Dr. E. (Els) Borst-Eilers

foto Dr. E. (Els) Borst-Eilersvergrootglas Minister van Volksgezondheid in de kabinetten-Kok en bij de verkiezingen 1998 lijsttrekker van D66. Werd na een loopbaan als arts, ziekenhuisdirecteur, hoogleraar en vicevoorzitter van de Gezondheidsraad minister in het kabinet-Kok I. Tijdens haar ministerschap werden medisch-ethische kwesties geregeld zoals euthanasie, medisch-wetenschappelijk onderzoek en onderzoek met embryo's. Kreeg als minister te maken met de problematiek van wachtlijsten in de zorg en het tekort aan medisch personeel en werd hierover fel aangevallen door de oppositie van links en rechts. Deskundige minister die veel wetgeving tot stand bracht. Riep door haar liberale opvattingen in medisch-ethische kwesties in sommige kringen wel weerstand op, maar werd algemeen geacht als een wijze en betrokken bewindsvrouw.

D66
in de periode 1994-2002: lid Tweede Kamer, fractievoorzitter TK, minister, minister van staat

voornaam (roepnaam)

Else (Els)

personalia

wijziging in naam en/of titulatuur
  • E. Eilers 
  • Dr. E. Borst-Eilers 

geboorteplaats en -datum
Amsterdam, 22 maart 1932

overlijdensplaats en -datum
Bilthoven, gem. De Bilt, 8 februari 2014

levensbeschouwing
onkerkelijk (ouders waren Nederlands Hervormd)

partij/stroming

partij(en)
D66 (Democraten 1966), vanaf 1968

hoofdfuncties

  • arts-assistent "Onze Lieve Vrouwe Gasthuis" te Amsterdam 
  • wetenschappelijk medewerker immunothematologie, Rijksuniversiteit Utrecht, van 1965 tot 1969 
  • hoofd Bloedbank, Academisch Ziekenhuis te Utrecht, van 1969 tot 1976 
  • medisch directeur, Academisch Ziekenhuis te Utrecht, van 1976 tot 1985 
  • vicevoorzitter Gezondheidsraad, van 1 januari 1986 tot 22 augustus 1994 
  • bijzonder hoogleraar evaluatie-onderzoek van het klinisch handelen, Amsterdams Medisch Centrum, Universiteit van Amsterdam, van 1 juli 1992 tot 22 augustus 1994 
  • minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, van 22 augustus 1994 tot 22 juli 2002 
  • fractievoorzitter D66 Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 7 mei 1998 tot 14 mei 1998 
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 19 mei 1998 tot 3 augustus 1998 
  • (tweede) viceminister-president, van 3 augustus 1998 tot 22 juli 2002 

ambtstitel
  • minister van staat, van 21 december 2012 tot 10 februari 2014 

partijpolitieke functies

  • politiek leider D66, van 15 februari 1998 tot 14 mei 1998 
  • erelid D66, van 8 februari 2003 tot 10 februari 2014 

lijsttrekkerschap etc.
  • lijsttrekker D66 Tweede Kamerverkiezingen 1998, van 15 februari 1998 tot 6 mei 1998 

