Dit kabinet is een voorzetting van het eerste kabinet-Drees, met dezelfde steun van de Tweede Kamer. Wel verschijnen op enkele departementen nieuwe gezichten en heeft de CHU één ministerspost extra gekregen.
Als eerste stap naar een mogelijke Europese eenwording wordt Nederland in 1951 lid van de Europese Gemeenschap van Kolen en Staal (EGKS). Naast Nederland treden ook België, Luxemburg, Frankrijk, de Bondsrepubliek Duitsland en Italië toe.
Het tweede kabinet-Drees bestaat uit ministers van de PvdA, KVP, CHU, VVD en een partijloze minister. Minister-president Drees is afkomstig uit de PvdA.
Het geschilpunt dat leidde tot de val van het eerste kabinet-Drees, de positie van Nieuw-Guinea in de Nederlands-Indonesische Unie, wordt in de 'ijskast' gezet. Het kabinet richt zich met name op het te voeren financieel-economische beleid.
Nederlandse militairen nemen in VN-verband deel aan de strijd tussen Noord- en Zuid-Korea. De Korea-crisis leidt tot een lichte economische recessie.
Op het gebied van sociale zorg komt onder andere de Werkloosheidswet tot stand. Ook komt er een nieuwe Winkelsluitingswet.
Op 2 oktober 1951 vindt de eerste officiële tv-uitzending plaats.
Binnenlandse Zaken
minister: Mr. J.H. van Maarseveen (kvp) (15 maart 1951 - 18 november 1951)
minister a.i.: Mr. F.G.C.J.M. Teulings (kvp) (21 november 1951 - 6 december 1951)
minister: Dr. L.J.M. Beel (kvp) (6 december 1951 - 2 september 1952)
Landbouw, Visserij en Voedselvoorziening
minister: S.L. Mansholt (pvda)
Sociale Zaken
minister: Mr.dr. A.M. Joekes (pvda) (15 maart 1951 - 15 september 1951)
staatssecretaris: Dr. P. Muntendam (pvda) (15 maart 1951 - 15 september 1951)
staatssecretaris: Mr.dr. A.A. van Rhijn (pvda) (15 maart 1951 - 15 september 1951)
Sociale Zaken en Volksgezondheid
minister: Mr.dr. A.M. Joekes (pvda) (15 september 1951 - 2 september 1952)
staatssecretaris: Dr. P. Muntendam (pvda) (15 september 1951 - 2 september 1952)
staatssecretaris: Mr.dr. A.A. van Rhijn (pvda) (15 september 1951 - 2 september 1952)
Uniezaken en Overzeese Rijksdelen
minister a.i.: Dr. W. Drees (pvda) (15 maart 1951 - 30 maart 1951)
minister: Ir. L.A.H. Peters (kvp) (30 maart 1951 - 2 september 1952)
staatssecretaris: L. Götzen (arp)
Zonder portefeuille
minister voor Economische Zaken: Dr. A.H.M. Albregts (kvp)
minister voor bescherming bevolking en burgerlijke verdediging: Mr. F.G.C.J.M. Teulings (kvp)
In november 1951 overlijdt minister Van Maarseveen van Binnenlandse Zaken. Oud-minister-president Beel, die inmiddels hoogleraar in Nijmegen was geworden, volgt hem op.
Kort voor het einde van de kabinetsperiode verlaat minister Lieftinck zijn post op Financiën, omdat hij een functie bij de Wereldbank in Ankara heeft aanvaard. Drees neemt zijn portefeuille hierna tijdelijk waar.
Na de val van het kabinet-Drees I wordt de Tweede Kamer niet ontbonden. De Koningin geeft de VVD'er Stikker opdracht informatie in te winnen over de mogelijkheden een kabinet te vormen dat het vertrouwen van de Tweede Kamer heeft. Dat is min-of-meer een novum. De informateur is hiermee geboren.
Uitgangspunt van Stikker en later ook van KVP-formateur Steenberghe is de stevige positie van de PvdA te verzwakken. De PvdA voelt daar uiteraard niets voor. Daartussendoor hebben Drees en Van Schaik ook nog een poging gewaagd het kabinet te reconstrueren. Deze poging mislukt echter ook, omdat Stikker vindt dat de positie van de VVD en CHU versterkt moet worden.
Ten slotte weet Romme tot een oplossing te komen. PvdA behoudt het premierschap en Financiën. De VVD tolereert haar partijgenoot Stikker op Buitenlandse Zaken en geeft daarmee feitelijk gedoogsteun aan het kabinet.