liberaal, oud- of vrije liberalen
functie(s) in de periode 1873-1905: lid Tweede Kamer
Personalia
voornamen (roepnaam)
Rudolf Pieter
titulatuur en naam
Dr. R.P. Mees R.Azn. Rudolf Pieter
wijziging in naam en/of titulatuur
- R.P. Mees R.Azn., van 5 juli 1834 tot 22 juni 1886 (tot aan hem een eredoctoraat werd verleend)
- Dr. R.P. Mees R.Azn., vanaf 22 juni 1886
opmerkingen over de naam en/of titel
- Zijn roepnaam was Piet
- R.Azn. staat voor Rudolf Adriaanszoon
geboorteplaats en -datum
Rotterdam, 5 juli 1834
overlijdensplaats en -datum
Rotterdam, 4 juni 1915
levensbeschouwing
Hervormd
Partij/stroming
stroming(en)
- (oud-)liberaal
- anti-Takkiaan, 1894
Hoofdfuncties/beroepen
- firmant, bankiershuis "R. Mees en Zoonen" te Rotterdam, omstreeks 1860 tot 1902
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 4 oktober 1873 tot 11 oktober 1884 (voor het kiesdistrict Rotterdam)
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 17 november 1884 tot 18 mei 1886 (voor het kiesdistrict Rotterdam)
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 14 juli 1886 tot 17 augustus 1887 (voor het kiesdistrict Rotterdam)
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 19 september 1887 tot 27 maart 1888 (voor het kiesdistrict Rotterdam)
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 1 mei 1888 tot 20 maart 1894 (voor het kiesdistrict Rotterdam)
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 16 mei 1894 tot 21 september 1897 (voor het kiesdistrict Rotterdam)
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 1 maart 1898 tot 19 september 1905 (voor het kiesdistrict Rotterdam IV)
Partijpolitieke functies
overzicht
- lid bureau liberale Kamerclub, Tweede Kamer der Staten-Generaal, vanaf maart 1886
Nevenfuncties
- lid commissie uitvoering aanleg drinkwaterleiding te Rotterdam, vanaf september 1865
- ldi Commissie voor Burgerlijk Armbestuur te Rotterdam, vanaf augustus 1869
- lid college van regenten Gevangenissen te Rotterdam, vanaf 26 september 1872
- directeur Onderling Krediet te Rotterdam (omstreeks 1868, enkele maanden)
- lid bestuur Vereeniging "De Ambachtsschool" te Rotterdam, tot juni 1906
afgeleide functies, presidia etc.
- lid parlementaire enquêtecommissie exploitatie van de Nederlandse Spoorwegen (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 28 juni 1881 tot 23 mei 1884
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van april 1890 tot september 1890
- voorzitter Commissie van Rapporteurs voor hoofdstuk X (Koloniën) 1892 (Tweede Kamer der Staten-Generaal)
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van november 1893 tot januari 1894
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van mei 1894 tot september 1894
- voorzitter Commissie van Rapporteurs voor hoofdstuk V (Binnenlandse Zaken) 1895 (Tweede Kamer der Staten-Generaal)
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van januari 1895 tot september 1895
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van februari 1896 tot mei 1896
- voorzitter Commissie van Rapporteurs voor hoofdstuk VIIb (Financiën) 1903 (Tweede Kamer der Staten-Generaal)
Opleiding
academische studie
- theologie (niet voltooid), Hogeschool te Utrecht, vanaf 1853
eredoctoraten
- staatswetenschappen, Rijksuniversiteit Utrecht, 22 juni 1886 (t.g.v. het 250-jarig bestaan)
Activiteiten
als parlementariër
- Sprak in de Tweede Kamer onder meer over financiële en economische onderwerpen, waterstaatsaangelegenheden (spoorwegen, scheepvaart) en over onderwijs
opvallend stemgedrag
- Behoorde in 1889 tot de minderheid van 17 liberalen die vóór de wijziging van de Lager-onderwijswet van het kabinet-Mackay stemde
Wetenswaardigheden
algemeen
- Stelde zich in 1905 niet opnieuw kandidaat, na een hem in 1904 overkomen ongeval
uit de privésfeer
- Moest zijn studie vanwege gezondheidsproblemen afbreken
- Woonde vanwege zijn gezondheid enige jaren in het buitenland
- Kreeg later te maken met een beperkt gezichtsvermogen. In november 1904 werd hij door een heupbreuk na een val uitgeschakeld.
