Negentiende-eeuws gematigd conservatief politicus. Was lange tijd particulier secretaris van de minister van Buitenlandse Zaken en daarna Tweede en Eerste Kamerlid. Minister van Koloniën in het kabinet-Van Lynden van Sandenburg. Goed administrateur, zeer belezen en ontwikkeld, maar slecht spreker. Trad in 1882 af als minister na een zeer kritisch rapport uit de Tweede Kamer over zijn grondbeleid in Indië. Later gezant in Londen en voorzitter van de Raad van Voogdij over de jonge koningin Wilhelmina.