nevenfuncties

  • voorzitter College voor de Bloedtransfusie 
  • voorzitter Kerncommissie Ethiek Medisch Onderzoek 
  • lid AWT (Adviesraad voor Wetenschap en Technologie) 
  • lid redacties wetenschappelijke tijdschriften op medisch gebied 
  • voorzitter beraadsgroep Immunisatie, Gezondheidsraad 
  • voorzitter beraadsgroep Genetica, Gezondheidsraad 
  • voorzitter beraadsgroep Gezondheidsethiek en Gezondheidsrecht, Gezondheidsraad 
  • informateur, van 14 mei 1998 tot 20 juli 1998 (samen met W. Kok en G. Zalm) 
  • lid (later voorzitter) Board of the International Partnership for Microbicides, van 2002 tot 2008 
  • voorzitter Programmacommissie Vraagsturing in de Zorg (ZON/MW), vanaf 2002 
  • lid Raad van Toezicht CBO (Nederlands Kwaliteitsinstituut Gezondheidszorg), vanaf 2002 
  • voorzitter algemeen bestuur (later Raad van Toezicht) NIVEL (Nationaal instituut voor wetenschappelijk onderzoek in de gezondheidszorg), van november 2002 tot 1 januari 2010 
  • voorzitter NFK (Nederlandse Federatie van Kankerpatiënten Organisaties), van 2003 tot 1 januari 2011 
  • lid Nationaal Comité 4 en 5 mei, van april 2003 tot 1 juni 2011 
  • voorzitter NPRD (Nationaal Platform voor overleg en samenwerking tegen racisme en discriminatie), vanaf februari 2004 
  • lid adviescommissie Code Goed Bestuur voor Goede Doelen van de brancheorganisatie van landelijk wervende goede doelen VFI, vanaf juli 2004 
  • voorzitter College van Advies Hersenstichting Nederland, vanaf juli 2004 
  • voorzitter commissie chronisch vermoeidheidssyndroom, van 2004 tot januari 2005 
  • voorzitter Regiegroep Toekomst Antidiscriminatiebureaus, van 2005 tot februari 2006 
  • lid Commissie Prinsjesdagstukken, van 14 oktober 2009 tot 12 januari 2010 
  • lid Raad van Toezicht Stivoro (Stichting Volksgezondheid en Roken), van 2006 tot 2014 
  • lid Raad van Advies IPSO (Inloophuizen Psycho-oncologische centra Samenwerking en Ondersteuning) 
  • lid Raad van Toezicht "Helen Dowling Instituut", van 2011 tot 2014 

erefuncties, comité's van aanbeveling etc.
  • erelid NVVE (Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde) 
  • beschermvrouwe Stichting Eerlijke Geneesmiddelenvoorziening 
  • erelid Asbestslachtoffers Vereniging Nederland 
  • erelid Vereniging van Nederlandse Vrouwelijke Artsen 

opleiding

voortgezet onderwijs
  • Openbaar "Barlaeus Gymnasium" te Amsterdam, tot 1950 

academische studie
  • geneeskunde (artsexamen), Gemeentelijke Universiteit te Amsterdam, van 1950 tot 29 oktober 1958 

promotie
  • geneeskunde, Universiteit van Amsterdam, 16 maart 1972 

post-academisch onderwijs
  • opleiding kindergeneeskunde, van 1958 tot 1960 
  • opleiding immunothematologie, van 1960 tot 1965 

