Amsterdamse regent, die als patriot na de orangistische coup van 1787 zijn plaats in het stadsbestuur verloor. Keerde in 1795 terug als representant van het volk van Holland en kreeg als plaatsvervanger zitting in de Nationale Vergadering van 1796. Behoorde daarin tot de moderaten.
Mr. J. Geelvinck
functie(s) in de periode 1796: lid Eerste Nationale Vergadering
Inhoud
Personalia
voornamen (roepnaam)
Johan
titulatuur en naam
Mr. J. Geelvinck Johan
geboorteplaats en -datum
Amsterdam, 7 augustus 1737
overlijdensplaats en -datum
Amsterdam, 2 juli 1802
levensbeschouwing
Gereformeerd
Partij/stroming
stroming(en)
Moderaat (in de Nationale Vergadering)
Hoofdfuncties/beroepen
- raad in de Vroedschap van Amsterdam, van 1759 tot 1 december 1787
- commissaris tot de ontvangst van de honderdste en andere penningen te Amsterdam, vanaf 1759
- commissaris van huwelijkse zaken te Amsterdam, van 1760 tot 1761
- commissaris van kleine zaken te Amsterdam, van 1761 tot 1764
- schepen van Amsterdam, vanaf 1765
- commissaris van huwelijkse zaken te Amsterdam, van 1766 tot 1768
- minister-resident te Brussel, van 1768 tot 1769
- gezant te Brussel, van 14 november 1769 tot 2 juli 1773
- baljuw van Amstelland, Waveren, Botshol en Ruige Wilnis, van 1774 tot 1787
- dijkgraaf van Amstelland, de Hoogen Zeeburg en Diemerdijken, van 1774 tot 1787
- burgemeester van Amsterdam, van 5 juli 1787 tot 27 november 1787
- ambteloos, van november 1787 tot januari 1795
- lid Vergadering van provisionele representanten van het Volk van Holland, van 26 januari 1795 tot maart 1796
- lid Eerste Nationale Vergadering, van 25 april 1796 tot 10 november 1796 (voor het district Amsterdam X; plaatsvervanger voor Mr. J.P. Farret tijdens diens constitutiecommissieperiode)
- lid bestuur van Holland, vanaf maart 1797
Nevenfuncties
- kerkmeester Noorderkerk te Amsterdam, vanaf 1756
- commissaris Hondsbossche en duinen tot Petten, vanaf 1775
Opleiding
academische studie
- Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op dissertatie), Hogeschool te Leiden, van 17 december 1759 tot 24 december 1759
Wetenswaardigheden
uit de privésfeer
- Zijn vader behoorde tot de Amsterdamse regentenklasse (onder meer schepen en burgemeester)
woonplaats(en)/adres(sen)
- Amsterdam, van 7 augustus 1737 tot 2 juli 1802
- Brussel, vanaf 1787 (vluchtplaats na de verandering in het politieke klimaat sinds het binnentrekken van de pruisische troepen)
bezit van heerlijkheden
- heer van Castricum, Bakkum en Croonenburg
verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.
lid Haagsche Gemeenebestgezinde burgersociëteit der Moderaten, vanaf 1797
Publicaties van/over
lijst van publicaties
"De furtis" (dissertatie)
literatuur/documentatie
Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel VI, 547
Familie/gezin
huwelijk/samenlevingsvorm
- gehuwd te Amsterdam, 22 januari 1760 (echtgenote overleden in maart 1774)
- gehuwd te Amsterdam, 18 april 1784
echtgeno(o)t(e)/partner
M.E. Beck, Maria Elisabeth
2e echtgeno(o)t(e)/partner
M. van Loon, Margaretha (weduwe van Mr. A. Muyssart)
kinderen
2 kinderen (uit eerste huwelijk)
vader
Mr. N. Geelvinck, Nicolaas
geboorteplaats en/of -datum
Amsterdam, 11 oktober 1706
beroep vader
raad ter Admiraliteit van Amsterdam, van 1748 tot 1748
moeder
J.J. Graafland, Johanna Jacoba
geboorteplaats en/of -datum
Amsterdam, 8 oktober 1711
stiefmoeder
H.E. Hooft, Hester Elisabeth (weduwe van Mr. W. Meulenaer)
tweede stiefmoeder
M.M. Corver, Maria Margareta (weduwe van J. Hooft)
beroep grootvader (vaderskant)
- schepen van Amsterdam, vanaf 1704
- lid Raad van State, van 1709 tot 1711
- lid Gecommitteerde raden van Holland en West-Friesland
- burgemeester van Amsterdam, vanaf 1720
familierelaties
- Zwager van D. Hooft, lid Vertegenwoordigend Lichaam
- Zwager van J. van Loon, lid Notabelenvergadering en buitengewoon Tweede Kamerlid
- Oom van J.C.E. graaf van Lynden, provinciaal Gouverneur