wordt getoond, dan bij ondersteunende functies. Alle instellingen, die in de toekomst voor een subsidie in aanmerking willen komen, moeten minstens 17,5 procent eigen inkomsten hebben. Van podiumkunsteninstellingen geldt vanaf 2013 een minimum van 21,5 procent eigen inkomsten. Enkele cultuurfondsen worden samengevoegd. Musea, het erfgoed en bibliotheken worden ontzien. De totale bezuiniging is 200 miljoen euro.
  • Diende in 2012 een wetsvoorstel in om de basisbeurs voor master-studenten onder het sociaal leenstelsel te brengen (33.145)

als bewindspersoon (wetgeving)
  • Bracht in 2011 een wijziging (Stb. 368) van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek tot stand in verband met de invoering van een verhoogd collegegeld voor langstudeerders. Vanaf 2012 wordt het mogelijk een hoger collegegeld te vragen aan studenten die langer in het hoger onderwijs zijn ingeschreven dan uit een oogpunt van studierendement wenselijk is. Behalve een financieel oogmerk heeft de wet als doel het studierendement te verhogen. Het verhoogde collegegeld gaat in 2012 in. (32.618)
  • Bracht in 2011 de Wet 'Ruim baan voor talent' (Stb. 369) tot stand. Door een wijziging van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek worden de mogelijkheden verruimd tot selectie van studenten en tot verhoging van het collegegeld alsmede tot het aanscherpen van toelatingsvereisten voor aansluitende masteropleidingen in het wetenschappelijk onderwijs. Hierdoor worden differentiatie en betere matching mogelijk. Tevens wordt het uitgangspunt 'eerst je bachelor, dan je master' opgenomen in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek. (32.253)
  • Bracht in 2012 een wijziging van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek tot stand, waardoor de langstudeerdersmaatregel voor gehandicapten, chronisch zieken en deeltijdstudenten wordt aangepast. Het wordt voor bepaalde groepen en bij bijzondere omstandigheden (zoals het vervullen van een bestuursfunctie) mogelijk om vermeerdering van het aantal studiejaren te krijgen. Dit wet werd in 2013 met terugwerkende kracht ingetrokken. (33.259)

wetenswaardigheden

uit de privésfeer
Zijn vader was rechercheur bij de rijkspolitie

woonplaats
Wassenaar

publicaties/bronnen

literatuur/documentatie
René Moerland en Derk Stokmans, "'Wij zeggen niet: zoek het zelf maar uit'", NRC Weekend, 28 en 29 juni 2014

uitgebreide versie

uitgebreide versie
Van deze pagina bestaat een uitgebreide versie met partijpolitieke functies, maatschappelijke nevenfuncties, opleiding, wetenswaardigheden etc. Laat het ons weten als u daar belangstelling voor heeft. reageer

Bovenstaande gegevens zijn ontleend aan het biografisch archief van het Parlementair Documentatiecentrum (PDC) van de Universiteit Leiden en betreffen vooral de periode waarin iemand politiek en bestuurlijk actief is of was.
Aanvullingen en gemotiveerde correcties ontvangt PDC graag. U kunt hiervoor de "reageer-keuze" aan de rechterzijde van deze pagina gebruiken of uw aanvullingen per post sturen naar PDC, antwoordnummer 10801, 2501 BW Den Haag of per email aan info@biografieen.com.