| - | |
kandidaats-assistent juridische faculteit, Universiteit van Amsterdam, van 1975 tot 1977 |
| - | |
advocaat en procureur (advocatenkantoor Boekel, Van Empel en Drilling) te Amsterdam, van 1 februari 1978 tot 1 mei 1981 |
| - | |
lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 10 juni 1981 tot 16 september 1982 |
| - | |
advocaat en procureur te Amsterdam, van 1 januari 1983 tot 1 juni 1986 |
| - | |
lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 3 juni 1986 tot 22 augustus 1994 |
| - | |
staatssecretaris van Binnenlandse Zaken (belast met onder meer grotestedenbeleid, veiligheid, kiesrecht en het informatievoorzieningsbeleid), van 22 augustus 1994 tot 3 augustus 1998 |
| - | |
ambteloos, sabbatical year (ging zeilen op de Middellandse Zee) |
| - | |
lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 8 juni 1999 tot 7 september 2004 |
| - | |
associé BCG (Boer & Croon) Proces Managers B.V., vanaf 1999 |
| - | |
voorzitter Regieraad ICT en Politie, vanaf december 1999 |
| - | |
voorzitter CBP (College Bescherming Persoonsgegevens), vanaf 1 augustus 2004 |
| - | |
lid Stichting Kunst en meerwaarde, vanaf 1999 |
| - | |
voorzitter bestuur Humanistische Omroep, vanaf 1999 |
| - | |
lid en plaatsvervangend voorzitter Commissie voor de Binnengemeentelijke Decentralisatie van de gemeente Amsterdam, vanaf 2000 |
| - | |
lid en waarnemend voorzitter onderzoekscommissie besluitvorming verzelfstandiging ARBO-dienst van de GG&GD Amsterdam, vanaf 2000 |
| - | |
lid Raad van Toezicht NOS (Nederlandse Omroep Stichting), vanaf 2000 |
| - | |
voorzitter organisatie ex art. 39f Mediawet (Kerken en genootschappen op geestelijke grondslag aan welke landelijke zendtijd is toegewezen), vanaf 2000 |
| - | |
voorzitter Raad van Toezicht Woningcorporatie "Het Oosten" te Amsterdam, vanaf februari 2001 |
| - | |
voorzitter Platform Urgentiegeneeskunde, vanaf 2000 |
| - | |
voorzitter Programmaraad Sociale Cohesie van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek, vanaf 2001 |
| - | |
voorzitter Stichting Stimuleringsfonds Openbare Gezondheidszorg, vanaf 2001 |
| - | |
bestuursvoorzitter GIW (Garantie Instituut Woningbouw), vanaf januari 2004 (aanvankelijk als interim-voorzitter) |
| - | |
lid algemeen bestuur juridische faculteit, Universiteit van Amsterdam, van 1971 tot 1974 |
| - | |
lid dagelijks bestuur juridische faculteit, Universiteit van Amsterdam, van 1973 tot 1974 |
| - | |
lid faculteitsraad juridische faculteit, Universiteit van Amsterdam, van 1974 tot 1977 |
| - | |
secretaris onderwijscommissie juridische faculteit, Universiteit van Amsterdam, van 1975 tot 1977 |
| - | |
lid bestuur Amsterdamse Theaterschool, van 1986 tot 1988 |
| - | |
lid bestuur Stichting Indigo, van 1985 tot september 1994 |
| - | |
lid bestuur Aids-fonds |
| - | |
lid adviescommissie FIOM |
| - | |
voorzitter NVVE (Nederlandse Vereniging voor Vrijwillige Euthanasie), van maart 2000 tot maart 2006 |
| - | |
voorzitter werkgroep staatsrechtelijke verantwoordelijkheid ZBO's, 2004 |
| - | |
ondervoorzitter vaste commissie voor de Politie (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van juni 1982 tot 12 september 1982 |
| - | |
voorzitter vaste commissie voor de Nationale Ombudsman (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van september 1986 tot november 1989 |
| - | |
plaatsvervangend lid Presidium (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van september 1989 tot september 1994 |
| - | |
ondervoorzitter subcommissie onderzoek besluitvorming volksgezondheid uit de vaste commissies voor Volksgezondheid en Rijksuitgaven (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 1 december 1993 tot mei 1994 |
| - | |
voorzitter bijzondere commissie voor de JBZ-raad (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 26 oktober 1999 tot 1 augustus 2004 |
| - | |
Was woordvoerder voor binnenlandse zaken, justitie, politie en volksgezondheid van de D66-Tweede-Kamerfractie |
| - | |
Interpelleerde in 1988 minister Van Dijk over de gevolgde procedure bij de benoeming van de burgemeester van Tilburg (oud-staatssecretaris Brokx). |
| - | |
Verdedigde in 1993 zonder succes een initiatiefwetsvoorstel (oorspronkelijk ingediend door mw. Wessel-Tuinstra) inzake de euthanasie. De Tweede Kamer verwierp het voorstel. |
| - | |
Diende in 1993 een initiatiefwetsvoorstel in over beperking van de verplichte medische aanstellings- en verzekeringskeuringen. Dit voorstel werd, verdedigd door Van Boxtel, in 1997 wet. |
| - | |
In de Eerste Kamer hield hij zich onder meer bezig met justitie, buitenlandse zaken, volksgezondheid en Europese samenwerking |
| - | |
Ontwikkelde in 1994 een grotestedenbeleid dat gericht was op het benutten en vergroten van kansen in plaats van het bestrijden van achterstanden. Koos daarbij voor een geïntegreerde aanpak voor specifieke delen van de stad. Met de 4 grote en 24 middelgrote steden werden hierover convenanten gesloten. Er kwam geld voor projecten gericht op bestrijding van langdurige werkloosheid, leefbaarheid en bestrijding van overlast. |
| - | |
Bracht in 1995 de Nota Veiligheidsbeleid 1995-1998 uit. Daarin worden maatregelen aangekondigd voor het terugdringen van onveiligheid veroorzaakt door jongeren, bestrijding van overlast door drugsgebruik en vergroting van de veiligheid in de leefomgeving. Behalve voor de overheid is hierbij ook een taak weggelegd voor burgers (ouders), maatschappelijke organisaties en bedrijfsleven. |
| - | |
Presenteerde in 1995 de hoofdlijnen van een nieuw adviesstelsel. Daarbij werd aangesloten bij het advies van de commissie-De Jong (vraagpunten adviesorganen). Als adviesraden worden voorgesteld: de VROM-raad, de Raad voor Verkeer en Waterstaat, de Raad voor het Landelijk Gebied, de Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling, de Raad voor het Openbaar Bestuur, de Onderwijsraad, de Raad voor Cultuurbeleid, de Raad voor de Zorgsector, de Raad versterking technologische ontwikkeling en de Algemene Energieraad. De WRR en de SER blijven bestaan. |
| - | |
Bracht in 1995 een notitie uit over hervorming van het kiesstelsel voor de Tweede Kamer. Kern daarvan was invoering van een tweestemmenstelsel, waarbij de helft van de leden landelijk en de andere helft in vijf districten zouden worden gekozen op basis van evenredige vertegenwoordiging. |