activiteiten

als bewindspersoon (beleidsmatig)
  • Bracht in 1995 samen met minister Sorgdrager en staatssecretaris Kohnstamm de Nota "Het Nederlandse drugbeleid. Continuïteit en verandering" uit. Er is geen reden om het Nederlandse drugbeleid drastisch te veranderen; de resultaten daarvan steken gunstig af bij andere Europese landen. Uitgangspunten daarvan blijven het belang van de volksgezondheid en decriminalisering. Wel komt er meer aandacht voor overlast door drugsgebruik, de rol van de misdaad bij drugshandel en voor de internationale aspecten. Het legaliseren van (hard-)drugs wordt afgewezen. (24.077) 
  • Bracht in 1996 samen met minister Wijers de Nota Tabaksontmoedigingsbeleid uit. Hierin worden maatregelen aangekondigd om het roken te verminderen, zoals versterking van preventie en voorlichting (met name gericht op jongeren), beperking van de tabaksreclame, uitbreiding van rookverboden en vermindering van het aanbod van tabaksproducten, alsmede maatregelen in de sfeer van accijnzen. (24.743) 
  • Zette in 1996 samen met staatssecretaris Terpstra plannen uiteen voor modernisering van de thuiszorg. Het gaat daarbij om verbetering van de marktwerking (concurrentie), grotere doelmatigheid, geïntegreerde financiering van langdurende thuiszorg, een geharmoniseerde (inkomensafhankelijke) eigenbijdrageregeling en het onder de Ziekenfondsverzekering brengen van kortdurende, aan ziekenhuiszorg gerelateerde thuiszorg. Per 1 januari 1997 wordt een nieuw systeem van onafhankelijke indicatiestelling in de thuiszorg ingevoerd. (23.235, nr. 11) 
  • Maakte in juli 1996 de toelating van nieuwe dure geneesmiddelen bekend; een middel tegen multiple sclerose en nieuwe zeer werkzame HIV-remmers 
  • Voerde per 1 januari 1997 een systeem in van eigen bijdragen voor ziekenfondsverzekerden 
  • Bracht in 1997 samen met minister Sorgdrager een brief uit over de meldingsprocedure inzake euthanasie en hulp bij zelfdoding. Er komen regionale toetsingscommissies die beoordelen of de zorgvuldigheidsvereisten in acht zijn genomen. Op basis hiervan besluit het OM of een strafvervolging moet worden ingesteld. 
  • Bracht in 1997 met staatssecretaris Terpstra de Nota "Thuiszorg en zorg thuis, kansen voor de toekomst" en de notitie "Verkenningen Ouderenzorg" uit. Bevorderen van het zo lang mogelijk zelfstandig wonen staat centraal. Daartoe moet de extramurale zorg worden ondersteund, onder andere door zorgcentra in de wijk. Kruiswerk en gezinsverzorging worden geïntegreerd, zowel wat financiering als indicering betreft. (25.231) 
  • Bracht in 1997 de Nota Informatievoorziening in de zorg uit. Hierin wordt beleid aangekondigd voor het gebruik van informatietechnologie als hulpmiddel om de zorgactiviteiten efficiënt en kwalitatief goed te laten verlopen. Daarbij wordt onder meer de rol van de overheid bij ontwikkeling van een elektronisch patiëntendossier (epd) belicht en de randvoorwaarden die bij invoering daarvan zouden moeten gelden. (25.669) 
  • Reorganiseerde in 1997 haar ministerie; secretaris-generaal mevrouw De Maat-Koolen nam ontslag 
  • Bracht in 1998 samen met staatssecretaris Faber de Nota 'Nederland goed gevoed?' over gezondheid en voeding uit. Ingegaan wordt op de relatie voeding-volksgezondheid, op het bevorderen van goede voedingsgewoonten en op het ombuigen van negatieve ontwikkelingen. Doelen zijn onder meer het realiseren van een hoog beschermingsniveau van de consument door veilige voedingsmiddelen en het stimuleren van het op de markt brengen van verantwoorde voedingsproducten. (26.229) 
  • Bracht in 2000 de Alcoholnota uit. Hierin wordt een intensivering van het beleid gericht op het terugdringen van overmatig alcoholgebruik aangekondigd. Daartoe wordt een pakket van maatregelen ingezet: voorlichting en preventie, wetgeving en zelfregulering, accijnsheffing en zorg- en hulpverlening. Het beleid richt zich vooral op daling van het aantal probleemdrinkers. Om overmatig drinken onder jongeren tegen te gaan, komt er meer geld voor voorlichting en lesmaterialen, onder meer in het basisonderwijs. Er komt tevens meer nadruk op handhaving van wetgeving en op sanctionering. (27.565) 
  • Bracht in 2001 samen met staatssecretaris Vliegenthart de Nota Patiëntenbeleid/consumentenbeleid "Met zorg kiezen" uit. Uitgangspunt van deze nota is dat, uitgaande van een vraaggerichte zorg, gebruikers van zorg meer instrumenten moeten krijgen. Het gaat daarbij om verbetering van de rechtspositie, betere informatievoorziening, onafhankelijk advies en begeleiding, individuele en collectieve 'inkoopmacht' (de mogelijkheid om zorgproducten in te kopen), en een (representatieve) collectieve onderhandelingsmacht om met verzekeraars en aanbieders te onderhandelen. (27.807) 
  • Bracht in 2001 samen met staatssecretaris Vliegenthart de nota "Vernieuwing van het zorgstelsel" uit waarin de plannen voor een nieuw stelsel van ziektekostenverzekering worden ontvouwd. Er moet één algemene verzekering curatieve zorg komen, die geïntegreerd wordt met de AWBZ en de sturing van de zorg moet worden herzien. (27.855) 

