
liberaal
in de periode 1862-1891: lid Tweede Kamer, minister, lid Raad van State
voornaam
personalia
Haarlem, 22 februari 1818
overlijdensplaats en -datum
's-Gravenhage, 4 maart 1900
levensbeschouwing
Doopsgezind
opmerkingen over de naam en/of titel
Azn. staat voor Abrahamszoon
partij/stroming
liberaal
loopbaan
- -advocaat te Haarlem, vanaf 25 februari 1840
- -kandidaat-notaris, vanaf 5 mei 1843
- -procureur te Haarlem, van 5 oktober 1845 tot 1853
- -lid Provinciale Staten van Noord-Holland, van 17 september 1850 tot juni 1858 (voor het kiesdistrict Haarlem)
- -lid gemeenteraad van Haarlem, van oktober 1851 tot juli 1853
- -lid Gedeputeerde Staten (met name belast met waterstaat) van Noord-Holland, van 13 juli 1853 tot juni 1858
- -griffier Staten van Noord-Holland, van 1 juli 1858 tot 1 juli 1862
- -lid Raad van State, van 1 juli 1862 tot 5 juli 1872 (benoemd bij K.B. van 27 juni 1862, nr. 66)
- -minister van Justitie, van 6 juli 1872 tot 27 augustus 1874
- -lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 20 september 1875 tot 1 april 1877 (voor het kiesdistrict Amsterdam)
- -lid Raad van State, van 1 april 1877 tot 1 november 1891 (benoemd bij K.B. van 15 maart 1877)
- -lid Raad van State in buitengewone dienst, van 1 november 1891 tot 4 maart 1900 (benoemd bij K.B. van 13 oktober 1891)
ambtstitel
- -minister van staat, van 5 april 1898 tot 4 maart 1900
nevenfuncties
- -lid Staatscommissie onderzoek wetten omtrent de zeevisserij, vanaf 9 februari 1854
- -lid Staatscommissie onderzoek algemene rekeningen der koloniale remises, van 1864 tot 1865
- -lid curatorium Stedelijk Gymnasium te Haarlem, tot 1862
- -voorzitter Staatscommissie van advies inzake de verdeling van de lasten voor gewoon en buitengewoon onderhoud der zeeweringen van calamiteuze polders in Zeeland, van 26 augustus 1867 tot 4 oktober 1869
- -voorzitter Staatscommissie onderzoek van bezwaren tegen de werking tot vorming der Nieuwe Merwede, van 13 februari 1869 tot 24 juni 1870
- -voorzitter Staatscommissie over het plan tot indijken, droogmaken en in cultuur brengen van het zuidelijk deel der Zuiderzee, van 4 mei 1870 tot 2 augustus 1872
- -kabinetsformateur, van juni 1872 tot juli 1872
- -voorzitter Staatscommissie onderzoek naar de tegenwoordige toestand van het Zwolsche Diep, van 21 april 1878 tot 31 augustus 1879
- -kabinetsformateur, van juli 1879 tot 22 juli 1879 (met Fransen van de Putte en Cremers; poging mislukt)
- -lid bestuur Nederlandsche Juristen-Vereeniging, tot 1885
- -lid Staatscommissie inzake de Grondwetsherziening (Staatscommissie-Heemskerk), van 11 mei 1883 tot 18 maart 1885
- -lid Raad van Commissarissen Maatschappij tot Exploitatie van Staatsspoorwegen, omstreeks 1888
- -ondervoorzitter Vereeniging tot uitgaaf der bronnen van het oude vaderlandsche recht, omstreeks 1890
- -voorzitter Staatscommissie voor de Waterstaatswetgeving, van 21 april 1892 tot 1898
- -penningmeester Thorbecke-stichting, omstreeks 1898
afgeleide functies, presidia etc.
