VDB
functie(s) in de periode 1920-1937: lid Eerste Kamer, minister
Personalia
titulatuur en naam
Mr. M. Slingenberg Marcus (Mark)
geboorteplaats en -datum
Beerta, 21 oktober 1881
overlijdensplaats en -datum
Haarlem, 9 mei 1941
levensbeschouwing
onkerkelijk
Partij/stroming
partij(en)
VDB (Vrijzinnig-Democratische Bond)
Hoofdfuncties/beroepen
- advocaat en procureur te Haarlem, van 1908 tot 1919 (geassocieerd met mr. P. Tjeenk Willink)
- lid gemeenteraad van Haarlem, van 6 september 1910 tot 19 april 1916
- lid Provinciale Staten van Noord-Holland, van 1 juli 1913 tot 30 november 1920 (1913-1919 voor het kiesdistrict Haarlem)
- lid Gedeputeerde Staten van Noord-Holland, van 13 april 1916 tot 1 juli 1919
- lid gemeenteraad van Haarlem, van 2 september 1919 tot 24 april 1934
- wethouder (van openbare werken, later van financiën) van Haarlem, van 2 september 1919 tot 24 april 1934
- lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 30 november 1920 tot 20 september 1932 (1920-1923 voor Noord-Holland)
- notaris te Haarlem, van 1 juli 1924 tot 9 mei 1941
- lid Provinciale Staten van Noord-Holland, van 7 juli 1931 tot 31 juli 1935
- lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 2 november 1932 tot 31 juli 1935
- lid Gedeputeerde Staten van Noord-Holland, van 24 april 1934 tot 31 juli 1935
- minister van Sociale Zaken, van 31 juli 1935 tot 24 juni 1937
- lid Provinciale Staten van Noord-Holland, van 4 juli 1939 tot 9 mei 1941
- lid Gedeputeerde Staten van Noord-Holland, van 4 juli 1939 tot 9 mei 1941
Partijpolitieke functies
overzicht
- ondervoorzitter VDB, van 1932 tot 1935
- fractiesecretaris VDB Eerste Kamer der Staten-Generaal, omstreeks 1929
- lid hoofdbestuur VDB, van 1937 tot november 1937
- voorzitter VDB, van 28 november 1937 tot 9 mei 1941
Nevenfuncties
- lid scheidsgerecht voor de bloembollenhandel, vanaf juni 1907
- lid dagelijks bestuur Nederlandse Centrale vereniging tot bestrijding der t.b.c.
- secretaris Gezondheidscommissie te Haarlem, omstreeks 1913
- voorzitter Schoterveenpolder, omstreeks 1931
- voorzitter Broederschap van candidaat-notarissen
- voorzitter Raad van Toezicht op de Provinciale bedrijven
- lid Politiek Convent, vanaf 1 juli 1940
afgeleide functies, presidia etc.
- lid Gemengde Commissie voor de Stenografie (namens de Eerste Kamer), van 20 maart 1920 tot 31 juli 1935
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 7 april 1926 tot 18 juli 1926
- voorzitter Gemengde Commissie voor de Stenografie (Eerste en Tweede Kamer der Staten-Generaal), van november 1926 tot 31 juli 1935
Opleiding
voortgezet onderwijs
- Stedelijk Gymnasium te Winschoten
academische studie
- rechtsgeleerdheid (gepromoveerd op stellingen), Rijksuniversiteit Groningen, van 16 oktober 1900 tot 23 februari 1905
Activiteiten
als parlementariër
- Hield zich in de Eerste Kamer onder meer bezig met financiën, onderwijs, Indische zaken, landbouw en waterstaat
opvallend stemgedrag
- Stemde in 1935 als enige van zijn fractie tegen de (verworpen) ontwerp-Verkeerswet tegengaan van lintbebouwing
als bewindspersoon (beleidsmatig)
- Zette het beleid van steunvermindering voort en voerde in 1936 een rouleringssysteem in, waarbij werklozen afwisselend steun krijgen en in de werkverschaffing kunnen werken. Schafte de huurbijslag aan langdurig werklozen af en voerde een standaardloon in ter bepaling van de steun aan langdurig werklozen.
