| - | |
klinknageljongen scheepswerf te Leeuwarden, van 1928 tot 1929 |
| - | |
arbeider constructiewerkplaats te Leeuwarden, 1929 (gedurende een half jaar) |
| - | |
machinebankwerker N.V. Koninklijke Haardenfabriek "E.M. Jaarsma" te Hilversum, vanaf 1929 |
| - | |
bezoldigd lid bestuur CMB (Christelijke Metaalbewerkers Bond), vanaf 1946 |
| - | |
tweede voorzitter CMB (Christelijke Metaalbewerkers Bond), tot 1952 |
| - | |
lid gemeenteraad van Hilversum, van 6 september 1949 tot 13 juni 1959 |
| - | |
secretaris CNV (Christelijk Nationaal Vakverbond), van 1952 tot juni 1959 |
| - | |
staatssecretaris van Sociale Zaken en Volksgezondheid, van 13 juni 1959 tot 24 juli 1963 |
| - | |
lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 2 juli 1963 tot 5 april 1967 |
| - | |
fractievoorzitter ARP Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 15 april 1965 tot 15 februari 1967 |
| - | |
minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, van 5 april 1967 tot 6 juli 1971 |
| - | |
lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 11 mei 1971 tot 8 juni 1977 |
| - | |
voorzitter CMB (Christelijke Metaalbewerkers Bond) afdeling Hilversum |
| - | |
plaatsvervangend lid SER (Sociaal-Economische Raad), van 1953 tot 1959 |
| - | |
lid CEC (Commissie Economische Mededinging), van 11 november 1958 tot juni 1959 |
| - | |
lid SER (Sociaal-Economische Raad), 1959 |
| - | |
lid Raad van Commissarissen Spinnerij Swabo te Tilburg |
| - | |
lid Raad van Commissarissen Van Leeuwen Buizenhandel te Zwijndrecht |
| - | |
lid Raad van Commissarissen NCB (Nederlandse Creditbank) te Amsterdam |
| - | |
lid Raad van Commissarissen Nederlandse Scheepvaart Unie te Rijswijk |
| - | |
lid Raad van Commissarissen Ago Verzekeringen te Amsterdam |
| - | |
lid Raad van Commissarissen Polynorm te Bunschoten |
| - | |
lid Raad van Commissarissen Holec te Hengelo |
| - | |
lid Raad van Commissarissen Drukkerij de Boer te Hilversum |
| - | |
lid College van Advies ICI-Holland |
| - | |
adviseur Raad van Werkgevers in het schildersbedrijf |
| - | |
voorzitter Nederlands Blindenwezen te Amsterdam |
| - | |
lid Centrale Commissie van Advies voor de Arbeidsvoorziening |
| - | |
lid centrale commissie van advies voor de beroepsclassificatie |
| - | |
voorzitter SAIB (Stichting Algemene en Individuele Blindenbelangen) te Amsterdam |
| - | |
voorzitter SRVB (Stichting tot Revalidatie van Volwassene Blinden en Slechtzienden) te Apeldoorn |
| - | |
voorzitter Diaconessenhuis te Hilversum |
| - | |
lid hoofdbestuur Oranje Groene Kruis te Utrecht |
| - | |
drie kerkelijke deputaatschappen |
| - | |
lid curatorium Algemeen Sociaal Voorzieningsfonds voor Gooi- en Eemland |
| - | |
geheim adviseur olieconcern Gulf Oil, omstreeks 1976 |
| - | |
voorzitter Raad voor de Beroepsvoorlichting, vanaf april 1978 |
| - | |
lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 15 april 1965 tot 20 september 1966 |
| - | |
ondervoorzitter vaste commissie voor de Middenstand (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van februari 1967 tot 5 april 1967 |
| - | |
plaatsvervangend lid Presidium (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van mei 1971 tot september 1971 |
| - | |
lid Presidium (derde ondervoorzitter) (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 21 september 1971 tot 8 juni 1977 |
| - | |
voorzitter bijzondere commissie voor de ontwerp-Machtigingswet inkomensvorming en bescherming van werkgelegenheid (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van november 1973 tot januari 1974 |
| - | |
voorzitter bijzondere commissie voor de Interimnota inkomensbeleid (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van mei 1975 tot februari 1976 |
| - | |
Speelde als staatssecretaris een belangrijke rol bij het doorvoeren van de gedifferentieerde loonpolitiek ter vervanging van de geleide loonpolitiek uit de jaren vijftig. |
| - | |
