| - | |
assistent-accountant Rijksbureau Prijsvorming chemische produkten, ministerie van Economische Zaken, van 1 april 1943 tot 1945 (vanaf 1944 in Amsterdam) |
| - | |
redacteur sociaal beleid, dagblad "Het Parool", van juni 1945 tot 1 november 1945 |
| - | |
redacteur binnenland, weekblad "Vrij Nederland", van 1 november 1945 tot december 1948 (tevens adjunct-eindredacteur) |
| - | |
directeur WBS (Wiardi Beckman Stichting), wetenschappelijk bureau PvdA, van 15 januari 1949 tot 1 januari 1963 |
| - | |
lid gemeenteraad van Amsterdam, van 1 september 1953 tot 14 april 1965 |
| - | |
lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 6 november 1956 tot 5 juni 1963 |
| - | |
wethouder (van publieke werken, economische zaken en haven- en handelsinrichtingen) van Amsterdam, van 8 november 1962 tot 14 april 1965 |
| - | |
minister van Economische Zaken, van 14 april 1965 tot 22 november 1966 |
| - | |
fractievoorzitter PvdA Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 15 februari 1967 tot 11 mei 1973 |
| - | |
lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 23 februari 1967 tot 11 mei 1973 |
| - | |
minister-president en minister van Algemene Zaken, van 11 mei 1973 tot 19 december 1977 |
| - | |
lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 8 juni 1977 tot 8 september 1977 |
| - | |
lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 16 januari 1978 tot 11 september 1981 |
| - | |
fractievoorzitter PvdA Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 16 januari 1978 tot 10 september 1981 |
| - | |
minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en viceminister-president, van 11 september 1981 tot 29 mei 1982 |
| - | |
minister belast met coördinatie van aangelegenheden de Nederlandse Antillen betreffend en met de zorg voor de aan de Nederlandse Antillen te verlenen hulp en bijstand, van 11 september 1981 tot 29 mei 1982 |
| - | |
fractievoorzitter PvdA Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 7 september 1982 tot 21 juli 1986 |
| - | |
lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 16 september 1982 tot 24 december 1987 |
| - | |
redactiesecretaris partijblad "Socialisme en Democratie", van 1949 tot 1962 |
| - | |
adviserend lid partijbestuur PvdA, van 1949 tot 1962 |
| - | |
secretaris plancommissie over de toekomst van Amsterdam, 1952 |
| - | |
fractievoorzitter PvdA gemeenteraad van Amsterdam, van 1955 tot 4 september 1962 |
| - | |
lid partijbestuur PvdA, van maart 1965 tot 14 april 1965 |
| - | |
lid werkgroep PvdA inzake herziening van het parlementaire stelsel, van 1966 tot april 1967 |
| - | |
politiek leider PvdA, van 13 september 1966 tot 21 juli 1986 |
| - | |
lijsttrekker PvdA Tweede-Kamerverkiezingen 1967, van 13 september 1966 tot 15 februari 1967 |
| - | |
lid partijbestuur PvdA, van 1967 tot 1 juni 1986 |
| - | |
lid commissie-Mansholt (PvdA, PPR, D'66) over 'Grenzen aan de groei', van januari 1972 tot 6 maart 1972 |
| - | |
lijsttrekker PvdA Tweede-Kamerverkiezingen 1971, van 19 september 1970 tot 28 april 1971 |
| - | |
lijsttrekker PvdA Tweede-Kamerverkiezingen 1972, van 16 september 1972 tot 29 november 1972 |
| - | |
lijsttrekker PvdA Tweede-Kamerverkiezingen 1977, van 29 januari 1977 tot 25 mei 1977 |
| - | |
voorzitter Federatie van Socialistische Partijen in West-Europa, van 1980 tot 1986 |
| - | |
lijsttrekker PvdA Tweede-Kamerverkiezingen 1981, van 28 februari 1981 tot 26 mei 1981 |
| - | |
lijsttrekker PvdA Tweede-Kamerverkiezingen 1982, van 10 juli 1982 tot 8 september 1982 |
| - | |
vicevoorzitter Federatie van Socialistische Partijen in West-Europa, van 1986 tot 24 december 1987 |
| - | |
lijsttrekker PvdA Tweede-Kamerverkiezingen 1986, van 15 februari 1986 tot 21 mei 1986 |
| - | |
vicevoorzitter Socialistische Internationale, van 1986 tot 24 december 1987 (onbetaald) |
| - | |
