H. (Hans) Wiegel

foto H. (Hans) Wiegelvergrootglas Voorman en prominent lid van de VVD. Bevorderde in de periode 1971-1982 als (jeugdig) partijleider door een op de middengroepen en geschoolde arbeiders gerichte koers de groei van zijn partij. Zette zich sterk af tegen het kabinet-Den Uyl. Uitstekend debater en raspoliticus die optimaal gebruikmaakte van de media. Kon het goed vinden met CDA-leider Van Agt en werd in diens kabinet in 1977 vicepremier en minister van Binnenlandse Zaken. Werd in 1982 Commissaris van de Koningin in Friesland, maar bleef lang een vooraanstaande rol in zijn partij spelen. Stapte later over naar de organisatie van zorgverzekeraars en werd senator. Zijn tegenstem in de Eerste Kamer tegen het correctief referendum veroorzaakte in 1999 een korte kabinetscrisis. Hoffelijke man, die feitelijk vrij verlegen is en een afkeer heeft van scherpslijperij. Geniet graag van een goed glas en goede maaltijd.

VVD
in de periode 1967-2000: lid Tweede Kamer, fractievoorzitter TK, lid Eerste Kamer, minister, Commissaris van de Koning(in)

voornaam (roepnaam)

Hans (Hans)

personalia

geboorteplaats en -datum
Amsterdam, 16 juli 1941

levensbeschouwing
geen godsdienst

partij/stroming

partij(en)
VVD (Volkspartij voor Vrijheid en Democratie), vanaf 1 januari 1963

hoofdfuncties en beroepen

  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 18 april 1967 tot 19 december 1977
  • fractievoorzitter VVD Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 20 juli 1971 tot 19 december 1977
  • minister van Binnenlandse Zaken en viceminister-president, van 19 december 1977 tot 11 september 1981
  • fractievoorzitter VVD Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 27 mei 1981 tot 20 april 1982
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 25 augustus 1981 tot 1 mei 1982
  • Commissaris van de Koningin in Friesland, van 16 juni 1982 tot 1 februari 1994
  • voorzitter KLOZ (Kontaktorgaan Landelijke Organisaties van Ziektekostenverzekaars), van 1 februari 1994 tot 1 januari 1995
  • voorzitter ZN (Zorgverzekeraars Nederland), van 1 januari 1995 tot 1 februari 2012 (ontstaan door fusie van KLOZ en VNZ)
  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 13 juni 1995 tot 1 april 2000

activiteiten

als parlementariër
  • Was aanvankelijk woordvoerder voor volkshuisvesting en binnenlandse zaken van de VVD-Tweede Kamerfractie. Voerde in 1975 het woord bij de behandeling van de Nota Grondwetsherziening, met name over de gekozen formateur en het kiesstelsel.
  • Diende in 1971 samen met zijn fractiegenoot Geurtsen een initiatiefwetsvoorstel in om de leeftijd voor het passief kiesrecht gelijk te stellen aan die waarop de meerderjarigheid aanving. Dit voorstel werd in 1971 door de Tweede Kamer verworpen. (11.178)
  • Interpelleerde op 29 januari 1974 minister Lubbers en staatssecretaris Hazekamp over het niet-uitvoeren van de motie-Schouten over het uitzonderen van de detailhandel bij de voorgenomen verscherping van het prijsbeleid
  • Interpelleerde op 30 januari 1975 minister-president Den Uyl en minister Boersma over de scherp gestegen werkloosheid
  • Interpelleerde op 7 april 1976 minister Duisenberg over het uitblijven van de nota inzake ombuigingen in het structurele uitgavenbeleid
  • Interpelleerde op 10 maart 1977 minister-president Den Uyl over het uitstel van de behandeling van de wetsvoorstellen inzake de grondpolitiek
  • Was woordvoerder binnenlandse zaken van de VVD-Eerste Kamerfractie

