Dr. M.H.M. (Michel) van Hulten

foto Dr. M.H.M. (Michel) van Hultenvergrootglas Eerste en Tweede Kamerlid voor de PPR en staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat in het kabinet-Den Uyl. Kreeg in die laatste functie onder meer te maken met acties van wegvoerders tegen invoering van de tachograaf en van schippers tegen de vrachtverdeling. Van huis uit planoloog. Zelfbewuste man, die na 1976 kritisch stond tegenover de leiding van zijn partij en het leiderschap van Ria Beckers. Verliet daarom in september 1977 de Tweede Kamer. Stapte later over naar D66, maar speelde verder geen politieke rol meer. Vurig pleitbezorger van gratis openbaar vervoer.

PPR
in de periode 1971-1977: lid Tweede Kamer, lid Eerste Kamer, staatssecretaris

voornamen (roepnaam)

Michael Henricus Maria (Michel)

personalia

geboorteplaats en -datum
Batavia (Ned.-Indië), 9 maart 1930

partij/stroming

partij(en)
  • KVP (Katholieke Volkspartij), tot 1968 (behoorde tot de zgn. christen-radikalen) 
  • PPR (Politieke Partij Radikalen), van 1968 tot 1981 
  • D66 (Democraten 1966), omstreeks 1991 
  • GroenLinks, omstreeks 2004 
  • 50Plus, van januari 2011 tot 16 mei 2011 
  • ikkiesvooreerlijk.eu 

hoofdfuncties en beroepen

  • onderwijzer te Beverwijk, omstreeks 1950 (6 weken) 
  • parttime leraar maatschappijleer, van 1958 tot 1961 
  • secretaris gewestelijke raad voor Noord-Holland van het Landbouwschap, van 1961 tot 1962 
  • wetenschappelijk medewerker sociale geografie, Universiteit van Amsterdam, van 1962 tot 1965 
  • hoofd sociaal-economisch onderzoek, R.IJ.P. (Rijksdienst voor IJsselmeerpolders), van 1965 tot 1969 
  • directeur projecturbanisatie van het plan "Europa 2000", Fondation Europeène de la Culture, van 1969 tot 1973 
  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 25 mei 1971 tot 7 december 1972 
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 7 december 1972 tot 11 mei 1973 
  • staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat (o.a. belast met aangelegenheden betreffende de PTT en vervoerszaken), van 11 mei 1973 tot 19 december 1977 
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 8 juni 1977 tot 8 september 1977 
  • coördinator internationaal ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties te Mali, van 1978 tot 1981 
  • senior adviseur leiding UNDP (United Nations Development Programma) te New York, van 1982 tot 1989 (coördinator internationaal ontwikkelingsprogram van de Verenigde Naties in Maleisië) 
  • directeur-generaal IOCU (International Organization of Consumers Unions), van 16 april 1989 tot 1991 
  • hoofd Nederlands Bureau van de Global Coalition for Africa (persoonlijk vertegenwoordiger van de minister), vanaf 1 februari 1991 
  • lector governance, SAXION-Hogescholen te Enschede, vanaf 16 april 2007 

takenpakket (bewindspersoon)
  • Was als staatssecretaris belast met 1. aangelegenheden behorende tot het werkterrein van het a. het Staatsbedrijf der Posterijen, Telegrafie en Telefonie, b. het Directoraat-Generaal van Scheepvaart, c. het Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut, 2. aangelegenheden van sociale aard betreffende het wegvervoer en de binnenscheepvaart, 3. de nationale aangelegenheden betreffende het goederenvervoer over de rail, langs de weg en te water, 4. die internationale aangelegenheden waarvan de behartiging hem van geval tot geval werd toevertrouwd 

partijpolitieke functies

vorige
  • fractiesecretaris PPR Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 19 december 1972 tot 11 mei 1973 
  • fractiesecretaris PPR Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 26 mei 1977 tot 8 september 1977 
  • lid programmacommissie D66, van november 1991 tot 20 september 1993 
  • voorzitter programmacommissie D66 Tweede Kamerverkiezingen 1998 

lijsttrekkerschap etc.
  • lijsttrekker Ikkiesvooreerlijk.eu, Europese Verkiezingen 2014 

nevenfuncties

vorige
  • voorzitter International Dialogues Foundation/Research Institute for Oppressed Peoples, van 1990 tot maart 1993 
  • lid Raad van Advies "De Jonge Onderzoekers" 
  • lid bestuur Stichting Samenwerking Nederland-Polen, vanaf 1992 
  • voorzitter Vereniging Personele Samenwerking met Ontwikkelingslanden, samenwerkingsverband van 30 particuliere organisaties, van 1 januari 1991 tot 1 januari 1996 

opleiding

voortgezet onderwijs
  • h.b.s.-a 

hoger beroepsonderwijs
  • Kweekschool voor onderwijzers 

academische studie
  • sociale geografie, Gemeentelijke Universiteit te Amsterdam, van 1952 tot juli 1958 
  • college aan Universiteit van Warschau, van 1958 tot 1960 (uitwisseling via het Nederlandse ministerie van O.K.W.) 
  • college Pools Landbouweconomisch Instituut, van 1958 tot 1960 (uitwisseling via het Nederlandse ministerie van O.K.W.) 