redacteur kerkelijke pers, Groot Gereformeerd Studentenblad "Libertas ex Veritate", van 1940 tot 1941 |
| - | |
medewerker verzetsblad "De Nieuwe Vrijheid", van 1944 tot 1945 |
| - | |
plaatsvervangend lid SER (Sociaal-Economische Raad) |
| - | |
lid commissie van onderzoek wijziging rechtsvorm van de onderneming (commissie-Verdam), van april 1960 tot 19 januari 1965 |
| - | |
kabinetsformateur, van 1 juni 1977 tot 19 juli 1977 |
| - | |
kabinetsformateur, van 27 juli 1977 tot 25 augustus 1977 |
| - | |
informateur, van 2 september 1977 tot 9 oktober 1977 (samen met Veringa) |
| - | |
kabinetsformateur, van 26 oktober 1977 tot 7 november 1977 |
| - | |
lid commissie-Palme inzake wapenbeheersing en ontwapening, omstreeks 1984 |
| - | |
voorzitter jury AKO-literatuurprijs 1988, van september 1987 tot 24 december 1987 |
| - | |
voorzitter bijzondere commissie voor de Grond- en Kieswet (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van september 1967 tot 11 mei 1973 |
| - | |
voorzitter bijzondere commissie voor het wetsontwerp tijdelijke steun aan de Nederlandse Spoorwegen (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van september 1967 tot februari 1968 |
| - | |
voorzitter bijzondere commissie voor het wetsvoorstel financieel statuut van het Koninklijk Huis (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van juni 1970 tot oktober 1970 |
| - | |
voorzitter vaste commissie voor de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 12 mei 1971 tot 11 mei 1973 |
| - | |
voorzitter vaste commissie voor de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 16 januari 1978 tot 10 juni 1981 |
| - | |
voorzitter vaste commissie voor de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van oktober 1982 tot juni 1986 |
| - | |
Zijn kabinet kreeg eind 1973 te maken met een olieboycot door Arabische landen. Het kabinet voerde daarop een beperkte distributie in, stelde enkele autoloze zondagen in en vroeg (en kreeg) volmachten via de zogenaamde Machtigingswet inkomensvorming. Op grond van deze wet werden lonen, prijzen, inkomens, dividenden en huren aan banden gelegd. |
| - | |
Wendde zich op 1 december 1973, een dag nadat het kabinet had besloten tot benzinedistributie, via radio en televisie tot de bevolking om dit besluit uit te leggen. Zei bij die gelegenheid dat er reden was voor zorg, maar dat daarbij niet overdreven moest worden. Hij wees erop dat er niet kon worden doorgegaan met het verbruik van brandstoffen en grondstoffen, zoals dat sinds 1945 was gebeurd en dat we ons moesten instellen op een levensgedrag met een zuiniger gebruik van energie: "Zo bezien, keert de wereld van voor de oliecrisis niet terug." |
| - | |
Kreeg als minister-president te maken enkele gijzelingsacties, onder andere uitgevoerd door het Japanse Rode Leger in de Franse ambassade in Den Haag en door Zuid-Molukse jongeren in een basisschool, in treinen en in Amsterdam |
| - | |
Tijdens zijn kabinetsperiode werd Suriname onafhankelijk (1975). Dit ging - met name in de voorafgaande jaren - gepaard met de toestroom naar Nederland van vele Surinaamse Rijksgenoten. |
| - | |
Kreeg in 1976 te maken met de zogenaamde Lockheed-affaire rond prins Bernhard. Door het kabinet werd een Commissie van Drie (Donner, Holtrop, Peschar) ingesteld die concludeerde dat Prins Bernhard zich gevoelig had getoond voor gunsten en giften van de vliegtuigfabriek Lockheed. Prins Bernhard legde zijn functies bij de krijsmacht en in het bedrijfsleven neer, maar er werd niet overgegaan tot strafvervolging. Den Uyl kreeg veel lof voor de wijze waarop deze affaire werd opgelost. |
| - | |
