![]() |
voornamen |
personalia |
| - | E.C.U. van Doorn, van 13 oktober 1799 tot 22 maart 1880 (tot hij in de adelstand werd verheven) | |
| - | Jhr. E.C.U. van Doorn, vanaf 22 maart 1880 |
loopbaan |
| - | commies belastingen te Amsterdam | |
| - | agent der domeinen te Utrecht, van 1828 tot 1844 | |
| - | lid stedelijke raad (vanaf 1851: gemeenteraad) van Utrecht, van 1845 tot 1853 | |
| - | lid Tweede Kamer der Staten-Generaal voor het kiesdistrict IJsselstein, van 13 februari 1849 tot 20 augustus 1850 | |
| - | lid Tweede Kamer der Staten-Generaal voor het kiesdistrict Utrecht, van 7 oktober 1850 tot 27 maart 1853 | |
| - | minister van Financiën, van 19 april 1853 tot 20 januari 1854 | |
| - | (voorlopig) minister voor de Zaken van de Hervormde en andere Erediensten, behalve die der Rooms-Katholieke, van 19 april 1853 tot 20 januari 1854 | |
| - | lid Raad van State, van 20 januari 1854 tot 1 mei 1860 | |
| - | Commissaris des Konings in Utrecht, van 1 mei 1860 tot 22 maart 1880 (benoemd bij K.B. van 12 april 1860) |
opleiding |
| - | opleiding voor belastingambtenaar |
activiteiten |
| - | Sprak in de Tweede Kamer vooral over justitiële en financiële zaken en bij de behandeling van de Gemeentewet | |
| - | Interpelleerde op 13 april 1853 over het herstel van de bisschoppelijke hiërarchie in Nederland. Deze interpellatie werd besloten met aanneming van een door hem ingediende motie waarin de regering werd gevraagd in Rome te protesteren tegen de door Pauselijke Stoel gevolgde handelwijze. |
wetenswaardigheden |
| - | Trad af nadat de ministerraad zijn voorstellen tot vermindering van de belastingen had afgekeurd. De ministerraad wilde daarin verder gaan dan hij. Hij werd opgevolgd door de op belastinggebied liberalere A. Vrolik, zijn zwager. |
| - | Zijn vader was kapitein bij de dragonders | |
| - | Zijn schoonvader, G. Vrolik, was hoogleraar geneeskunde in Amsterdam |
| - | Commandeur in de Orde van de Nederlandse Leeuw | |
| - | Grootofficier in de Orde van de Eikenkroon, 5 februari 1868 |
| - | jonkheer, 22 maart 1880 (verheven in de adelstand bij Koninklijk Besluit nr. 1; vrijgesteld van adelsbelasting) |
publicaties/bronnen |
| - | M.W.A. Weyers-Breukel, scriptie basisdoctoraal RU Leiden, 1982 | |
| - | Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel IX, 206 |
familie/gezin |
| - | gehuwd te Amsterdam, 18 mei 1824 (echtgenote overleden 9 juni 1844) | |
| - | gehuwd (tweede huwelijk) te Arnhem, 20 november 1846 |
| - | 1 zoon en 2 dochters (uit eerste huwelijk) | |
| - | 3 zonen (uit tweede huwelijk) |
| - | Vader van jhr. W.Th.C. van Doorn, Tweede-Kamerlid | |
| - | Zwager van A. Vrolik, minister | |
| - | Schoonzoon van J. Weerts, Tweede- en Eerste-Kamerlid (vader tweede echtgenote) | |
| - | Schoonvader van jhr. D. van Akerlaken, Tweede- en Eerste-Kamerlid | |
| - | Zijn jongste dochter was gehuwd met een zoon van jhr. W.M. de Brauw, Eerste- en Tweede-Kamerlid |
| personalia |
||
| loopbaan |
||
| opleiding |
||
| activiteiten |
||
| wetenswaardigheden |
||
| publicaties/bronnen |
||
| familie/gezin |
||