promotie
  • letteren, Universiteit van Amsterdam, 19 juni 1962 

activiteiten

als parlementariër
  • Hield zich als Eerste Kamerlid bezig met onder meer buitenlandse zaken, defensie, volkshuisvesting, ruimtelijke ordening, verkeer en waterstaat en landbouw en visserij. Voerde tevens het woord bij de behandeling van de 1000-guldenwet (inschrijving studenten). 
  • Was in de korte tijd dat hij Tweede Kamerlid was hij onder meer woordvoerder verkeer en waterstaat 

als bewindspersoon (beleidsmatig)
  • Voerde in 1974 de tachograaf in, waardoor rij- en rusttijden van vrachtwagens beter gecontroleerd kon worden; dit leidde tot acties van chauffeurs 
  • Een door hem verdedigd wetsvoorstel tot opheffing van de evenredige vrachtverdeling in de binnenscheepvaart werd in 1975 met grote meerderheid door de Tweede Kamer verworpen. Dit voorstel, dat tot doel had de binnenvaartvloot te saneren, was reden voor binnenschippers om de grote rivieren met hun schepen te blokkeren. Het wetsvoorstel was in 1969 door staatssecretaris Keyzer ingediend. (10.429) 
  • Bracht in 1975 de Beleidsnota Goederenvervoer ('Vervoer ... kan 't verkeren?') uit. Hierin staan voorstellen om te komen tot het wegnemen van structurele moeilijkheden in het weg- en watervervoer en de daaruit voortvloeiende ongunstige arbeids-, rentabliteits- en inkomenssituatie. Verder wordt in de nota ingegaan op de zwakke positie van het NS-goederenvervoer ten gevolge van het wegvallen van het kolentransport. Daarnaast wordt ingegaan op aspecten als milieu, ruimte, grondstoffen- en energieverbruik. Het streven is de concurrentievoorwaarden tussen de drie vervoerssectoren op basis van doorberekening van gemaakte kosten zoveel mogelijk gelijk te trekken (die verschillen moesten eerst nog worden vastgesteld). Er komen strengere eisen voor kredietwaardigheid en vakbekwaamheid en er zal meer worden gelet op naleving van sociale voorschriften en vergunningen. De betrokken organisaties in de drie sectoren krijgen een belangrijke rol bij het toekomstige vervoersbeleid. (13.421) 
  • Bracht in 1975 de Nota betreffende en het beleid inzake de aanleg en exploitatie van draadomroepinrichtingen uit. In de nota wordt het toekomstige beleid voor kabeltelevisie ontvouwd. Aanleg en beheer van telecommunicatievoorzieningen is in beginsel voorbehouden aan het Rijk, vertegenwoordigd door de PTT. Aanleg en exploitatie, anders dan van rijkswege, zal beperkt blijven tot systemen van niet meer dan lokale omvang. Voor doorgifte van buitenlandse programma's is ministeriële goedkeuring nodig. Er komt geen landelijk centraal antennesysteem. (13.354) 
  • Tijdens zijn staatssecretarisschap werd een begin gemaakt met de overgang van de PTT-top naar Groningen 
  • Diende in 1977 samen met minister Duisenberg het wetsvoorstel Postbankwet in. De postbank moest een zelfstandige financiële staatsonderneming worden ontstaan door fusie van de Postgiro en de Rijkspostspaarbank. (14.632) 

