Programma Justitie

Met het programma Justitie voor de periode 2014-2020 wil de Europese Commissie de samenwerking op het gebied van justitie in de EU te versterken. De hoofddoelen van het programma zijn een efficiënte, samenhangende en consequente toepassing van EU-wetgeving bevorderen, de toegankelijkheid tot justitie vergroten en de vraag naar en productie van verdovende middelen een halt toeroepen. Voor het programma is €472 miljoen begroot. De Commissie stelde in 2018 voor om het programma Justitie en het programma Rechten en waarden in de periode van 2021-2027 te betalen uit een gemeenschappelijk Fonds voor Justitie, Rechten en Waarden.

Inhoudsopgave van deze pagina:


1.

In vogelvlucht

Het programma Justitie moet de bovenstaande doelstellingen op een effectievere wijze te bereiken. Dit wordt vanaf 2014 gedaan door aanpassing van de zes bestaande programma's op het terrein van justitie:

  • Fonds Burgerlijk Recht
  • Programma Criminele Justitie
  • Programma Grondrechten en Burgerschap
  • het Daphne III programma
  • het Drugspreventie en -informatie programma
  • de passages 'Antidiscriminatie en Diversiteit' en 'Gendergelijkheid' uit het programma voor Werkgelegenheid en Sociale Bescherming (PROGRESS)

In mei 2018 kwam de Commissie met een voorstel om het EU Justice, Rights and Values Fund op te richten. Dit fonds moet een overkoepeling worden van het programma Rechten en Waarden en het programma Justitie. Voor het fonds wil de Commissie 947 miljoen euro beschikbaar stellen over een periode van zeven jaar. Het is de bedoeling dat 305 miljoen euro daarvan wordt toegekend aan het programma Justitie. Met deze subsidie moet het herziene programma onder andere voorlichting en training over Europees recht financieren. Ook zou de subsidie aangewend moeten worden voor de ontwikkeling van informatie- en communicatietechnologieën om justitiële systemen efficiënter te maken.

2.

Subsidie aanvragen

Het Programma financiert de volgende actietypen:

  • Analytische activiteiten om tot beter inzicht van justitie in Europa te komen
  • Trainingsactiviteiten
  • Samenwerking tussen EU-lidstaten, het uitwisselen van kennis
  • Ondersteuning van de belangrijkste instanties, bijvoorbeeld wanneer lidstaten EU-wetgeving implementeren

Alle publieke en private rechtsinstellingen in lidstaten, buurlanden, landen waarmee toetredingsonderhandelingen worden gevoerd en Denemarken komen in aanmerking voor subsidie. Tijdens het project wordt nauw samengewerkt met bijvoorbeeld de Raad van Europa en de Verenigde Naties. Deze internationale organisaties krijgen daarom ook toegang tot het programma.