| - | |
repetitor R.K. Studentenvereniging "Veritas" te Utrecht (als student) |
| - | |
advocaat en procureur te Utrecht, vanaf 1920 |
| - | |
lid gemeenteraad van Utrecht, van september 1927 tot maart 1937 |
| - | |
wethouder (van financiën) van Utrecht, van 3 september 1935 tot maart 1937 |
| - | |
lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 21 september 1937 tot 3 juli 1946 |
| - | |
minister van Justitie, van 3 juli 1946 tot 7 augustus 1948 |
| - | |
lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 27 juli 1948 tot 10 augustus 1948 |
| - | |
minister van Binnenlandse Zaken, van 7 augustus 1948 tot 15 juni 1949 |
| - | |
minister van Overzeese Gebiedsdelen ad interim, van 14 februari 1949 tot 14 juni 1949 (na het aftreden van minister Sassen) |
| - | |
minister van Overzeese Gebiedsdelen, van 15 juni 1949 tot 23 december 1949 |
| - | |
minister van Uniezaken en Overzeese Gebiedsdelen, van 24 december 1949 tot 14 maart 1951 |
| - | |
minister van Justitie ad interim, van 15 mei 1950 tot 10 juli 1950 (na het aftreden van minister Wijers) |
| - | |
minister van Binnenlandse Zaken, van 15 maart 1951 tot 18 november 1951 |
| - | |
Besloot in 1946 als minister van Justitie tot vrijlating van de lichtere gevallen onder de politieke delinquenten |
| - | |
Bewerkstelligde bij koningin Wilhelmina een ruimer gratiebeleid |
| - | |
Verleende bij K.B. van 25 april 1947 aan Prof. E.M. Meijers de opdracht om een Nieuw Burgerlijk Wetboek te ontwerpen |
| - | |
Diende in 1949 als minister van Binnenlandse Zaken een ontwerp-Film- en Bioscoopwet in, die de overheid een grotere rol toedichtte bij het bewaken van de zedelijkheid. Dit voorstel werd na ernstige kritiek vanuit de Tweede Kamer in 1954 ingetrokken. |
| - | |
Diende in 1949 minister van Binnenlandse Zaken samen met de ministers Rutten en Wijers een wetsvoorstel in om een gemeentelijk vergunningenstelsel in te voeren voor leesbibliotheken. Dit voorstel werd na 4 jaar ingetrokken. |
| - | |
Verdedigde op 12 mei 1949 het Nederlandse beleid inzake Indonesië, waarbij de leiders van de Republiek werd toegestaan terug te keren naar Djokjakarta. Dit was mede het resultaat van de Van Roijen-Roem-verklaringen van 7 mei. De guerilla-oorlog door de Republiek wordt beëindigd. Ook Nederland zal alle militaire operaties staken en alle politieke gevangenen zullen vrijkomen. Verder komt er een Ronde-Tafelconferentie in Den Haag over overdracht van de soevereiniteit aan de Verenigde Staten van Indonesië. |
| - | |
Leidde tussen 23 augustus en 2 november 1949 de Nederlandse delegatie op de Ronde Tafelconferentie over de soevereiniteitsoverdracht aan Indonesië |
| - | |
Was in december 1949 met Stikker de voornaamste verdediger van het wetsvoorstel Soevereiniteitsoverdracht Indonesië, dat in de Tweede Kamer met 71 tegen 29 stemmen en in de Eerste Kamer met 34 tegen 15 stemmen werd aanvaard. |
| - | |
Leidde in december 1950 de Nederlandse delegatie, waarin ook Stikker, Joekes en Blom zaten, op de (mislukte) conferentie over Nieuw-Guinea. Kwam met het plan om de soevereiniteit over Nieuw-Guinea over te dragen aan de Nederlands-Indonesische Unie. |
| - | |
Verbeterde in 1951 de pensioenvoorziening voor ambtenaren |
| - | |
Bracht in 1946 een wet tot stand waarbij de wedden van rechters en griffiers worden op getrokken naar het ambtelijk niveau. Anciënniteit is niet langer een criterium bij een rechterlijke loopbaan; rechter-plaatsvervangers krijgen meer mogelijkheden om rechter te worden. |
| - | |
Bracht in 1947 een nieuwe Wet op de rechterlijke organisatie tot stand, waarbij tevens de salarissen werden opgetrokken. De rechterlijke macht moet zo niet langer alleen toegankelijk zijn voor beter gesitueerden. |
| - | |
Bracht in 1948 een wet tot stand waarbij de bijzondere gerechtshoven, de Bijzondere Raad van Cassatie en de tribunalen werden opgeheven |
| - | |
Bracht in 1948 een wet tot vereniging van Breukelen-Nijenrode met Breukelen-Sint Pieter tot stand |
| - | |
Bracht in 1948 samen met Lieftinck en Spitzen een wet tot herziening van de provinciale financiën in het Staatsblad. Daarbij werd onder meer het Provinciefonds ingesteld. |
| - | |
Bracht in 1949 wetten tot vereniging van Hoogezand en Sappemeer en van Maarssen en Maarseveen tot stand |
| - | |
Bracht in 1951 een wet tot voorziening in het bestuur van de gemeente Finsterwolde tot stand, waardoor de door de CPN gedomineerde gemeente onder Rijkstoezicht kwam |
| - | |
M.D. Bogaarts, "Maarseveen, Johannes Hendrikus van (1894-1951)", in: Biografisch Woordenboek van Nederland, deel II, 366 |
| - | |
M.D. Bogaarts, "De periode van het kabinet-Beel 1946-1948. Parlementaire Geschiedenis van Nederland na 1945", Band C (Nijmegen, 1989), p. 1613 e.v. |
| - | |
P.P.T. Bovend'Eert, "Binnenlandse Zaken: Het 'torentje' als duiventil", in: P.F. Maas (ed.), "Het kabinet-Drees-Van Schaik. Anticommunisme, rechtsherstel en infrastructurele opbouw. 1948-1951", Band B, 357 |