als bewindspersoon (wetgeving)
  • Bracht in 1973 samen met minister Boersma de Wet arbeids- en rusttijden zeescheepvaart (Stb. 380) in het Staatsblad. Via een AMvB werd aan overwerk door schepelingen aan boord van zeeschepen, gerekend over een periode van 28 dagen, een limiet gesteld, dat per schip kon verschillen. Daarbij was tevens een bepaalde rusttijd voorgeschreven. Bij de indiening in 1971 was staatssecretaris Kruisinga medeondertekenaar. (11.422) 
  • Bracht in 1974 samen met minister Van Doorn en de staatssecretarissen Glastra van Loon en Kooijmans twee wetjes tot stand waarbij de op 22 januari 1965 te Straatsburg tot stand gekomen Europese Overeenkomst inzake voorkoming van radio- en televisie-uitzendingen door stations buiten nationaal gebied werd goedgekeurd en waardoor de Telefoon- en telegraafwet 1904 hieraan werd aangepast (de zgn. anti-piratenwetjes). Daardoor kon een einde worden gemaakt aan de uitzendingen van de piratenzender "Radio Veronica" vanaf de Noordzee. De voorstellen waren in 1971 ingediend door de ministers Bakker, Luns, Polak en Klompé. (11.373 & 11.374) 
  • Bracht in 1974 een wijziging (Stb. 235) van de Telegraaf- en Telefoonwet 1904 tot stand inzake het instellen van een machtigingsplicht voor het in bezit hebben van radiozendapparatuur (27 MC-zenders). Het wetsvoorstel was in 1972 ingediend door minister Drees. (11.840) 
  • Bracht in 1976 de Wet sloopregeling binnenvaart (Stb. 411) tot stand. Deze moet door middel van een uitkering tijdelijk aan schippers het slopen van binnenschepen bevorderen om zo deze vervoerssector te saneren. Het wetsvoorstel was in 1970 ingediend door staatssecretaris Keyzer. (11.029) 
  • Bracht in 1977 de Wedervergeldingswet zeescheepvaart (Stb. 313) tot stand. Deze wet maakt het voor de regering mogelijk vergeldingsmaatregelen te nemen, indien de belangen van de Nederlandse koopvaardij ernstig worden geschaad. Zo kan er een vaarverbod worden opgelegd aan schepen uit een bepaald land of kunnen er heffingen worden ingevoerd op zeeschepen die over Nederlandse wateren varen. Het wetsvoorstel was in 1970 ingediend door staatssecretaris Keyzer. (10.523) 
  • Bracht in 1977 een wijziging (Stb. 354) van de Wet Autovervoer Goederen tot stand. Hierdoor wordt het vergunningsbewijs voor ongeregeld vervoer gekoppeld aan het kentekenbewijs. Vergunninghouders kunnen niet langer zonder meer aan derden vrachtauto's met bemanning ter beschikking stellen. Dit moet leiden tot betere naleving van de regels (o.a. ten aanzien van de rijtijden) die gelden in de vervoerssector. (14.384) 

wetenswaardigheden

algemeen
  • Was in november 1972 kandidaat-bewindsman voor Verkeer en Waterstaat in het deelkabinet-Den Uyl/Van Mierlo 
  • Hoewel hij (demissionair) staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat was, voerde op 16 juni 1977 namens de PPR-fractie het woord als Tweede Kamerlid bij de behandeling van het initiatiefvoorstel-Van der Doef/De Beer over periodieke autokeuring 
  • Verliet in september 1977 de Tweede Kamer, omdat hij bedenkingen had tegen het fractievoorzitterschap van Ria Beckers (hij was in 1976 tegenkandidaat geweest bij de verkiezing) en uit onvrede over de koers van de PPR 
  • Behoorde in 1981/1982 tot de Godebald-groep in de PPR, die voorstander was van samenwerking met de PvdA (en D66) in plaats van met PSP en CPN 
  • Trok zich in oktober 1997 terug als voorzitter van programmacommissie, nadat hij kritiek had geuit op de doelstelling van 3 procent groei. Hij vond dat streven strijdig met de milieudoelstellingen uit het ontwerp-programma. 

uit de privésfeer
Zijn vader was onderwijzer

verkiezingen
  • Werd in 1971 tot Eerste Kamerlid gekozen door Groep II: Gelderland, Overijssel, Groningen en Drenthe 
  • Was in 1994 kandidaat-Tweede Kamerlid voor D66 
  • Stond in 2011 bij de Eerste Kamerverkiezingen op de 4e (onverkiesbare) plaats op de kandidatenlijst van 50Plus 

woonplaats
Lelystad

ridderorden
  • Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 11 april 1978 
  • Officier in de Orde van Oranje-Nassau, 27 april 2012 

verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.
  • lid Américan Groep, van 22 maart 1967 tot februari 1968 (overleg van christen-radicalen uit KVP, ARP en CHU) 
  • lid Milieudefensie 
  • lid ROVER (Reizigers Openbaar Vervoer) 
  • lid Greenpeace 
  • lid Veilig Verkeer Nederland 
  • lid World Future Studies Federation 

militaire dienst
  • militaire dienst, van 1950 tot 1952 

publicaties/bronnen

publicaties
  • "De collectivisatie van de landbouw in de Volksrepubliek Polen,1944-1960" (dissertatie, 1962) 
  • talrijke artikelen in boeken en tijdschriften (over poolse samenleving; milieu, verkeer en planologie in nederland) 
  • "gratis" openbaar vervoer? 

literatuur/documentatie
Trouw, 23-03-1989 & 29-07-1989

familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm
gehuwd

kinderen
4 kinderen

familierelaties
Vader van M.F. van Hulten, lid Europees Parlement en partijvoorzitter

Bovenstaande gegevens zijn ontleend aan het biografisch archief van het Parlementair Documentatiecentrum (PDC) van de Universiteit Leiden en betreffen vooral de periode waarin iemand politiek en bestuurlijk actief is of was.
Aanvullingen en gemotiveerde correcties ontvangt PDC graag. U kunt hiervoor de "reageer-keuze" aan de rechterzijde van deze pagina gebruiken of uw aanvullingen per post sturen naar PDC, antwoordnummer 10801, 2501 BW Den Haag of per email aan info@biografieen.com.