als bewindspersoon (wetgeving)
  • Bracht in 1994 samen met minister Sorgdrager de Wet inzake de geneeskundige-behandelingsovereenkomst (WGBO) (Stb. 837) tot stand. Hierdoor wordt de rechtspositie van patiënten verbeterd. Zij krijgen een toestemmingsrecht voor behandelingen, recht op informatie en betere bescherming van privacy. Het wetsvoorstel was in 1990 ingediend en in 1994 in de Tweede Kamer verdedigd door minister Hirsch Ballin en staatssecretaris Simons. (21.561) 
  • Bracht in 1995 samen met staatssecretaris Terpstra de Wet klachtrecht cliënten zorgsector (WKCZ) (Stb. 308) en de Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen (WMCZ) (Stb. 204) tot stand. Hierdoor wordt de rechtspositie van ziekenhuispatiënten en van bewoners van zorginstellingen versterkt. In instellingen komt er een klachtcommissie en een vertrouwenscommissie. De wetsvoorstellen waren in 1991 ingediend door staatssecretaris Simons. (23.040 & 23.041) 
  • Bracht in 1996 de Kwaliteitswet zorginstellingen in het Staatsblad (Stb. 80), die globale eisen stelt aan zorg om zo een wettelijk kader te bieden aan een structureel kwaliteitsbeleid. Het wetsvoorstel was in 1994 ingediend door minister d'Ancona (23.633) 
  • Bracht in 1996 de Wet geneesmiddelenprijzen (Stb. 90) tot stand, die de minister de bevoegdheid geeft prijzen van medicijnen vast te stellen. Voerde op grond van deze wet een drastische verlaging van de prijzen van medicijnen door. (24.266) 
  • Bracht in 1996 samen met minister Sorgdrager de Wet op de orgaandonatie (Stb. 370) tot stand, die het doneren van organen ten behoeve van geneeskundige behandelingen moet bevorderen. Nederlanders van 18 jaar en ouder moeten aangeven of zij donor willen zijn en voor welke organen. Het wetsvoorstel was in 1991 ingediend door staatssecretaris Simons en minister Hirsch Ballin. (22.358) 
  • Bracht in 1996 samen met minister De Boer de Wet op het RIVM (Stb. 560) tot stand. Hiermee krijgt het sinds 1984 (na fusie van het uit 1934 daterende Rijksinstituut voor Volksgezondheid met twee andere instituten) bestaande Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiëne een wettelijke basis, met regels over de taakuitoefening. (24.454) 
  • Bracht in 1997 de Wet bijzondere medische verrichtingen (Stb. 515) tot stand, waardoor naast het bestaande vergunningenstelsel een mogelijkheid wordt geschapen om bepaalde medische verrichtingen te verbieden. (24.788) 
  • Bracht in 1997 de Wet inzake bloedvoorziening (Stb. 645) tot stand. Hierdoor komt er één centrale organisatie voor bloedvoorziening (Sanquin), waarin het Centraal Laboratorium van de Bloedtransfusiedienst van het Rode Kruis en de bloedbanken samengaan. (25.649) 
  • Bracht in 1997 een wet (Stb. 777) tot herstructurering van de Ziekenfondswet tot stand. Ziekenfondsverzekerden die 65 jaar worden kunnen in het Ziekenfonds blijven, particulier verzekerden van 65 jaar en ouder onder een bepaalde inkomensgrens kunnen vrijwillig toetreden tot het ziekenfonds. Bij het bepalen van de inkomensgrens wordt ook inkomen uit vermogen en lijfrente meegerekend. (25.687) 
  • Bracht in 1997 met de wettelijke instelling van de Raad voor de Volksgezondheid en Zorggerelateerde dienstverlening een herziening van de adviesstructuur in de volksgezondheid tot stand 
  • Bracht in 1998 de Wet op de organisatie ZorgOnderzoek Nederland (Stb. 124) tot stand. Dit is een organisatie voor de programmering en financiering van projecten, experimenten, onderzoek en ontwikkeling op het terrein van gezondheid, preventie en zorg. ZON draagt zorg voor de uitvoering van een samenhangend subsidiebeleid, en bevordert dat de resultaten van de activiteiten in het beleid en de praktijk gebruikt gaan worden. Het Praeventiefonds gaat op in de nieuwe organisatie. (25.438) 
  • Bracht in 1998 samen met minister Sorgdrager de Wet medisch-wetenschappelijk onderzoek met mensen (Stb. 161) tot stand, die bepaalt onder welke voorwaarden zulk onderzoek mag plaatsvinden. Er vindt toetsing plaats door een medisch-ethische commissie. Het wetsvoorstel was in 1992 ingediend door staatssecretaris Simons en minister Hirsch Ballin. (22.588) 
  • Bracht in 1998 de Infectieziektenwet (Stb. 394) tot stand, die de verouderde Wet bestrijding infectieziekten en opsporing ziekteoorzaken vervangt. Er komende betere waarborgen tegen dwingende op individuele personen gerichte maatregelen van de overheid. (25.336) 