- Zijn vader was lid van Provinciale Staten van Zuid-Holland
- Een broer van hem was president van De Nederlandsche Bank
verkiezingen
- Versloeg in 1873 bij een tussentijdse verkiezing in het district Rotterdam L.W.Ch. Keuchenius (a.r.)
- Versloeg in 1875 J.G. de Bruijn (rk) en B.J. Lintelo baron de Geer van Jutphaas (a.r.)
- Versloeg in 1879 W.H. Jansen en P.J.F. Vermeulen (rk)
- Versloeg in 1883 W.H. Jansen (rk) en L.W.Ch. Keuchenius, jhr. G.J.Th. Beelaerts van Blokland en T.C.L. Wijnmaalen (allen a.r.)
- Werd in 1884, 1886, 1887, 1888 en 1891 in de eerste stemmingsronde gekozen, met tussen de 60 en 67 procent van de stemmen
- Werd in 1894 in de eerste stemmingsronde gekozen, met bijna 70 procent van de stemmen. Niet-gekozen tegenstanders waren onder anderen de Takkianen P.R. Mees, J.M. Pijnacker Hordijk, J.A. van Gilse, H. Goeman Borgesius en E.E. van Raalte.
- Werd in 1897 in het district Rotterdam I na herstemming verslagen door J.Th. de Visser (c.h.) met 1460 tegen 1298 stemmen
- Versloeg in 1898 bij een tussentijdse verkiezing in het district Rotterdam IV na herstemming jhr. T.A.J. van Asch van Wijck (a.r.)
- Versloeg in 1901 Mr. D.P.D. Fabius (arp) na herstemming
- Was in 1905 geen kandidaat meer
niet-aanvaarde politieke functies
- kabinetsformateur, 5 juli 1897 (geweigerd in verband met zijn gezondheid)
pseudoniemen, bij-, koos- en schuilnamen
Kamerpiet (ter onderscheiding van zijn neef 'beurspiet')
woonplaats(en)/adres(sen)
Rotterdam
ridderorden
- Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 8 december 1887
- Commandeur in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 31 augustus 1898
verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.
lid Historisch Genootschap te Utrecht
Publicaties van/over
lijst van publicaties
- "Opmerkingen over de vorming van den aard onzer kennis" (1895)
- "De mechanische verklaring der levensverschijnselen" (1899)
- "Wetenschappelijke karakterkennis" (1907)
- artikelen in "De Gids"
literatuur/documentatie
- W.C. Mees, "Man van daad: Mr. Marten Mees en de opkomst van Rotterdam" (Rotterdam, 1946)
- Lavater jr., "Politieke Photografien van de aftredende leden der Tweede Kamer" (1879)
- Mr. Antonio, "Dr. Mees", Parlementaire Portretten, Nieuwe Reeks XIII, De Telegraaf, 2 maart 1901
- Nieuwe Rotterdamsche Courant, 4 juni 1914
- Onze Afgevaardigden, 1901
- Ned. Patriciaat, 1983
Familie/gezin
huwelijk/samenlevingsvorm
ongehuwd
vader
Mr. R.A. Mees, Rudolf Adriaan
geboorteplaats en/of -datum
Rotterdam, 5 juli 1789
beroep vader
bankier (lid bankiersfirma R. Mees en Zoonen)
moeder
M.A. van Marken, Margaretha Agatha
geboorteplaats en/of -datum
Hoorn, 4 november 1802
broers en zusters
9 broers en 5 zusters
beroep grootvader (vaderskant)
bankier
beroep grootvader (moederskant)
predikant
familierelaties