Mr. J.P.H. Donner

Foto Mr. J.P.H. Donner
Piet Hein Donner (1948) is sinds 22 februari 2007 minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Hij was van 22 juli 2002 tot 21 september 2006 minister van Justitie. Daarvoor was de heer Donner onder meer voorzitter van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid en lid van de Raad van State (1997-2002). In 2001-2002 leidde hij een commissie die adviseerde over de WAO-problematiek en in 2002 en 2003 trad hij op als informateur. In de periode november 2006-februari 2007 was hij Tweede-Kamerlid.

CDA
in de periode 1997-heden: lid Tweede Kamer, minister, lid Raad van State

[ V ][ ^^ ]

voornamen (roepnaam)

Jan Pieter Hendrik (Piet Hein)

[ V ][ ^^ ]

personalia

geboorteplaats en -datum
Amsterdam, 20 oktober 1948

levensbeschouwing
Protestants

[ V ][ ^^ ]

partij/stroming

partij(en)
CDA (Christen-Democratisch Appèl)

[ V ][ ^^ ]

loopbaan

-   ambtenaar directoraat-generaal buitenlandse economische betrekkingen, ministerie van Economische Zaken, van 1976 tot 1981
-   gedetacheerd bij parlementaire enquêtecommissie RSV, van 1982 tot 1984
-   raadadviseur stafafdeling wetgeving publiekrecht, ministerie van Justitie, van 1984 tot 1990
-   lid WRR (Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid), van 1 november 1990 tot 1 januari 1993
-   voorzitter WRR (Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid), van 1 januari 1993 tot 22 december 1997
-   lid Raad van State, van 22 december 1997 tot 22 juli 2002 (benoemd bij K.B. van 6 februari 1997)
-   minister van Justitie, van 22 juli 2002 tot 21 september 2006
-   lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 30 november 2006 tot 22 februari 2007
-   minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, vanaf 22 februari 2007

[ V ][ ^^ ]

nevenfuncties

vorige
-   ouderling Protestantse Kerk te 's-Gravenhage (Duinzichtkerk)
-   lid kerkbestuur Proterstantse Kerk te 's-Gravenhage (Duinzichtkerk)
-   lid bestuur Kerk en School
-   lid Commissie toewijzing etherzendtijd voor commerciële omroep, van 26 augustus 1991 tot 27 januari 1992
-   voorzitter Tijdelijke Adviescommissie Toezicht Telecommunicatie
-   voorzitter Christelijk Sociaal Congres
-   voorzitter Centre for Europe and Security Studies te Groningen, tot juli 2002
-   lid Stichtingsbestuur Katholieke Universiteit Brabant, tot juli 2002
-   lid curatorium Stichting Theologische Faculteit Tilburg
-   lid curatorium Stichting Maatschappelijk Ondernemen Midden- en Kleinbedrijf
-   voorzitter Vereniging tot christelijke verzorging van geestes- en zenuwzieken 'Vereniging Bennekom'
-   voorzitter Scientific Council ASWB, Onderzoeksschool Arbeid, Welzijn, Sociaal-Economisch Bestuur, Universiteit van Utrecht
-   voorzitter Interkerkelijk Contact in Overheidszaken
-   voorzitter Commissie Psychische Arbeidsongeschiktheid, van januari 2000 tot juli 2002
-   voorzitter commissie WAO-problematiek, van mei 2000 tot april 2002
-   informateur, van 17 mei 2002 tot 4 juli 2002
-   informateur, van 24 januari 2003 tot 12 april 2003 (vanaf 5 februari 2003 samen met F. Leijnse)

[ V ][ ^^ ]

opleiding

voortgezet onderwijs
-   gymnasium-b, tot 1968 (Europees eindexamen)

academische studie
-   rechten Vrije Universiteit te Amsterdam, van 1968 tot 1974

post-academisch onderwijs
-   studie University of Michigan te Ann Arbor (Mich., V.S,)