  • Bracht in 1999 samen met de ministers Korthals en Van Boxtel wijzigingen (Stbb. 167 en 168) van de Opiumwet tot stand, waardoor de burgemeester de bevoegdheid krijgt voor publiek toegankelijke panden te sluiten waar in strijd met de Opiumwet drugs worden verkocht. Het wetsvoorstel was in 1997 mede ingediend door minister Sorgdrager. (25.324 & 25.325) 
  • Bracht in 1999 een wet (Stb. 185) tot stand waardoor adviserende en beheersmatige taken van uitvoeringsorganen in de volksgezondheid beter worden gescheiden. De Ziekenfondsraad wordt omgevormd tot College voor Zorgverzekeraars. (26.011) 
  • Bracht in 1999 een wet (Stb. 203) tot stand houdende machtiging tot oprichting van een Waarborgfonds voor de zorgsector. Doel van het fonds is mede het op de lange termijn financiering (vaak door institutionele beleggers zoals pensioenfondsen) van bouwprojecten in de zorg te bevorderen zonder dat de overheid door rijksgaranties de begroting verzwaart. (25.627) 
  • Bracht in 1999 een wet (Stb. 461) tot stand die zelfstandigen de mogelijkheid geeft om toe te treden tot het Ziekenfonds (26.553) 
  • Bracht in 2000 samen met staatssecretaris Faber een wijziging (Stb. 21) van de Destructiewet tot stand waardoor de kosten voor de onschadelijkmaking van hoogrisicomateriaal (vanwege BSE-besmetting) van runderen, schapen en geiten voor rekening komen voor de sector zelf. (26.357) 
  • Bracht in 2000 een wijziging (Stb. 184) van de Drank- en Horecawet tot stand gericht op matiging van het alcoholgebruik in het algemeen en op het voorkomen van misbruik in specifieke risicosituaties en door bepaalde kwetsbare groepen, zoals jongeren. Er komt onder meer een verplichte vaststelling aan de hand van een leeftijdsdocument van de vereiste leeftijden van 16 of 18 jaar voor het verstrekken van alcoholhoudende, resp. sterke drank. Verkoop van zwak-alcoholische dranken in benzinestations wordt verboden. (25.969) 
  • Bracht in 2001 samen met minister Korthals de Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding (Stb. 194) tot stand. Hierdoor is euthanasie niet langer strafbaar, mits de arts zich aan zorgvuldigheidseisen houdt. De arts moet zijn handelen melden aan de gemeentelijke lijkschouwer overeenkomstig hetgeen daaromtrent is bepaald in de Wet op de lijkbezorging. Multidisciplinair samengestelde commissies toetsen achteraf de in acht genomen zorgvuldigheid. De wet bevat eveneens regels over de besluitvorming inzake euthanasie voor minderjarigen. (26.691) 
  • Bracht in 2001 de Wet foetaal weefsel (Stb. 573) tot stand. Deze wet regelt de voorwaarden waaronder het ter beschikking stellen van foetaal weefsel voor wetenschappelijke en geneeskundige doeleinden toelaatbaar is. Zo moet toestemming van de betrokkene zijn verkregen. Weefsel mag alleen afkomstig zijn na afbreking van een zwangerschap of na een miskraam. (26.639) 
  • Bracht in 2002 een wijziging (Stb. 201) van de Tabakswet tot stand, waardoor de verkoop van tabaksproducten aan een leeftijdsgrens van 16 jaar wordt verbonden. Verder worden onder meer maatregelen genomen om niet-rokers beter te beschermen en om tabaksreclame te beperken. Vanaf 1 januari 2004 hebben werknemers recht op een rookvrije werkplek. Er gaat tevens per 1 januari 2004 een rookverbod gelden in het openbaar vervoer. (26.472) 
  • Bracht in 2002 een wijziging (Stb. 263) van de Wet bijzondere medische verrichtingen tot stand, waardoor xenotransplantatie (medische verrichtingen met levende bestanddelen van dieren) wordt verboden zolang er onzekerheid is over de risico's voor mensen (28.284) 
  • Bracht in 2002 de Embryowet (Stb. 338) tot stand. Deze wet maakt het gebruik van embryo's voor andere doeleinden dan om daarmee een zwangerschap tot stand te brengen op beperkte schaal mogelijk. Uit respect voor het menselijk leven worden bepaalde handelingen met menselijke geslachtscellen en embryo's verboden. Verder wordt geregeld onder welke voorwaarden andere handelingen met menselijke geslachtscellen en embryo's ter verbetering van de medische zorg toelaatbaar zijn en worden regels gesteld met betrekking tot de zeggenschap over geslachtscellen en embryo's. (27.423) 
  • Bracht in 2002 samen met minister Pronk en staatssecretaris Faber een wijziging (Stb. 461) van de Bestrijdingsmiddelenwet 1962 tot stand ter implementatie van de biocidenrichtlijn. De richtlijn harmoniseert de procedures rond het op de markt brengen van biociden (niet-landbouwbestrijdingsmiddelen, zoals desinfecteermiddelen, verduurzamingsmiddelen, beschermingsmiddelen en middelen tegen ongedierte in de woonomgeving). (27.085) 