opvallend stemgedrag
  • Behoorde in februari 1968 tot de minderheid van zijn fractie die vóór een motie-Van der Stoel stemde, waarin de regering werd gevraagd aan te dringen op stopzetting van de bombardementen in Vietnam en op het starten van onderhandelingen
  • In 1969 stemden hij en Vonhoff als enigen van hun fractie vóór een (verworpen) motie-Singer-Dekker waarin aan de minister van Justitie werd gevraagd het COC rechtspersoonlijkheid te verlenen
  • Behoorde in 1970 tot de minderheid van de VVD-fractie die vóór afschaffing van de opkomstplicht was
  • Behoorde in 1971 tot de minderheid van zijn fractie die vóór het initiatiefwetsvoorstel stemde over de mogelijkheid van vervroeging van Prinsjesdag
  • Stemde in mei 1999 als enige van zijn fractie zowel in eerste als tweede lezing tegen de Grondwetsherziening met betrekking tot het correctief referendum. Mede hierdoor haalde dit wetsvoorstel in tweede lezing geen tweederde meerderheid.

als bewindspersoon (beleidsmatig)
  • Voerde als minister verschillende kortingen door op de ambtenarensalarissen. Daardoor ontstonden enkele conflicten met de ambtenarenbond, waarvan ABVA-voorzitter Jan Dutman de voornaamste woordvoerder was.
  • Bracht in 1978 de Nota 'De problematiek van de Molukse minderheid in Nederland' uit. Daarin wordt ingegaan op de historische achtergrond van de aanwezigheid van Molukkers en op zaken als huisvesting, werkgelegenheid, onderwijs en openbare orde. Het recht op een eigen identiteit en culturele positie wordt erkend, maar wel wordt erkenning en eerbiediging van de basiswaarden en -normen van de Nederlandse samenleving verlangd. Eveneens erkend wordt het recht om op te komen voor politieke aspiraties (een eigen staat), maar dit kan alleen binnen de Nederlandse rechtsorde. Er komt een interdepartementale commissie voor de coördinatie van het op Molukkers gerichte beleid en een permanent overlegorgaan. (14.915)
  • Kondigde in 1978 per brief aan dat het door zijn voorganger ingediende voorstel voor 24 provincies-nieuwe-stijl zou worden vervangen door een 17-provincieplan. Daarbij zouden Overijssel, Gelderland, Noord-Holland en Zuid-Holland in tweeën worden gedeeld en Noord-Brabant in drieën. Na verzet vanuit de provincies handhaafde hij in 1979 alleen het voorstel tot splitsing van Zuid-Holland. In de brief werd verder ingegaan op het te voeren (streeksgewijze) gemeentelijke-herindelingsbeleid. (14.322)
  • Introduceerde per 1 november 1979 de mogelijkheid voor ambtenaren om vrijwillig vervroegd (op 63-jarige leeftijd) uit te treden. Hiermee moest een bijdrage worden geleverd aan herverdeling van werkgelegenheid en bestrijding van werkloosheid (met name onder jongeren). Er kwam een VUT-regeling waaruit de uitkering aan de vervoegd gepensioneerden werd gefinancierd.
  • Bracht in november 1979 een vraagpuntennota uit over de provinciale (her)indeling (14.322, 14.323)
  • Bracht in 1980 een notitie uit over een terugzendrecht voor de Eerste Kamer. Verlening van dat recht werd niet wenselijk genoemd. (16.131)
  • Bracht in 1980 de Nota Decentralisatie van rijkstaken uit. Uitgangspunt is dat een evenwichtige herverdeling van taken en bevoegdheden tussen de drie bestuurslagen noodzakelijk is. De positie van gemeenten en provincies dient waar mogelijk te worden versterkt. Er moet meer bereidheid zijn om rijkstaken over te hevelen en het rijk moet zelfbeperking opleggen bij nieuwe taken. Concreet worden maatregelen voorgesteld ten aanzien van de geldstromen vanuit het rijk en over systematische beoordeling en rapportage over decentralisatie. Er komt een actieprogramma en een ministerraadscommissie. (16.492)
  • Verdedigde in september 1980 samen met minister De Ruiter het beleid rond de veiligheidsmaatregelen en de politie-inzet bij de inhuldiging van koningin Beatrix op 30 april 1980
  • Bracht in 1980 de Nota Aktie Werkwinst'80 uit over bevordering van werkgelegenheid in het overheidsapparaat. Behalve om tijdelijke aanstellingen en beperking van overwerk gaat het daarbij onder meer om regeling van vervroegde uittreding, deeltijdarbeid en extra wervingsinspanningen. (16.014)
  • Stelde een Directie Minderheden in en was in 1981 eerste ondertekenaar van de ontwerp-Minderhedennota. Uitgangspunt daarvan was het totstandkomen van een samenleving waarin de in Nederland verblijvende leden van minderheidsgroepen afzonderlijk en als groep een gelijkwaardige plaats en volwaardige ontplooiingskansen hebben. Om dat te bereiken komt er een achterstandsbeleid, antidiscriminatiebeleid en beleid met betrekking tot participatie, emancipatie en cultuurbeleving (onder meer behoud van eigen cultuur en taal). (16.102)
  • Diende in 1980 een wetsvoorstel in tot vernieuwing van de Wet gemeenschappelijk regelingen. De wet werd in 1984 door minister Rietkerk in het Staatsblad gebracht. (16.538)
  • Diende in 1981 een wetsvoorstel in tot splitsing van de provincie Zuid-Holland. Het openbaar lichaam Rijnmond moest daardoor worden omgevormd tot een nieuwe provincie Zuid-Holland. Het overige deel van Zuid-Holland zou de naam Midden-Holland krijgen. Dit wetsvoorstel werd in 1984 door minister Rietkerk ingetrokken. (16.804)
  • Diende in 1981 samen met minister De Ruiter een voorstel voor een nieuwe Politiewet in. Hierdoor moest er een stelsel van gewestelijk (provinciaal) gedecentraliseerde politie komen, met daarnaast rechtstreeks onder de centrale overheid vallende diensten. De minister van Binnenlandse Zaken zou in overwegende mate de centrale beheersbevoegdheden krijgen, met waarborging van de positie van de minister van Justitie. Het voorstel werd in 1985 ingetrokken. (16.812)
  • Belangrijke benoemingen tijdens zijn ministerschap: Vonhoff (VVD, Commissaris van de Koningin in Groningen), Van Dijke (CDA, Commissaris van de Koningin in Utrecht), Borrie (PvdA, burgemeester van Eindhoven), Vos-van Gortel (VVD, burgemeester van Utrecht), Goekoop (VVD, burgemeester van Leiden) en Scholten (CDA, vicepresident van de Raad van State)

