| - | |
Engels luitenant-kolonel bij de hertog van Wellington in Portugal, vanaf 1811 |
| - | |
adjudant van de hertog van Wellington in Portugal, tot 1813 |
| - | |
adjudant van de hertog van Wellington in Spanje en Frankrijk, van augustus 1813 tot november 1813 |
| - | |
opperbevelhebber Nederlandse leger, van december 1813 tot 15 november 1817 |
| - | |
inspecteur van alle wapenen en de Nationale Militie, van december 1813 tot 22 februari 1818 |
| - | |
commandant Engelse leger in de Zuidelijke Nederlanden, van 1814 tot 1815 |
| - | |
vermoedelijk troonopvolger, van 16 maart 1815 tot 7 oktober 1840 |
| - | |
bevelhebber eerste divisie Engels-Nederlandse leger onder Wellington, vanaf 11 april 1815 |
| - | |
opperdirecteur der zaken van Oorlog, van 24 december 1817 tot 22 februari 1818 |
| - | |
vicepresident Raad van State en voorzitter van de ministerraad, van 1 juli 1829 tot 7 oktober 1840 |
| - | |
bevelhebber der Nederlandse troepen in de Zuidelijke Nederlanden, van 1830 tot 21 maart 1813 |
| - | |
bevelhebber der Nederlandse troepen tijdens de Tiendaagse Veldtocht, augustus 1831 |
| - | |
opperdirecteur der zaken van Oorlog, van 6 juli 1839 tot 7 oktober 1840 |
| - | |
koning der Nederlanden, groothertog van Luxemburg, van 7 oktober 1840 tot 17 maart 1849 (inhuldiging op 28 november 1840) |
| - | |
opperbevelhebber Groote Staf van het Leger |
| - | |
Nam onder Wellington in 1811, 1812 en 1813 deel aan veldslagen in Spanje tegen de Fransen |
| - | |
Werd in 1813 door Wellington belast met de overbrenging van berichten naar Engeland |
| - | |
Nam in 1813 onder Wellington deel aan een veldtocht in Zuid-Frankrijk |
| - | |
Commandeerde in 1814/1815 het Engelse leger in België en organiseerde de Belgische krijgsmacht |
| - | |
Onderscheidde zich bij Quatre Bras tegen de legers van Ney en in de slag bij Waterloo (18 juni 1815) |
| - | |
Werd in de slag bij Waterloo gewond door een kogel in de linkerarm |
| - | |
Kreeg op 8 juli 1815 van de Staten-Generaal paleis Soestdijk als erfelijk domein |
| - | |
Nam in 1818 ontslag als opperbevelhebber en opperdirecteur van het leger, omdat de functie weinig inhoud had door de grote invloed van de koning |
| - | |
Vaardigde op 16 oktober 1830 een proclamatie uit, waarin hij zich aan het hoofd stelde van de opstandige zuidelijke provincies, maar moest desondanks op 26 oktober Antwerpen verlaten |
| - | |
Vaardigde op 11 januari 1831 vanuit Londen een tweede proclamatie uit, waarin hij trachtte zich aan het hoofd te stellen van de afscheiden provincies |
| - | |
Leidde het Nederlandse leger in de Tiendaagse Veldtocht (2-12 augustus 1831), maar moest zich op last van de koning terugtrekken bij de nadering van het Franse leger |
| - | |
Vaardigde op 31 maart 1842 een nieuw reglement van orde voor de Raad van Ministers uit, waardoor de kiem werd gelegd voor een collegiaal bestuur |
| - | |
Droeg in 1844 circa f 2 mln. bij aan de vrijwillige lening |
| - | |
Weigerde in 1844 het Adres van Antwoord te ontvangen, omdat de Eerste Kamer dat niet wenste mede te ondertekenen. De Eerste Kamer verzette zich tegen het in het Adres opnemen van een passage over de wenselijkheid van grondwetsherziening. De Tweede Kamer was daar wel voorstander van. |
| - | |
Stemde in 1847 toe in een zeer beperkte Grondwetsherziening, die echter nauwelijks tegemoet kwam aan de liberale wensen |
| - | |
Ontbood op 13 maart 1848 Tweede-Kamervoorzitter Boreel van Hogelanden om hem te polsen over de in de Tweede Kamer levende wensen ten aanzien van Grondwetsherziening |
| - | |
Besloot die dag tot een wijziging van de Grondwet in liberale zin ('in 24 uur van zeer conservatief naar zeer liberaal'). Naar aanleiding hiervan boden de ministers op 15 maart hun ontslag aan. |
| - | |
Benoemde op 17 maart mr. J.R. Thorbecke, mr. D. Donker Curtius, mr. J.M. de Kempenaer, Mr. L.C. Luzac en mr. L.D. Storm tot leden van een Grondwetscommissie; het betreffende K.B. over deze benoeming was niet medeondertekend door een minister |
| - | |
Belastte op 25 maart 1848 Graaf Schimmelpenninck tijdelijk met de leiding van een kabinet en benoemde o.a. Donker Curtius en Luzac tot minister |
| - | |
Drong bij de indiening van de voorstellen tot Grondwetsherziening aan op 'wederzijdse inschikkelijkheid' |
| - | |
Leidde in 1848 zelf de besprekingen in de Raad van State over de voorstellen tot Grondwetsherziening |
| - | |
Oefende direct en indirect druk uit op Eerste-Kamerleden bij de stemming over de voorstellen tot Grondwetsherziening (m.n. op Van Brienen van de Groote Lindt). Hierdoor werd het voorstel over de Staten-Generaal aangenomen, nadat in eerste instantie de stemmen hadden gestaakt. |
| - | |
Benoemde in augustus en oktober 1848 (op voorstel van de ministerraad) nieuwe Eerste-Kamerleden om ervoor te zorgen dat de voorstellen tot Grondwetsherziening werden aangenomen |
| - | |
's-Gravenhage, tot 18 januari 1795 |
| - | |
Groot-Brittannië, van 18 januari 1795 tot mei 1797 |
| - | |
Berlijn, van mei 1796 tot mei 1809 |
| - | |
Londen, van mei 1809 tot 1813 |
| - | |
's-Gravenhage, Korte Voorhout, van 19 december 1813 tot november 1840 |
| - | |
Soestdijk, van 1815 tot november 1840 |
| - | |
Brussel, Paleis van de Prins van de Oranje, van 1815 tot 1830 |
| - | |
Laeken (buitenverblijf) |
| - | |
's-Gravenhage, Paleis Noordeine, tot 17 maart 1849 |
| - | |
Tilburg, van 1831 tot 17 maart 1849 |
| - | |
J.A. Bornewasser, "Koning Willem II", in: C.A. Tamse (red.), "Nassau en Oranje in de Nederlandse Geschiedenis" (1996) |
| - | |
Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, dl. I, 1566 |
| - | |
J. Bosscha, "Het leven van Willem den Tweede, Koning der Nederlanden en Groot-Hertog van Luxemburg" (1854, 2 dln.) |
| - | |
K. Fachinger, "Wilhelm II, König der Niederlande, Gorssherzog von Luxemburg" (Trier, 1855) |
| - | |
H.Th. Colenbrander, "Willem II, koning der Nederlanden" (Amsterdam, 1938) |
| - | |
A. Hallema, "Koning Willem II" (Assen, 1949) |
| - | |
A. Alberts, "Koning Willem II" ('s-Gravenhage, 1964) |
| - | |
L.J. Rogier "De eerste twee koningen uit het huis Oranje", in: L.G.J. Verberne, "Geschiedenis van Nederland in de jaren 1813-1850" (Utrecht/Antwerpen, 1958) |