![]() |
voornaam |
personalia |
| - | Nederlands Hervormd (opgevoed) | |
| - | Remonstrants |
partij/stroming |
| - | Liberale Unie, tot april 1921 | |
| - | Liberale Staatspartij "De Vrijheidsbond", vanaf april 1921 |
loopbaan |
| - | advocaat en procureur te 's-Gravenhage, van 1894 tot 1913 | |
| - | directeur Stedelijke Hypotheekbank te 's-Gravenhage, van 1898 tot 1925 | |
| - | lid gemeenteraad van 's-Gravenhage, van 3 september 1912 tot 15 oktober 1928 (in de periode 1912-1919 gekozen in district III) | |
| - | wethouder (van financiën en crisis- en distributie-aangelegenheden) van 's-Gravenhage, van 2 september 1913 tot 2 september 1919 | |
| - | wethouder (van openbare werken en volkshuisvesting) van 's-Gravenhage, van 2 september 1919 tot 16 juli 1923 | |
| - | lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 15 september 1925 tot 17 september 1929 | |
| - | burgemeester van Rotterdam, van 15 oktober 1928 tot 6 september 1938 | |
| - | lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 20 september 1932 tot 6 september 1938 |
partijpolitieke functies |
| - | vicevoorzitter Liberale Staatspartij "De Vrijheidsbond", van januari 1927 tot april 1932 |
nevenfuncties |
| - | voorzitter bestuur Rotterdamse voetbal- en cricketvereniging "Concordia" | |
| - | lid bestuur Nederlandse Voetbal- en Athletiekvereniging, van 1889 tot 1891 (voorloper van de (K.)NVB) | |
| - | secretaris NVB (Nederlandsche Voetbalbond), van 1891 tot 1892 | |
| - | voorzitter NVB (Nederlandsche Voetbalbond), van 1892 tot 1893 | |
| - | rechter-plaatsvervanger Arrondissementsrechtbank te 's-Gravenhage, van 10 juni 1905 tot mei 1928 | |
| - | lid Raad van Commissarissen Transatlantische Hypotheekbank | |
| - | lid commissie uit de Volkenbond om het conflict tussen Griekenland en Bulgarije te beslechten, 1925 | |
| - | regeringscommissaris Bank van Nederlandsche Gemeenten | |
| - | lid Commissie voor de behartiging der stoffelijke belangen van de Nederlandse Hervormde Kerk in de toekomstige Zuiderzeeprovincie, vanaf september 1927 | |
| - | lid erecomité nationale en internationale zangwedstrijd "Liedertafel Crescendo" te 's-Gravenhage, 1928 | |
| - | lid College van Curatoren Nederlandsche Handels-Hoogeschool te Rotterdam, van 1928 tot 6 september 1938 | |
| - | lid Raad van Defensie, vanaf 4 december 1929 (nog in 1933) | |
| - | voorzitter VNG (Vereniging van Nederlandse Gemeenten), van juni 1932 tot 6 september 1938 |
| - | lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van januari 1927 tot mei 1927 (voorzitter vierde afdeling) | |
| - | lid vaste commissie voor Openbare Werken en Verkeers- en Vervoersaangelegenheden (Tweede Kamer der Staten-Generaal) |
opleiding |
| - | Openbaar "Erasmiaansch Gymnasium" te Rotterdam |
| - | rechtsgeleerdheid (gepromoveerd op dissertatie) Rijksuniversiteit Leiden, van 22 september 1887 tot 19 maart 1894 |
activiteiten |
| - | Sprak in de Tweede Kamer onder meer over onderwerpen op het terrein van de koloniën (met name Suriname), justitie, verkeer en van de omroep | |
| - | Hield zich in de Eerste Kamer onder meer bezig met justitie, binnenlandse zaken, financiën, Surinaamse aangelegenheden en handel en nijverheid |
wetenswaardigheden |
| - | Als wethouder van openbare werken en volkshuisvesting bevorderde hij woningbouw in onder meer Duindorp en Spoorwijk, was hij verantwoordelijk voor de aanleg van een verbindingsweg tussen de stations Hollands Spoor en Staatsspoor en voor verbreding van de Rijswijkseweg. | |
| - | Als burgemeester zette hij zich met name in voor de belangen van de Rotterdamse haven, waarvan de positie door de economische wereldcrisis ernstig werd bedreigd. Ook maakte hij zich sterk voor de aanleg van de Maastunnel. |
| - | Als voetballiefhebber was hij altijd aanwezig op de tribune bij belangrijke wedstrijden | |
| - | Zijn vader was leraar aan een HBS en aan de Indische Instelling te Delft en directeur en commissaris van enkele N.V.'s | |
| - | Zijn moeder overleed 7 februari 1872 |
| - | Had zich als wethouder van Den Haag ingespannen voor de aanleg van het Zuiderpark. Daarom besloot de gemeenteraad de straat die door het park loopt te noemen: mr. P. Drooglever Fortuynweg. Burgemeester Patijn maakte bezwaar tegen de vernoeming naar een levend persoon, omdat in Groningen twee personen kort nadat een straat naar hen was vernoemd, waren overleden. De raad stelde desondanks op 4 juli 1938 de straatnaam vast. Droogleever Fortuyn overleed twee maanden later. |
| - | Werd in 1932 en 1937 tot Eerste-Kamerlid gekozen door Groep IV: Zuid-Holland |
| - | Scheveningen, Stevinstraat 80, omstreeks 1924 tot 1928 | |
| - | Rotterdam, Heemraadsingel 261, omstreeks 1933 | |
| - | Rotterdam, Ungerplein 2, omstreeks 1938 |
| - | Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 30 augustus 1929 | |
| - | Commandeur in de Orde van Oranje-Nassau |
| - | voetbal | |
| - | schaken |
publicaties/bronnen |
| - | "Eenige beschouwingen over het vermogen der firma" (dissertatie, 1894) | |
| - | "De grond- en woningpolitiek der gemeente 's-Gravenhage" (1922) | |
| - | "Het organisme eener groote stad" (1922) | |
| - | preadviezen Vereniging voor Staathuishoudkunde en voor de Statistiek | |
| - | preadviezen Vereniging van gemeente-accountants |
| - | W.F. Lichtenauer, "Drooglever Fortuijn, Pieter (1868-1938)", in: Biografisch Woordenboek van Nederland, deel II, 135 | |
| - | J.M. Pattist, "Drie burgemeesters", in: "Bekende Rotterdammers door hun stadgenoten beschreven" (1951) | |
| - | Persoonlijkheden in het Koninkrijk der Nederlanden in woord en beeld (1938) | |
| - | "Het Vaderland", 6 sept. 1938 | |
| - | Ned. Patriciaat, 1991 |
familie/gezin |
| - | kandidaat-notaris tot 1868 | |
| - | directeur en commissaris van enkele N.V.'s tot 1914 |
| personalia |
||
| partij/stroming |
||
| loopbaan |
||
| partijpolitieke functies |
||
| nevenfuncties |
||
| opleiding |
||
| activiteiten |
||
| wetenswaardigheden |
||
| publicaties/bronnen |
||
| familie/gezin |
||