Bracht in december 1965 de nota over de geleidelijke sluiting van de steenkolenmijnen in Zuid-Limburg, alsmede de herstructurering van de Limburgse industrie uit. Deze nota bevatte, naast een mijnsluitingsprogramma, een pakket van steunmaatregelen voor mijnondernemingen die met het oog op de werkgelegenheid de productie zouden voortzetten en maatregelen om industrievestiging in het herstructureringsgebied te stimuleren. Er werden in het sociale vlak voorzieningen getroffen voor mijnwerkers die hun arbeidsplaats verloren zagen gaan en die nieuw werk moesten vinden. |
| - | |
Bracht in 1966 de Nota inzake Groei en Structuur van de economie uit. Verhoging van het peil van de Nederlandse industrie werd nodig geacht om economische groei te kunnen waarborgen. Onderzoek en ontwikkeling moesten daarom meer aandacht krijgen. |
| - | |
Diende in 1975 als minister van Algemene Zaken samen met minister De Gaay Fortman het wetsvoorstel Wet Openbaarheid van Bestuur in. Het voorstel werd in 1978 door zijn opvolger in het Staatsblad gebracht. |
| - | |
Kwam in 1981 als minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid met een Banenplan ter bevordering van de werkgelegenheid. Hierin werd uitgegaan van het door de overheid scheppen van 60.000 nieuwe banen. Op Goede Vrijdag 9 april 1982 bereikte hij over de financiering daarvan een compromis in het kabinet, dat echter vanwege financiële tegenvallers snel weer van tafel verdween. |
| - | |
Diende in 1982 samen met staatssecretaris Dales plannen in ter beperking van de boven-wettelijke uitkering in de Ziektewet. Dit voorstel leidde tot heftige protesten van de vakbeweging. |
| - | |
Behoorde in 1947/1948 tot de zgn. Nova Zembla-groep die zich verzette tegen militair optreden jegens de Republiek Indonesië |
| - | |
Was één van de belangrijkste auteurs van het PvdA-beginselprogramma in 1959 |
| - | |
Was na het aftreden van Burger als fractievoorzitter kandidaat voor die functie, maar kreeg slechts drie stemmen |
| - | |
Speelde een belangrijke rol bij het opstellen van het verkiezingsprogramma in 1963 |
| - | |
Zette zich als wethouder in voor versterking van Amsterdam als economisch centrum, onder meer door vestiging van industrieën (o.a. de Mobil-raffinaderij) in het havengebied na te streven. Ook maakte hij zich sterk voor vernieuwbouwplannen in het centrum, voor ontwikkeling van de Bijlmer en voor betere bereikbaarheid van de stad. Veel van zijn plannen bleven onuitgevoerd. |
| - | |
Vormde in april 1971 met Van Mierlo en Aarden een schaduwkabinet bestaande uit kandidaat-bewindslieden van PvdA, D'66 en PPR, waarvan hij de leider was |
| - | |
Werd op 12 mei 1971 op voorstel van PvdA, D'66 en PPR voorgedragen als kabinetsformateur. De Tweede Kamer verwierp dit voorstel-Van Mierlo c.s. echter met 84 tegen 51 stemmen. |
| - | |
Vormde in november 1972 met Van Mierlo en De Gaay Fortman een zgn. deelkabinet met kandidaat-bewindslieden uit PvdA, D'66 en PPR |
| - | |
Het kabinet-Den Uyl werd geformeerd op basis van de programma's "Keerpunt'72" van PvdA, D'66 en PPR en van "Schets van beleid" van KVP en ARP. Leidraad voor het regeringsbeleid was spreiding van kennis, inkomen en macht |
| - | |
Voerde in 1975 op het Domplein in Utrecht het woord op een protestbijeenkomst tegen executies in Spanje |
| - | |
Zijn kabinet kwam in 1977 ten val ten gevolge van een meningsverschil in de ministerraad over de grondpolitiek |
| - | |
Behaalde als lijsttrekker met zijn partij in 1977 een grote zetelwinst (tien zetels), maar wist na een kabinetsformatie van bijna zes maanden geen kabinet te vormen van PvdA, CDA en D'66. Keerde in januari 1978 terug als oppositieleider. |
| - | |
Stelde de Anne Vondelingprijs voor politieke journalistiek in. De prijs werd in 1980 voor het eerst uitgereikt |
| - | |
Verzette zich in 1981 op het PvdA-verkiezingscongres met succes tegen voorstellen om in het programma op te nemen dat Nederland alle kerntaken moest afstoten. Voorstanders van deze voorstellen gaven hem de bijnaam "Joop Atoom". |
| - | |