als bewindspersoon (wetgeving)
  • Bracht in 1978 een wijziging van de Provinciewet in het Staatsblad (Stb. 272), waardoor het maximum aantal leden van Gedeputeerde Staten wordt uitgebreid tot acht. Het wetsvoorstel was in 1977 ingediend door minister De Gaay Fortman. (14.874)
  • Bracht in 1978 wetten in het Staatsblad tot vereniging van de gemeenten Egmond aan Zee en Egmond-Binnen en tot gemeentelijke herindeling van Oostelijk West-Friesland (onder andere uitbreiding van het grondgebied van de gemeente Hoorn) en van het Eemsmondgebied (vereniging van Uithuizen en Uithuizermeeden).
  • Bracht in 1978 een wet tot stand waarbij het Bijlmermeergebied definitief aan de gemeente Amsterdam werd toegevoegd (14.992)
  • Bracht in 1978 samen met minister Van Agt de Wet openbaarheid van bestuur (Stb. 581) tot stand, die alle documenten van de rijksoverheid, provincies en gemeenten openbaar verklaart, tenzij er gegronde redenen zijn ze geheim te houden. Het wetsvoorstel was in 1975 ingediend door de ministers Den Uyl en De Gaay Fortman. (13.418)
  • Bracht in 1978 samen met de ministers Albeda en De Ruiter de wet (Stb. 639) tot goedkeuring van het op 18 oktober 1961 te Turijn gesloten Europees Sociaal Handvest tot stand, waarin onder meer het stakingsrecht van werknemers en overheidspersoneel werd erkend. Het wetsvoorstel was in 1966 ingediend door de ministers Veldkamp en Samkalden. (8606)
  • Bracht in 1979 samen met staatssecretaris Koning een wijziging (Stb. 195) van de Wet openbaar lichaam Rijnmond tot stand. Hierdoor kreeg 'Rijnmond' nieuwe bevoegdheden op het gebied van onder andere het vestigings- en bouwbeleid en het milieubeleid. Het wetsvoorstel was in 1974 ingediend door minister De Gaay Fortman en staatssecretaris Polak. (13.229)
  • Bracht in 1979 een wet tot wijziging van de Algemene Pensioenwet Politieke Ambtsdragers (Stb. 518) tot stand. De uitkeringstijd telde voortaan voor de helft mee voor de pensioenopbouw en de invaliditeitsvoorziening werd verbeterd. De dubbele pensioenopbouw zou alleen plaatsvinden in de eerste vier jaar dat een ambt werd bekleed. Het wetsvoorstel was in 1977 ingediend door minister De Gaay Fortman. (14.333)
  • Bracht in 1979 een Wet gemeentelijke herindeling van Voorne-Putten en Rozenburg tot stand. Hierbij wordt het grondgebied van de gemeenten Oud-Beijerland en Spijkenisse uitgebreid en worden nieuwe gemeenten Brielle, Bernisse en Westvoorne gevormd. Een deel van Rozenburg gaat over naar Rotterdam. Het wetsvoorstel was in 1975 ingediend door minister De Gaay Fortman. (13.662)
  • Bracht in 1979 de Wet Europese Verkiezingen (Stb. 652) tot stand, die de rechtstreekse verkiezing van de Nederlandse leden van het Europees Parlement regelt. De Wet incompatibiliteiten Europees Parlement (Stb. 653) regelde welke functies onverenigbaar waren met het lidmaatschap. (15.044, 15.045)
  • Bracht in 1979 met minister De Ruiter een wet in het Staatsblad (Stb. 693) waarmee de uit 1903 strafbaarstelling van stakingen door ambtenaren en spoorwegpersoneel werd opgeheven. Het wetsvoorstel was in 1970 ingediend door de ministers Beernink en Polak en werd in 1973/1974 in de Tweede Kamer verdedigd door de ministers De Gaay Fortman en Van Agt. (11.001)
