De Grondwet bepaalt dat een nieuwe koning direct na het overlijden of het afstand van de kroon doen van de vorige koning het koninklijk gezag heeft. Daarna vindt, zodra mogelijk, de beëdiging en ingehuldiging plaats in Amsterdam in een openbare Verenigde Vergadering van de Staten-Generaal. De bijeenkomst vindt plaats in de Nieuwe Kerk op de Dam.
De koning legt daar ten overstaan van de Staten-Generaal en de leden van Staten van Aruba en de Nederlandse Antillen de eed of belofte af. De voorzitter van de Verenigde Vergadering legt vervolgens namens de Staten-Generaal, de Staten van de Antillen en de Staten van Aruba een plechtige verklaring af en zweert of belooft trouw aan de koning. De leden bevestigen dit met een eed of belofte.
De eedafleggingen werden steeds gevolgd door een toespraak van de vorst(in). In 1948 en 1980 werd de rede beantwoord door de voorzitter van de Verenigde Vergadering
Tot nu toe vonden de volgende Verenigde Vergadering plaats tot inhuldiging van de nieuwe koning.
30 maart 1814
inhuldiging van Willem I als soeverein vorst (soeverein vorst sinds 6 december 1813)
21 september 1815
inhuldiging van Willem I als koning (in Brussel) (koning sinds 16 maart)
28 november 1840
inhuldiging van koning Willem II (koning sinds 7 oktober 1840)
12 mei 1849
inhuldiging van koning Willem III (koning sinds 17 maart)
6 september 1898
inhuldiging van koningin Wilhelmina (meerderjarig koningin sinds 31 augustus)
6 september 1948
inhuldiging van koningin Juliana (koningin sinds 4 september)
30 april 1980
inhuldiging van koningin Beatrix (koningin sinds 30 april)
 |