[ V ][ ^^ ]

activiteiten

als parlementariër
-   Voerde in de periode dat hij Tweede Kamerlid was (november 2006-februari 2007) het woord bij de behandeling van een wetsvoorstel tot wijziging van de Wet bodembescherming

als bewindspersoon (beleidsmatig)
-   Kwam in 2002 met plannen voor het op één cel plaatsen van twee gedetineerden. Er wordt daarna in enkele strafinrichtingen geëxperimenteerd met 'twee op één cel'.
-   Zette in 2004 samen met minister Remkes naar aanleiding van aanslagen in Madrid een aanscherping van het beleid inzake terrorismebestrijding uiteen. Er komt een nationaal coördinator terrorismebestrijding.
-   Bracht in 2004 de Nota Rechtsstaat en Rechtsorde uit. Daarin komen maatregelen aan de orde ter vermindering van de regelgroei, zoals deregulering, het schrappen van planverplichtingen, en ontwikkeling van alternatieve geschillenbeslechting (mediation).
-   Bracht in 2005 de Nota Terrorismebestrijding uit. Daarin wordt inzicht gegeven op welke wijze radicalisme en radicalisering een bedreiging vormen voor de samenleving en de democratische rechtsorde. De nota bevat een beleidskader voor het overheidsbeleid om die dreiging tegen te gaan. Hoofdlijnen daarbij zijn: vergroting van binding van groepen en individuen aan de samenleving, het bevorderen van weerbaarheid en actief ingrijpen tegen radicalen, radicaliseerders en hun ondersteuners.
-   Bracht in 2005 samen met minister Remkes de Nota Corruptiepreventie uit. Daarin worden diverse maatregelen aangekondigd om corruptie tegen te gaan, zoals de oprichting van een Bureau integriteitsbevordering openbare sector.
-   Verdedigde in 2005 en 2006 met succes het wetsvoorstel 'afgeschermde getuigen' in beide Kamers. Het wetsvoorstel werd kort na zijn aftreden door minister Hirsch Ballin in het Staatsblad gebracht.
-   Verdedigde in 2006 samen met minister Remkes in de Tweede Kamer met succes een wijziging van de Politiewet tot invoering van een nieuw stelsel voor bewaking en beveiliging van personen, objecten en diensten.
-   Diende in 2006 samen met minister Remkes een wetsvoorstel tot herstructurering van de Raad van State in
-   Was als minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid eerstverantwoordelijke voor het besluit om per 1 mei 2007 de grenzen open te stellen voor werknemers uit Midden- en Oosteuropese EU-landen