  • Bracht in 1979 de Wet Raad voor het binnenlands bestuur (Stb. 784) tot stand. Dit nieuwe adviesorgaan verving de Raad voor de Territoriale Decentralisatie en kreeg een bredere adviesfunctie dan die raad. Onderwerpen waarover onder andere moest worden geadviseerd waren de taakverdeling tussen de lagere publiekrechtelijke lichamen onderling en plannen en maatregelen van de centrale overheid die direct of indirect de lagere overheden betroffen. (15.121)
  • Bracht in 1979 de Wet instelling van de gemeente Lelystad tot stand. De inmiddels 40.000 inwoners tellende groeikern in de Zuidelijke IJsselmeerpolders wordt op 1 januari 1980 een gemeente. (15.455)
  • Bracht in 1980 wetten tot gemeentelijke herindelingen in het Rijk van Nijmegen tot stand (vorming van de nieuwe gemeenten Beuningen en Heumen). (16.609)
  • Bracht in 1980 samen met minister De Ruiter de Wet Nationale Ombudsman (Stb. 35) tot stand. De Nationale Ombudsman onderzoekt klachten van burgers over overheidsgedragingen. Benoeming geschiedt door de Tweede Kamer die kiest uit een door de vicepresident van de Raad van State, de president van de Algemene Rekenkamer en de president van de Hoge Raad opgestelde voordracht. Het wetsvoorstel was in 1976 ingediend (als Wet commissaris van onderzoek) door minister De Gaay Fortman. (14.178)
  • Bracht in 1980 samen met minister De Ruiter een wijziging (Stb. 297) van de Politiewet met het oog op samenwerking tot stand. In het vooruitzicht van herziening van de de Politiewet werden de mogelijkheden voor politieambtenaren om buiten het gebied van aanstelling op te treden aanmerkelijk verruimd. Het wetsvoorstel was in 1975 ingediend door de ministers De Gaay Fortman en Van Agt. (14.183)
  • Bracht in 1980 samen met minister De Ruiter een wet (Stb. 531) tot stand die regelt dat leden van vertegenwoordigende lichamen via de kantonrechter een regeling voor verlof voor het bijwonen van vergaderingen kunnen afdwingen. Het wetsvoorstel was in 1976 ingediend door de ministers De Gaay Fortman en Van Agt. (13.966)
  • Bracht in 1980 de Wet provinciale indeling van de Waddenzee (Stb. 670) tot stand. Door bestuurlijke indeling moet het beheer van de Waddenzee als internationaal natuurgebied worden verbeterd. (15.665)
  • Bracht in 1981 de Wet rampenplannen (Stb. 384) tot stand, die gemeenten verplicht een gemeentelijk rampenbestrijdingsplan op te stellen. Het wetsvoorstel was in 1977 ingediend door minister De Gaay Fortman. (14.873)
  • Bracht in 1981 de Wet gemeentelijke herindeling Zuid-Limburg tot stand. 53 gemeenten (onder meer kleine gemeenten als Wijlré, Hulsberg, Sint Geertruid, Slenaken en Urmond) werden opgeheven. Verder werd de gemeente Hoensbroek samengevoegd met Heerlen en werd een nieuwe gemeente Landgraaf gevormd door samenvoeging van Schaesberg, Nieuwenhagen en Ubach over Worms. Er werden 18 nieuwe gemeenten gevormd. (15.521)
  • Tijdens zijn ministerschap vond de behandeling in eerste lezing van de Grondwetsherziening plaats. Voorstellen die hij verdedigde waren onder meer het verlenen van kiesrecht voor de gemeenteraad aan niet-Nederlandse ingezetenen, het afschaffen van het ritueel van openen en sluiten van Kamerzittingen, de zelfstandige keuze van de Kamervoorzitters, de verkiezing van de Eerste Kamer voor vier jaar en afschaffing van de verkiezing per groep van provincies en de verankering van burgerrechten (zoals een discriminatieverbod) in de Grondwet.