- In 1937 verwierp de Tweede Kamer met 42 tegen 37 stemmen een door hem verdedigd wetsvoorstel tot wijziging van de Drankwet (verlenging overgangstermijn betreffende uitoefening bedrijf op naam en voor rekening van de vergunning- of verlofhouder)
als bewindspersoon (wetgeving)
- Bracht in 1935 een wet (Stb. 793) tot herziening van de voorschriften betreffende de hoedanigheid en aanduiding van waren (Warenwet) tot stand. Vanwege de noodzaak tot bezuiniging werd de verplichting tot instelling van warenkeuringsdiensten geschrapt en vervielen de rijksbijdragen
- Bracht in 1936 de Landverhuizerswet tot stand. Deze bevatte regels ten aanzien van voorlichting aan, toezicht op, en huisvesting en gezondheid van migranten en transmigranten. Het werven van arbeidskrachten buiten Europa werd verboden en het geven van voorlichting aan emigranten werd aan een vergunning gebonden. (wet is in 1967 ingetrokken, wetsvoorstel 8727)
- Bracht in 1936 samen met minister Van Lidth de Jeude de Rijtijdenwet tot stand. Chauffeurs in dienstbetrekking mochten slechts tien uur per dag en 55 uren per week werken, behoudens uitzondersgevallen. Ook voor andere autobestuurders konden overeenkomstige voorschriften worden uitgevaardigd, maar voor overige werkzaamheden behielden zij volledige vrijheid. De wet moest oververmoeidheid van bestuurders van motorrijtuigen tegengaan, zowel vanwege de verkeersveiligheid als vanwege de arbeidsomstandigheden.
- Bracht in 1937 de Wet algemeen verbindend en onverbindend verklaren van collectieve arbeidsovereenkomsten (Stb. 801) tot stand. Daardoor kan de minister een c.a.o. in een bedrijfssector verbindend verklaren voor het gehele land of een gedeelte daarvan. De verbindendverklaring kan alleen op verzoek van één of meer werkgevers of een verenging van werkgevers of werknemers geschieden. Ze kan worden ingetrokken en tevens kan een c.a.o. door de minister onverbindend worden verklaard.
- Bracht in 1937 een wet tot stand die de regering voor drie jaar de bevoegdheid gaf het aantal vrouwelijke werkkrachten in fabrieken en werkplaatsen te beperken
Wetenswaardigheden
verkiezingen
- Versloeg in 1920 bij een tussentijdse verkiezing van een Eerste Kamerlid in Provinciale Staten van Noord-Holland met 37 tegen 31 stemmen P.A. Diepenhorst (arp)
- Versloeg in 1922 bij de verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Noord-Holland met 36 tegen 29 stemmen J. Douwes (arp)
- Werd in 1923, 1926 en 1932 gekozen door Groep IV: Zuid-Holland
woonplaats(en)/adres(sen)
- Haarlem, Zijlweg 80, van 1910 tot 1926
- Haarlem, Florapark 6, van 1926 tot 1941
ridderorden
- Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 30 augustus 1927
- Commandeur in de Orde van Oranje-Nassau, 31 augustus 1937
Publicaties van/over
literatuur/documentatie
- H. van Felius en H.J. Metselaars, "Noordhollandse Statenleden 1840-1919" (1990)
- Persoonlijkheden in het Koninkrijk der Nederlanden in woord en beeld (1938)
Familie/gezin
huwelijk/samenlevingsvorm
- gehuwd te Groningen, 29 juni 1907 (echtgenote overleden 19 september 1932)
- gehuwd (tweede huwelijk) te Saint Martin (G.Br.), 22 april 1933
echtgeno(o)t(e)/partner
H.D. Bleeker, Henriëtte Dorothea
2e echtgeno(o)t(e)/partner
J.C.H. Wessels, Johanna Catharina Hendrika
vader
Dr. B. Slingenberg, Berend
geboorteplaats en/of -datum
Eenrum (Gr.), 9 september 1842
beroep vader
arts
moeder
G. Goldschmid van der Tuuk, Grietje
geboorteplaats en/of -datum
Finsterwolde, 26 mei 1848