als (in)formateur
  • Kreeg op 14 mei 1998 samen met W. Kok en G. Zalm het verzoek een onderzoek in te stellen naar de mogelijkheden van de spoedige totstandkoming van een kabinet van PvdA, VVD en D66. Zij adviseerden daar op 2 augustus toe, nadat onderhandelaars overeenstemming hadden bereikt over een ontwerp-regeerprogramma. 

wetenswaardigheden

algemeen
  • Werd op 31 mei 1997 door partijleider Van Mierlo en partijvoorzitter Kok aangewezen als kandidaat-lijsttrekker van D66 bij de Tweede Kamerverkiezingen van 1998. Van Mierlo kondigde de voordracht aan met de woorden: "Het is een meisje geworden en we noemen haar Els". 
  • In het rapport van de enquêtecommissie-Bijlmerramp werd ernstige kritiek geuit op de wijze waarop was omgegaan met gezondheidsklachten van bewoners van de Bijlmermeer. Na het 18 uur durende debat over dit rapport werd op 3 juni 1999 een door CDA'er Reitsma ingediende motie van afkeuring van haar beleid echter verworpen. 
  • Deed kort na aanvaarding van de Euthanasiewet uitspraken in NRC Handelsblad over levensbeëindiging-op-verzoek door hoogbejaarden en werd hierover geïnterpelleerd. In orthodox-protestantse kring had men zich er vooral aangestoord dat zij n.a.v. het totstandkomen van de wet de woorden 'Het is volbracht' had gebezigd. Zij bood hiervoor haar excuses aan. Een tegen haar gerichte motie van afkeuring werd verworpen. 