wetenswaardigheden

niet-aanvaarde politieke functies
  • minister van Binnenlandse Zaken, februari 1986

pseudoniemen, bij-, koos- en schuilnamen
  • "Het orakel uit Ljouwert" (bijnaam)
  • "De grote ijsmeester" (bijnaam)

woonplaats
Heeze

publicaties/bronnen

publicaties
  • "Vrijheid, Werk, Samenwerking" (1977) (VVD-verkiezingsprogramma)
  • "Een Partijtje Libre" (1969)
  • "De Geloofwaardigheid van een Alternatief" (1974)
  • publicaties in verscheidene periodieken

literatuur/documentatie
  • F. van der Molen, "Wie is Wie in de Tweede Kamer?" (1970)
  • H. van der Werf, "Hans Wiegel, profiel van een politicus" (1973)
  • A.D. Huysman, "H. Wiegel - Maakte van de VVD eerst recht een volkspartij", in: W.J.A. van den Berg e.a. (red.), "Kopstukken van de VVD. 16 Biografische schetsen" (1988), 109
  • K. Bijlsma (red.), "Wiegel, Commissaris in Friesland" (1992)
  • J. Hoedeman, "Wiegel en het spel om de macht" (1993)
  • W. Bemboom, "Hans Wiegel en de media" (1999)
  • Bert Vuijsje, "Avonturen in besturen. Gesprekken met Hans van Mierlo, Ruud Lubbers, Hans Wiegel en vele anderen" (2006)
  • Roelof Bouwman en Frank Poorthuis, "'Je moet het in je hebben'" HP/De Tijd, 8 juli 2011 (themanummer Wiegel 70)

uitgebreide versie

uitgebreide versie
Van deze pagina bestaat een uitgebreide versie met partijpolitieke functies, maatschappelijke nevenfuncties, opleiding, wetenswaardigheden etc. Laat het ons weten als u daar belangstelling voor heeft. reageer

Bovenstaande gegevens zijn ontleend aan het biografisch archief van het Parlementair Documentatiecentrum (PDC) van de Universiteit Leiden en betreffen vooral de periode waarin iemand politiek en bestuurlijk actief is of was.
Aanvullingen en gemotiveerde correcties ontvangt PDC graag. U kunt hiervoor de "reageer-keuze" aan de rechterzijde van deze pagina gebruiken of uw aanvullingen per post sturen naar PDC, antwoordnummer 10801, 2501 BW Den Haag of per email aan info@biografieen.com.