Gelderse edelman, die Tweede Kamerlid en Gouverneur-Generaal van Nederlands-Indië was. Na zijn rechtenstudie advocaat in Zutphen en in 1847 griffier van de Gelderse Staten. Nadat hij landvoogd was geweest van Indië (1861-1866) werd hij Tweede Kamerlid en dat bleef hij drie jaar. Als Gouverneur-Generaal zette hij zich in voor de verdere ontwikkeling van de kolonie, onder andere door spoorwegaanleg. Grote belangstelling voor de streek- en rechtsgeschiedenis, waarover hij veel publiceerde. Lid van de Academie van Wetenschappen.