Zomernieuws in het verleden: 1946 Prinsjesdag in juli, 1939 val Colijn-V

In de zomermaanden is het ook in de politiek vaak komkommertijd. Er waren in juli en augustus in het verleden echter ook enkele belangrijke politieke gebeurtenissen. Wat gebeurde er in de vierde week van juli?

Inhoudsopgave van deze pagina:


1.

1946: Prinsjesdag in juli

Na de Tweede Kamer- en Statenverkiezingen van voorjaar 1946 en de daaropvolgende verkiezing van de Eerste Kamer kende Nederland vanaf 23 juli van dat jaar weer een volledig gekozen parlement.

In september en oktober 1945 waren de Tweede en Eerste Kamer al wel als tijdelijke Staten-Generaal bijeengekomen. Die Kamers waren echter incompleet doordat sommige leden tijdens de oorlogsjaren waren overleden of ontslag hadden genomen, en omdat de NSB'ers niet mochten terugkeren. In november 1945 waren nieuwe leden benoemd om deze vacatures te vervullen. De koningin had toen op sobere wijze de zitting van dat Noodparlement geopend.

Op 23 juli 1946 opende de koningin de buitengewone zitting van de nieuwgekozen Staten-Generaal. Er was nog geen Gouden Koets en de stoet was nog beperkt, maar toch was er sprake van een feestelijke gebeurtenis die net als op 'gewone' Prinsjesdagen veel belangstelling trok.

In september 1946 zou er geen Prinsjesdag zijn. Toen opende minister Beel met een korte rede de zitting.

2.

1939: Kabinet-Colijn V valt

Op 29 juni 1939 was het vierde kabinet-Colijn door een conflict tussen de katholieke ministers en hun collega's gevallen. De katholieken wilden dat de overheid een actiever economisch beleid zou gaan voeren en dat er meer geld zou komen voor werkloosheidsbestrijding.

Een poging van de katholieke oud-Kamervoorzitter Koolen om de crisis op te lossen, mislukte. Minister-president Colijn slaagde er niet in een breed samengesteld kabinet te vormen, omdat katholieken, links-liberalen en sociaaldemocraten weigerden daaraan mee te werken.

Colijn vormde toen een kabinet van ARP, CHU en Liberalen. Veel ministers kwamen van buiten de politiek. De vorming van het nieuwe minderheidskabinet werd sterk bekritiseerd. Bij de eerste ontmoeting op 25 juli 1939 nam de Tweede Kamer een motie-Deckers aan waarin het optreden van het kabinet niet in het landsbelang werd genoemd. Na twee dagen was het kabinet dus al weer demissionair.

3.

1935: Kabinetscrisis

Vier jaar eerder, op 23 juli 1935, was er ook al een kabinetscrisis. Toen was het de katholieke Tweede Kamerfractie onder leiding van fractievoorzitter Aalberse die in conflict kwam met het kabinet. Ook toen was de financieel-economische politiek inzet van het conflict. Colijn had tijdens een debat over een groot bezuinigingsvoorstel om vertrouwen in zijn kabinet gevraagd. De katholieken wilden dat niet geven.

Een poging van Aalberse om een kabinet te vormen waaraan ook de sociaaldemocraten deelnamen mislukte. De VDB weigerde medewerking, en de katholieken wilden per se dat er een derde partij zou meedoen. Colijn keerde toen terug met een nieuw kabinet, dat in samenstelling echter weinig verschilde van het vorige kabinet.

4.

En verder...

  • 21 juli 1986 droeg Joop den Uyl het leiderschap van de PvdA over aan Wim Kok
  • 22 juli 2002 trad het eerste kabinet-Balkenende aan
  • 24 juli 1963 trad het kabinet-Marijnen aan
  • 26 juli 2002 legde het eerste kabinet-Balkenende de regeringsverklaring af
  • 27 juli 1977 werd Den Uyl tot formateur benoemd om te trachten zijn tweede kabinet te vormen
  • 28 juli 1986 volgde Joris Voorhoeve Ed Nijpels op als leider van de VVD

<- vorige week volgende week ->