Vroeg in januari 1962 advies aan de Stichting van de Arbeid over uitvoering van een E.G.-richtlijn over gelijk loon voor mannen en vrouwen. Beperkte die gelijkstelling echter tot functies waarin vrouwen dezelfde arbeid als mannen verrichtten. |
| - | |
Bracht in 1969 de Nota buitenlandse werknemers uit |
| - | |
Bracht in 1970 samen met de ministers Nelissen en Schut en staatssecretaris Van Son de Nota inzake de sociaal-economische ontwikkeling in Oost-Groningen uit |
| - | |
Stelde op 9 december 1970 een loonpauze in, om te voorkomen dat de haven-CAO waarin onder meer een loonsverhoging van f 400,- was opgenomen, een algemene loonronde zou inluiden. Moest onder druk van protesten van de vakbeweging deze maatregel deels terugdraaien. Hijzelf was aanvankelijk tegenstander van een ingreep in de lonen, daar waar vooral de ministers Witteveen en Bakker daar voorstander van waren. |
| - | |
Bracht in 1962 een wijziging van de Arbeidswet 1919 tot stand, waardoor ploegenarbeid in het bakkerijbedrijf mogelijk werd gemaakt. Tevens werd het tijdstip waarop vers brood mocht worden verkocht, vervroegd van negen uur naar half negen 's ochtends. |
| - | |
Bracht in 1967 de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) in het Staatsblad (Stb. 617). Deze wet voert een verplichte volksverzekering in tegen bijzondere - moeilijk te verzekeren - ziektekosten. De wet geeft recht op verstrekkingen in natura, te weten verplegingen in inrichtingen, verpleeghuizen, ziekenhuizen, psychiatrische inrichtingen en sanatoria (in de laatste drie gevallen na een jaar). De premie wordt betaald door de werkgevers. Het voorstel was in 1966 ingediend door minister Veldkamp. |
| - | |
Bracht in 1967 de Wet Sociale Werkvoorziening (WSW) (Stb. 687) tot stand. Deze wet regelt voor mensen met lichamelijke, psychische of karakterologische gebreken de mogelijkheid om in werkplaatsen aangepast werk te verrichten en zo in hun eigen levensonderhoud te voorzien. De wet vervangt twee bestaande ministeriële beschikkingen (voor hoofd- en voor handarbeiders uit resp. 1953 en 1963). Gemeenten krijgen een belangrijke rol bij de uitvoering van de wet en ontvangen hiervoor een rijksuitkering. |
| - | |
Bracht in 1968 de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (Stb. 657) tot stand, die in beginsel alle werknemers tussen de 24 en 65 jaar een minimumloon en minimumvakantietoeslag van zes procent van het loon verzekert. |
| - | |
Bracht in 1969 samen met de ministers Schut en Witteveen en met staatssecretaris Grapperhaus de Wet op het Bezitsvormingsfonds (Stb. 418) tot stand. Het kapitaal dat was gevormd met de verkoop van de staatsaandelen Breedband NV aan Koninklijke Hoogovens werd gebruikt om het eigenwoningbezit en het effectenbezit van kleine spaarders te bevorderen, onder meer door de uitgifte van spaareffecten. |
| - | |
Bracht in 1970 een wet (Stb. 350) tot stand tot verhoging van de AOW- en AWW-uitkeringen en tot invoering van een vakantie-uitkering in de AOW en AWW, alsmede verhoging van de inkomensgrens ziekenfondsverzekering bejaarden. |
| - | |
Bracht in 1970 een wijziging (Stb. 353) van de Arbeidswet tot stand, waardoor werkende 15-jarigen verplicht worden één dag per week onderwijs te volgen met behoud van loon. |
| - | |
Bracht in 1970 de Wet op de loonvorming (Stb. 69) tot stand, die de regering de bevoegdheid gaf om in te grijpen in de loonontwikkeling. Deze wet stuitte op veel verzet van de vakbeweging. |
| - | |
Bracht in 1971 een wet (Stb. 54) tot herziening van de Wet op de Ondernemingsraden tot stand, waardoor ondernemingsraden medezeggenschap krijgen bij pensioenregelingen, winstdelingsregelingen en bij vaststelling van werktijden en vakantieregelingen. Er komt aandacht van scholing en vorming van gekozen OR-leden. |
| - | |
Bracht in 1971 samen met minister Witteveen een nieuwe Jeugdspaarwet (Stb. 362) tot stand. Deze vereenvoudigt de voorschriften van de eerdere uit 1958 daterende wet, vooral doordat allerlei uitzonderingsbepalingen worden geschrapt. |