Waarschuwde op 3 mei 1981 in Paradiso tegen de opkomst van 'Nieuw Rechts', een fusie van conservatieve en bepaalde liberale denkbeelden. Hij vreesde voor een toenemende afkeer van de verzorgingsstaat. Tegenstanders verweten hem 'spoken' te zien. |
| - | |
Brak tijdens de bezetting met het geloof, nadat een joodse vriendin van hem was weggevoerd |
| - | |
In zijn vriendenkring zaten behalve journalisten en politici ook kunstenaars onder wie de dichter Adriaan Morriën en de regisseur Milo Anstadt |
| - | |
Ging lange tijd op vakantie met zijn gezin kamperen en reisde zodoende in de naoorlogse jaren naar diverse Europese landen (Turkije, Oost-Duitsland, Tsjechoslowakije, Finland, Italië) |
| - | |
Kon met veel bevlogenheid een zaal toespreken, enthousiasmeren en zelfs ontroeren, maar wist zich als zijn aanhangers hem huldigden nauwelijks een houding te geven. Hij kon ontroerd raken door een gedicht of als hij op een zeer persoonlijke wijze werd toegesproken of toegezongen. |
| - | |
Zijn directe contacten met kiezers hadden, vanwege een zekere mate van verlegenheid, soms iets krampachtigs |
| - | |
Zijn echtgenote Liesbeth was actief in de Rooie Vrouwen en zette zich onder andere in voor de nabestaanden van slachtoffers van de Argentijnse dictatuur |
| - | |
Voor zijn houding ten opzichte van de ontwikkelingen in de jaren zestig waren behalve de opvattingen van zijn vrouw Liesbeth ook discussies met zijn opgroeiende kinderen van groot belang |
| - | |
In Zaandam is in december 1990 een door Jan Wolkers vervaardigd beeld ter zijner nagedachtenis onthuld |
| - | |
In Almere staat sinds 1991 een standbeeld van hem |
| - | |
Op 16 december 1992 werd in het Tweede-Kamergebouw een borstbeeld van hem onthuld |
| - | |
Zijn vader was winkelier en mandenmaker in Hilversum |
| - | |
Zijn vader overleed toen Joop 10 jaar was |
| - | |
Hilversum, Stationsstraat, van 9 augustus 1919 tot 1935 |
| - | |
Hilversum, Frans Halsstraat, vanaf 1935 |
| - | |
Amsterdam, Keizersgracht, van 1940 tot april 1941 |
| - | |
Diemen, Ouderkerkerlaan 137, van april 1941 tot april 1943 |
| - | |
's-Gravenhage, Prins Hendrikkade, van april 1943 tot 1944 |
| - | |
Amsterdam, Amstel 175, vanaf |
| - | |
Amsterdam, Nieuwe Herengracht 97, van 1945 tot 1951 |
| - | |
Amsterdam, James Rosskade 14/II, van 1951 tot 1957 |
| - | |
Amsterdam, Milletstraat 51II, van 1957 tot 1967 |
| - | |
Amsterdam-Buitenveldert, Weldam 5, van 1967 tot december 1987 |
| - | |
F. van der Molen, "Wie is Wie in de Tweede Kamer?" (1970) |
| - | |
H. van der Werf, "Joop den Uyl: profiel van een politicus" (1975) |
| - | |
E. Mathies en A. de Kwant, "Twee dingen", interviews en uitspraken van en over Den Uyl |
| - | |
"Ministerraad 1989", uitgave ter gelegenheid van zijn 60e verjaardag (1979) |
| - | |
H. Visser, "Wie is Wie in de Tweede Kamer? (1983) |
| - | |
L. Castelijn e.a. "Tekens in de tijd. 65 jaar Joop den Uyl" (1984) |
| - | |
B. Vuijsje en J. Jansen van Galen, "Joop den Uyl; politiek als hartstocht" (1985) |
| - | |
M. Wagenaar, "Herinneringen aan Joop den Uyl" (Amsterdam, 1988) |
| - | |
M. de Bok, "Een leven in interviews" (1988) |
| - | |
D.J.F. Bosscher, "Na het overlijden van J. den Uyl", in: Jaarboek DNPP (1988) |
| - | |
A.A. de Jonge, "Uijl, Johannes Marten den (1919-1987)", in: Biografisch Woordenboek van Nederland, deel IV, 507 |
| - | |
W. Breedveld, "Joop den Uyl, een strijder in de politieke arena", in: Socialisme en Democratie, 50, (2) 1993 |
| - | |
W. Breedveld, "Joop den Uyl: die tijd keert nooit weerom", in: Vijftiende jaarboek voor het democratisch socialisme (Amsterdam, 1994) |
| - | |
O. Reichwein, "J.M. den Uyl. Gereformeerd af, socialist geworden, calvinist gebleven" (Utrechtse Historische Cahiers, jrg. 19 (1998), nr. 4 |
| - | |
H. te Velde, "Stijlen van leiderschap. Persoon en politiek van Thorbecke tot Den Uyl", 191-240 (2003) |
| - | |
Anet Bleich, "Joop den Uyl 1919-1987. Dromer en doordouwer" (2008) |