uit de privésfeer
  • VVD-fractieleider Bolkestein zat op dezelfde middelbare school als zij, één klas lager 
  • Werd in maart 1945 op weg naar school door de Duitsers gedwongen getuige te zijn van een executie van gevangenen in het Weteringplantsoen in Amsterdam 
  • Werd op maandag 10 februari 2014 bij haar huis dood aangetroffen. Na forensisch onderzoek bleek het nagenoeg zeker te gaan om een misdrijf, dat vermoedelijk tussen zaterdag(avond) en zondagavond had plaatsgevonden. 
  • Op 15 februari 2014 werd in de Domkerk in Utrecht een herdenkingsbijeenkomst gehouden, waarbij talrijke politici, voormalige collegaministers en belangstellenden aanwezig waren 
  • Haar vader was adjunct-directeur van een matrassenfabriek 

woonplaats(en)/adres(sen)
  • Amsterdam, Uiterwaardenstraat (jeugdjaren) 
  • Bilthoven, Ruysdaellaan 21, vanaf 1965 

ridderorden
  • Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 1989 
  • Officier in de Orde van Oranje-Nassau, 10 december 2002 

overige onderscheidingen en prijzen
  • WHO-prijs 2003 
  • Aletta Jacobsprijs, 8 maart 2012 

verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.
  • lid Amsterdamsch Studentencorps (tijdens studie) 
  • lid Amsterdamsche Studenten Roeivereeniging "Nereus" (tijdens studie) 
  • lid Institute of Medicine te Washington 
  • fellow Royal College of Physicians of Edinburgh, van 11 oktober 1997 tot 10 februari 2014 
  • lid Comité van Aanbeveling VUmc Alzheimercentrum 
  • lid VVAO (vereniging van vrouwen met hogere opleiding) 

publicaties/bronnen

publicaties
"Ontstaan en preventie van rhesus immunisatie" (dissertatie, 1972)

literatuur/documentatie
  • Wilfried van der Bles en Teun Lagas, "Els Borst", Trouw, 7 juni 1997 
  • De Volkskrant, 7 juni 1997 
  • Arjan Paans en Othon Zimmerman, "Els Borst: Ik ben geen prima donna", Algemeen Dagblad, 5 juni 1999 
  • Dorien Pels, "'Jij krijgt de schuld van alles wat er mis gaat in de zorg'", Trouw, bijlage Ideale Banen, 22 mei 2010 
  • Jannetje Koelewijn, "'Mijn vader zei: maak alsjeblieft je studie af'", NRC Weekend, 15 en 16 december 2012 
  • Mark Kranenburg, "Haar rust was haar wapen. Necrologie Els Borst (1932-2014), NRC Handelsblad, 11 februari 2014 
  • Frits Conijn, "Een ijzeren vuist in een fluwelen handschoen. In memoriam Els Borst 1932-2014", Het Financieele Dagblad, 12 februari 2014 
  • Maaike van Houten, "Voorop in het debat", Trouw, 12 februari 2014 
  • Toof Brader en Marja Vuijsje, "Haagse portretten. Tweede-Kamerleden, ministers, staatssecretarissen" (1995, 1999) 

familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm
gehuwd (echtgenoot overleden in 1988)

echtgeno(o)t(e)/partner
J. Borst, (Jan)

kinderen
3 kinderen

geboorteplaats en/of -datum
Amsterdam

geboorteplaats en/of -datum
Amsterdam

broers en zusters
geen broers of zussen

Bovenstaande gegevens zijn ontleend aan het biografisch archief van het Parlementair Documentatiecentrum (PDC) van de Universiteit Leiden en betreffen vooral de periode waarin iemand politiek en bestuurlijk actief is of was.
Aanvullingen en gemotiveerde correcties ontvangt PDC graag. U kunt hiervoor de "reageer-keuze" aan de rechterzijde van deze pagina gebruiken of uw aanvullingen per post sturen naar PDC, antwoordnummer 10801, 2501 BW Den Haag of per email aan info@biografieen.com.