als bewindspersoon (wetgeving)
-   Bracht in 2002 een nieuwe Wet justitiële gegevens in het Staatsblad (Stb. 552). Hierdoor kunnen onder meer gegevens over zedenmisdrijven veel langer worden bewaard. Verder wordt beter aangesloten bij privacybepalingen uit de Wet bescherming persoonsgegevens. Het wetvsoorstel was in 1996 ingediend door minister Sorgdrager en werd in de Tweede Kamer verdedigd door minister Korthals.
-   Bracht in 2002 samen met minister Kamp een wet in het Staatsblad (Stb. 218) waardoor bepalingen van de Huurprijzenwet woonruimte en de Wet op de huurcommissies worden geïntegreerd in een nieuwe Uitvoeringswet huurprijzen woonruimte. Daarnaast wordt een deel van de tekst van de Huurprijzenwet woonruimte overgeheveld naar de nieuwe titel 7.4 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek. Hierdoor wordt de huur(prijs)wetgeving vereenvoudigd en moet grotere uniformiteit in de uitspraken van de huurcommissies worden bereikt. Het wetsvoorstel was in 2001 ingediend door minister Korthals en staatssecretaris Remkes.
-   Bracht in 2003 een wetswijziging (Stb. 198) tot stand waardoor het ongecontroleerd gebruik van verborgen camera's aan banden wordt gelegd. Het wetsvoorstel was in 1998 ingediend door minister Korthals.
-   Bracht in 2003 een wetswijziging (Stb. 201) tot stand waarmee een wettelijke basis wordt gegeven aan DNA-onderzoek naar uiterlijk waarneembare persoonskenmerken. De bestaande regeling voor DNA-onderzoek in strafzaken stond slechts vergelijking van DNA-profielen toe. Met de wetswijziging worden de bestaande strafrechtelijke onderzoeksmogelijkheden uitgebreid. Het wetsvoorstel was in 2001 ingediend door minister Korthals.
-   Bracht in 2003 samen met staatssecretaris Wijn een wet (Stb. 199) tot stand waardoor er een wettelijke basis komt voor het gebruik van de elektronische handtekening. Het wetsvoorstel was in 2001 ingediend door minister Korthals en staatssecretaris Bos.
-   Bracht in 2003 wijzigingen van het Burgerlijk Wetboek (Stb. 238) tot stand die tot betere bescherming van huizenkopers moeten leiden. Er wordt onder andere een bedenktijd van drie dagen ingesteld bij de koop van onroerend goed. Bij koop/aanneming van een nieuw gebouwde woning kan 5 procent van de prijs in depot worden gestort bij de notaris in verband met eventuele na de levering blijkende gebreken. Het wetsvoorstel werd in 1993 ingediend door minister Sorgdrager.
-   Bracht in 2003 een wijziging van het Burgerlijk Wetboek (Stb. 495) tot stand. Hierdoor vervalt de absolute verjaringstermijn voor personenschade en gaat de verjaringstermijn voor eisen tot schadevergoeding pas lopen nadat het slachtoffer de omvang van de geleden schade kent en weet wie er voor aansprakelijk is. De nieuwe wet is onder meer van belang voor slachtoffers van asbest. Het wetsvoorstel was in 1999 ingediend door minister Korthals.
-   Bracht in 2004 de Overleveringswet (Stb. 195) tot stand. Hiermee worden uitleveringsverzoeken in de EU vervangen door een geüniformeerd Europees aanhoudingsbevel. Verder wordt het aantal toetsingscriteria bij uitlevering verminderd en worden procedures onderling afgestemd, waarbij niet langer regeringen maar nog slechts justitiële autoriteiten zijn betrokken en waaraan termijnen zijn gekoppeld.
-   Bracht in 2004 met minister Remkes de Wet op de uitgebreide identificatieplicht (Stb. 300) tot stand. Door deze wet krijgen politie, buitengewoon opsporingsambtenaren en de toezichthouders in het kader van hun taakuitoefening de bevoegdheid burgers inzage in hun identiteitsbewijs te vragen. Hiermee moet beter toezicht op handhaving van naleving van regels en toezicht op verblijf in de openbare ruimt eenvoudiger worden.
-   Bracht in 2004 de Wet terroristische misdrijven (Stb. 290) tot stand. Deze wet verhoogt onder meer de maximale gevangenisstraf voor misdrijven die met een terroristisch oogmerk worden gepleegd en stelt rekrutering voor terroristische activiteiten strafbaar. Leiders van een terroristische organisatie kunnen een levenslange gevangenisstraf krijgen.
-   Bracht in 2004 een wijziging van de Penitentiaire Beginselenwet (Stb. 350) tot stand. Deze wetswijziging verruimt de mogelijkheden om in penitentiaire inrichtingen meer gedetineerden in één cel te plaatsen. Doel is de effectiviteit van de strafrechtstoepassing te vergroten door de uitbreiding van de sanctiecapaciteit. De directeur van een penitentiaire inrichting bepaalt of een gedetineerde met een andere gedetineerde in een cel wordt geplaatst, met inachtneming van in een ministeriële regeling gegeven criteria.
-   Bracht in 2004 een wet (Stb. 351) tot stand waardoor personen die veelvuldig strafbare feiten plegen, in een specifieke strafinrichting of afdeling van zo'n inrichting kunnen worden opgenomen.
-   Bracht in 2005 een wijziging van het Wetboek van Strafrecht (Stb. 111) tot stand, waardoor discriminatie vanwege een lichamelijk, psychische of verstandelijke handicap strafbaar wordt.
-   Bracht in 2005 een wijziging van het Wetboek van Strafrecht en Wetboek van Strafvordering (Stb. 254) tot stand, die het mogelijk maakt dat een afspraak wordt gemaakt tussen de officier van justitie en een verdachte van een strafbaar feit met het oog op het verkrijgen van een getuigenverklaring in een strafzaak tegen een andere verdachte. De verdachte krijgt dan in ruil voor de getuigenverklaring een lagere straf dan gebruikelijk. Het voorstel was in 1998 ingediend door minister Korthals.
-   Bracht in 2005 een wet over de regeling van bevoegdheden tot vordering van gegevens (Stb. 390) tot stand. Derden (zoals bibliotheken of internetproviders) kunnen in het belang van opsporing, indien nodig onder dwang, worden verplicht gegevens te verstrekken. De bevoegdheden sluiten aan bij bestaande dwangmiddelen. Het betreft bevoegdheden tot het vorderen van zogenaamde identificerende gegevens, het vorderen van andere dan identificerende gegevens, het vorderen van gevoelige gegevens en het vorderen van medewerking aan het ontsleutelen van versleutelde gegevens.
-   Bracht in 2006 de Wet bijzondere opsporingsdiensten (Stb. 285) tot stand. Het aantal bijzondere opsporingsdiensten met algehele opsporingsbevoegdheid wordt teruggebracht van 21 naar vier: op het gebied van financiën en economie, landbouw, milieu en leefomgeving en sociale zekerheid. Deze opsporingsdiensten zijn belast met de (strafrechtelijke) handhaving van de ordeningswetgeving. Naast de algemene opsporingsbevoegdheid regelt de wet de bevoegdheden tot geweldgebruik en tot het doen van een veiligheidsonderzoek voor de bijzondere opsporingsdiensten. Er komt in één landelijke organisatorische eenheid binnen het openbaar ministerie, het zogenoemde functioneel parket.
-   Bracht in 2006 de Wet OM-afdoening (Stb. 399) tot stand. Hierdoor komen alleen de zwaardere strafzaken nog bij de strafrechter terecht. Het Openbaar Ministerie krijgt de mogelijkheid om onder meer geldboetes, korte rijontzeggingen en schadevergoedingsmaatregelen op te leggen.