- -tijdelijk voorzitter ministerraad, van juli 1872 tot november 1872
- -tijdelijk voorzitter ministerraad, van april 1876 tot juli 1876
- -lid afdeling geschillen van bestuur (Raad van State)
- -lid afdeling Waterstaat, Handel en Nijverheid (Raad van State)
- -lid afdeling Justitie (Raad van State)
- -lid afdeling Binnenlandse Zaken (Raad van State)
opleiding
- -gymnasium te Haarlem, tot 1834
hoger beroepsonderwijs
- -notariaat, tot 5 mei 1843
academische studie
- -Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op dissertatie), Hogeschool te Leiden, van 13 augustus 1834 tot 18 december 1839
- -letteren (gepromoveerd op dissertatie), Hogeschool te Leiden, van 13 augustus 1834 tot 15 juni 1842 (summa cum laude)
activiteiten
- -Sprak als Tweede Kamerlid vooral over justitiële onderwerpen, hoger onderwijs en financiën
als bewindspersoon (beleidsmatig)
- -Diende in 1874 een wetsvoorstel in tot uitbreiding van de afzonderlijke opsluiting van gevangenen. Dit voorstel werd door zijn opvolger ingetrokken.
- -Het door minister Jolles in 1870 ingediende en door hem verdedigde wetsvoorstel inzake de nieuwe rechtelijke organisatie werd in 1873 met 39 tegen 37 stemmen verworpen, nadat een amendement-Kappeyne van de Coppello het aantal rechtbanken belast met beroep in strafzaken had verminderd tot vier.
als bewindspersoon (wetgeving)
- -Bracht in 1874 een wet tot stand die het mogelijk maakte dat rechters konden worden afgezet op grond van gebleken lichamelijke of geestelijke gebreken
wetenswaardigheden
- -Weigerde in 1859 een benoeming hoogleraar rechten in Groningen
- -In 1870 oprichter van de Nederlandsche Juristenvereniging
- -Zijn vader was doopsgezind predikant (1799-1838) en bibliothecaris te Haarlem (vanaf 1821)
- -Zijn echtgenote was een dochter van de hoogleraar C.J.C. Reuvens en een kleindochter van oud-minister J.E. Reuvens
- -Broer van Prof. Matthias de Vries, hoogleraar
- -Vader van Prof. Hugo de Vries, hoogleraar botanie
niet-aanvaarde politieke functies
- -minister, 1860
- -minister van Binnenlandse Zaken, februari 1866 (tijdens formatie-Fransen van de Putte; bedankte)
- -minister van Binnenlandse Zaken, juni 1868 (tijdens formatie-Thorbecke; bedankte)
ridderorden
Commandeur in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 12 mei 1874
publicaties/bronnen
- -"De wet op het Notarisambt toegelicht" (1843)
- -"De wetgevende magt der plaatselijke besturen naar art. 153 der Grondwet" (1846)
- -"De zeeweringen en waterschappen van Noord-Holland" (1865)
- -verschillende artikelen over zeeweringen; zie NNBW
literatuur/documentatie
- -Levensbericht door H.P.G. Quack, in: Levensberichten van leden van de Maatschappij der Nederlandsche Letterkunde, 1900/1, 124
- -Levensbericht door J. Röell in: Jaarboek van de Koninklijke Academie van Wetenschappen (1900)
- -Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel IX, 1255
- -H. van Felius en H.J. Metselaars, "Noordhollandse Statenleden 1840-1919"
- -Ned. Patriciaat, 1941
Biografisch Woordenboek(en)
biografie opgenomen in het Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek
publicaties over en van letterkundigen
gegevens uit de Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren
archivalia via site Nationaal Archief
vindplaatsen en beschrijvingen verzameld door het Nationaal Archief
familie/gezin
gehuwd te Leiden, 5 mei 1847
echtgeno(o)t(e)/partner
M.E. Reuvens, Maria Everdina
kinderen
3 zoons en 1 dochter
vader
Dr. A. de Vries, Abraham
geboorteplaats en/of -datum
Amsterdam, 20 april 1773
moeder
H. van Geuns, Hillegonda
geboorteplaats en/of -datum
Haarlem, 9 april 1791
beroep grootvader (vaderskant)
belastingambtenaar
beroep grootvader (moederskant)
predikant
familierelaties
Oom van A.D.W. de Vries, staatsraad
Bovenstaande gegevens zijn ontleend aan het biografisch archief van het Parlementair Documentatiecentrum (PDC) van de Universiteit Leiden en betreffen vooral de periode waarin iemand politiek en bestuurlijk actief is of was.
Aanvullingen en gemotiveerde correcties ontvangt PDC graag. U kunt hiervoor de "reageer-keuze" aan de rechterzijde van deze pagina gebruiken of uw aanvullingen per post sturen naar PDC, antwoordnummer 10801, 2501 BW Den Haag of per email aan info@biografieen.com.
