Meer coulance voor ondernemers met schulden

Met dank overgenomen van H.C.M. (Henk) Krol i, gepubliceerd op woensdag 2 december 2015.

50PLUS vindt dat met name kleine zelfstandigen onvoldoende worden geholpen als zij door persoonlijke omstandigheden of door de financiële crisis in de schulden zijn geraakt. Veel gemeenten laten deze kleine ondernemers aan hun lot over. 50PLUS pleit ervoor dat zij voor schuldhulpverlening een beroep kunnen doen op hun gemeente.

1.

--

50PLUS heeft de inbreng bij de plenaire behandeling van de begroting van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in vier blokken gebracht: Werkgelegenheid, Inkomensbeleid, AOW en pensioenen en Armoede- en schuldbeleid. Hieronder leest u onze inbreng over armoede- en schuldbeleid.

“Armoede in de leeftijdsgroep 45 jaar en ouder is een probleem dat in omvang dreigt toe te nemen. Volgens cijfers van het CBS van gisteren is het aantal bijstandsgerechtigden van 45 jaar en ouder gestegen met 3000. 45-plussers die instromen in de bijstand, blijven daar over het algemeen langdurig afhankelijk van. Op dit moment gaat het om maar liefst 215.000 mensen! Daarnaast is het aantal mensen met IOAW-uitkering vanaf 2009 met meer dan de helft gestegen tot 23.000, aldus Divosa in haar monitor deze week. Welke ingrijpende operatie voorziet het kabinet om te voorkomen dat steeds meer 45-plussers verder afglijden richting armoede?

50PLUS heeft een dringend verzoek met betrekking tot schuldsanering. Steeds meer mensen komen in financiële problemen. Een op de vijf huishoudens heeft risicovolle schulden, zo bleek vorige week uit onderzoek in opdracht van Sociale Zaken. Die problematiek verergert.

Veel gemeentes bieden dan hulp. Dat is hun wettelijke taak. Dat is ook verstandig omdat er nogal wat commerciële bedrijven zijn - niet allemaal trouwens - die mensen met schulden niet helpen maar juist nog verder de put in werken.

De schuldenaanpak verschilt erg van gemeente tot gemeente. En het is goed om ook onderscheid te maken tussen mensen die er alles aan willen doen om er weer bovenop te komen en mensen die eigenlijk helemaal niet van plan zijn er iets aan te doen, want die heb je ook.

Bovendien is er een flink verschil tussen de hulp die wordt geboden aan mensen in loondienst of in een uitkering en kleine zelfstandigen. Vooral die laatste groep wordt in de ogen van 50PLUS nog onvoldoende geholpen. Door persoonlijke omstandigheden of door de financiële crisis van de afgelopen jaren zijn vele kleine zelfstandigen financieel kopje onder gegaan.

Dat waren tot voor kort veelal hardwerkende burgers die keurig belasting betaalden en zorgden voor een flink stuk werkgelegenheid. Als zij vervolgens in de problemen komen, laten veel gemeentes hen te veel aan hun lot over. Terecht dat de Nationale Ombudsman daar nu onderzoek naar doet. Want juist díe groep zou na een schuldsanering weer volop kunnen meedraaien. Zulke mensen hebben geleerd van hun fouten en kunnen daardoor in de toekomst juist uitgroeien tot uitstekende ondernemers. In ons land is dat bijna niet mogelijk omdat we deze groep onvoldoende begeleiden en omdat bijvoorbeeld de Belastingdienst nauwelijks meedenkt of coulance toont.

Wat kan de minister doen om deze situatie te verbeteren en om de handelwijze van diverse gemeenten méér te stroomlijnen? Je financiële toekomst mag toch niet afhangen van de gemeente waar je toevallig woont? Wat vindt de minister van het onlangs gelanceerde plan in de gemeente Rotterdam? Daar kunnen vastgelopen ondernemers terecht voor hulp, zonder geld op tafel te leggen wat er dat moment niet is. We overwegen op dit punt een motie.

En hoe maken we van de Belastingdienst een oplossingsgerichte ‘meedenker’, in plaatst van een onpersoonlijke instantie die vooral de euro’s wil binnenhalen, terwijl dat vaak niet lukt. Laten wij in plaats daarvan zorgen dat er in de toekomst weer belasting betaald kan worden door diezelfde burgers.

Volgens de Vereniging voor Schuldhulpverlening zou de overheid niet langer als eerste aan de beurt moeten komen als er schulden worden geïnd. Wat vindt de minister van deze suggestie? Wordt het niet tijd voor een minder dominante rol voor de overheid als schuldeiser? En kan de minister er bij gemeenten op aandringen dat ambtenaren die belast zijn met schuldsanering worden aangezet tot snelheid?

Nu kunnen mensen met schulden vaak pas na vele weken, soms zelfs na maanden, bij de overheid terecht voor overleg en dat terwijl ze juist nu gemotiveerd zijn om het leven weer op te pakken en hun uiterste best doen om van hun schuld af te komen.

Tot slot nog een vraag aan staatssecretaris Klijnsma. Op de website van de Rijksoverheid staat in haar takenlijst ‘participatie ouderen’. Mag ik haar vragen met welke activiteiten en maatregelen zij deze taak vervult?”