als (in)formateur
-   Kreeg op 17 mei 2002 het verzoek de mogelijkheden te onderzoeken van de spoedige vorming van een kabinet dat mocht rekenen op een vruchtbare samenwerking met de volksvertegenwoordiging en de weg aan te geven waarlangs dat kabinet tot stand kon komen. Op 23 mei deelde VVD-fractievoorzitter Zalm mee dat zijn partij - ondanks het grote verlies bij de verkiezingen - wilde praten over regeringsdeelname. De onderhandelaars van CDA (Balkenende), LPF (Herben) en VVD (Zalm) bereikten op 1 juli overeenstemming over een ontwerp-regeerakkoord. Op 4 juli bracht hij zijn eindverslag uit.
-   Kreeg op 24 januari 2003 het verzoek op zo kort mogelijke termijn na te gaan welke mogelijkheden er waren voor de vorming van een nieuw kabinet, dat kon rekenen op een vruchtbare samenwerking met de Staten-Generaal. Op 3 februari adviseerde hij een verder onderzoek van de vorming van een kabinet van CDA en PvdA. Tevens gaf hij een overzicht van de thema's (waaronder de begroting, de WAO, veiligheid en integratie) die tijdens de formatie verder aan bod moesten komen.
-   Kreeg op 5 februari 2003 het verzoek om, samen met prof.dr. F. Leijnse, in lijn met zijn eindverslag onderzoek doen naar de spoedige totstandkoming van een kabinet van CDA en PvdA. Op 26 februari stelden zij een gemeenschappelijk kader op waarbinnen de beleidsthema's verder moesten worden uitgediept. Een geschil over de steun aan de militaire operatie (buiten de VN om) in Irak werd op 25 maart opgelost. Op 11 april bleek er echter geen overeenstemming mogelijk over extra bezuinigingen.

[ V ][ ^^ ]

wetenswaardigheden

algemeen
-   Werd in juni 2004 in de Tweede Kamer ernstig bekritiseerd over de gang van zaken rond een ontvluchte tbs'er die tijdens die vlucht een 12-jarig meisje had ontvoerd. Een door de LPF ingediende motie van wantrouwen kreeg echter alleen steun van LPF en PvdA.
-   In juni 2005 moest hij zich in de Tweede Kamer verantwoorden voor de ontvluchting van een tbs'er die daarna betrokken was bij een moord. Na de toezegging dat het systeem van ter beschikking stelling en het proefverlof kritisch onder de loep zouden worden genomen, verwierp de Tweede Kamer een door LPF en Groep-Wilders ingediende motie van wantrouwen.
-   In september 2005 kwam hij onder vuur te liggen vanwege de gang van zaken in de Schiedamse parkmoord. Daarbij was door ernstige fouten bij het OM bij het onderzoek een persoon ten ontrechte veroordeeld en pas na vier jaar vrijgelaten. Na toezeggingen over onderzoek naar mogelijke gelijksoortige fouten, werd een door GroenLinks ingediende motie van wantrouwen verworpen.
-   Trad af na het verschijnen op 21 september 2006 van het rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid, waarin een brand elf met dodelijke slachtoffers in het Detentie- en Uitzettingscentrum Schiphol-Oost mede werd verweten aan de Dienst Justitiële Inrichtingen. Deze onder zijn verantwoordelijkheid vallende instelling was belast met de veiligheid van de gedetineerden.

anekdotes
-   Zei na het voor de regering negatief uitgevallen referendum over de Europese Grondwet - het eerste referendum sinds omstreeks 200 jaar -: "Zo'n referendum, dat moesten we vaker doen. Misschien maar weer eens over 100 jaar."

woonplaats
's-Gravenhage

verenigingen, sociëteiten, genootschappen
lid oratorische vereniging I.U.M.B.O.

[ V ][ ^^ ]

publicaties/bronnen

literatuur/documentatie
-   Rinskje Koelewijn en René Moerland, "De buigzame bewaker van het gezag. Piet Hein Donner, ex-mentor van Balkenende, moet op Justitie nu gewoon vechten om te overleven" in: NRC Handelsblad, 5 april 2004
-   Jan Hoedeman en Bert Wagendorp, "De wereld van Donner", in: De Volkskrant, 17 september 2005
-   Interview: "'Leuk' hoort niet bij vak van minister" in: De Volkskrant, 4 februari 2006

[ V ][ ^^ ]

familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm
gehuwd te Amsterdam, 23 juni 1973

familierelaties
-   Zoon van A.M. Donner, lid Europees Hof van Justitie
-   Kleinzoon van J. Donner, minister en president Hoge Raad



Gegevens hebben - zeker voor wat het recente verleden betreft - vooral betrekking op de periode waarin iemand politiek en bestuurlijk actief was. (Gemotiveerde) aanvullingen of correcties ontvangen wij graag. U kunt hiervoor de "reageer-knop" gebruiken.


personalia
partij/stroming
loopbaan
nevenfuncties
opleiding
activiteiten
wetenswaardigheden
publicaties/bronnen
familie/gezin
Nieuws
TXT/Print-versie voor correct en passend afdrukken (verschijnt in een nieuw venster)Reageer op deze pagina. Aanvullingen en suggesties zijn altijd welkom!
homeHome           Route