Samenwerking justitie, vrijheid en veiligheid

Rechtspraak - vrouwe Justitia

De lidstaten van de Europese Unie werken steeds meer samen op het gebied van justitie en binnenlandse zaken, en een deel van het beleid over justitie, vrijheid en veiligheid wordt op Europees niveau vastgelegd.

Het wegvallen van de grenscontroles tussen de lidstaten vereist een grensoverschrijdende aanpak bij kwesties als de toestroom van vluchtelingen en asielzoekers naar alle lidstaten van de Europese Unie (EU), een goede aanpak van georganiseerde misdaad en het bestrijden van het wereldwijde terrorisme.

Samenwerking tussen de lidstaten is er in verschillende vormen; naast de EU ook bilateraal (tussen twee landen), regionaal (bijvoorbeeld in het kader van de Raad van Europa) en mondiaal (door internationale organisaties als de Verenigde Naties).

Inhoudsopgave van deze pagina:


1.

Ontwikkeling in vogelvlucht

Al vanaf 1957 was vrij verkeer van personen op het grondgebied van de Europese Gemeenschap een van de doelstellingen van de EG. Destijds ging het vooral om werknemers die zich in een ander land wilden vestigen; van grote hoeveelheden asielzoekers was nog geen sprake.

Met de goedkeuring van de Europese Akte in 1986 begon ook de weg naar een interne markt. Personen, goederen, kapitaal en diensten moesten zich vrij in de Europese Gemeenschap kunnen bewegen. De grenscontroles tussen de lidstaten moesten worden afgeschaft en de buitengrenzen juist versterkt. Ook moest er een gezamenlijk Europees asiel- en immigratiebeleid worden ontwikkeld.

Door het verdwijnen van de grenscontroles bleek de misdaad in Europa zich snel internationaal te verspreiden. Mensenhandel, drugstransporten, autodiefstallen en (sinds de invoering van de euro) ook valsemunterij zijn Europese problemen geworden. In 2008 werd ook cybercrime een steeds belangrijker veld in de Europese criminaliteisbestrijding. Deit vraagt om een Europese aanpak. De politiediensten uit de lidstaten werken dan ook steeds vaker samen.

2.

Uitwisselen van persoonsgegevens

Om het uitwisselen van persoonsgegevens mogelijk te maken is in mei 2005 het Verdrag van Prüm gesloten. Landen konden hierdoor DNA-profielen, vingerafdrukken en nummerplaten vergelijken. Niet alle lidstaten nemen hieraan deel. Vanaf augustus 2011 is dit uitgebreid en kunnen vingerafdrukken, DNA-profielen en kentekenregistraties automatisch worden uitgewisseld tussen alle lidstaten van de Europese Unie. De lidstaten moeten dan wel aan een aantal voorwaarden voldoen die betrekking hebben op de garantie van bescherming van gegevens. Sinds juni 2007 hebben alle EU-landen toegang tot elkaars bestanden.

Om ervoor te zorgen dat de berechting voor iedereen eerlijk verloopt, heeft de Europese Commissie in maart 2010 een wetsvoorstel ingediend. Hier staat onder andere in dat een verdachte die in een ander land berecht wordt, recht heeft op een tolk en schriftelijke vertaling van alle documenten die bij de rechtszaak een rol spelen.

3.

Asiel- en immigratiebeleid

Het wegvallen van de binnengrenzen maakte ook afstemming van het asiel- en immigratiebeleid tussen Europese landen nodig.

4.

Aanpak van terrorisme

Sinds de aanslagen van 11 september 2001 is ook de aanpak van het internationale terrorisme belangrijk geworden. Het beleid inzake justitie en binnenlandse zaken is gericht op de onderlinge uitwisseling van gegevens over criminele netwerken. Verder is de samenwerking met de Verenigde Staten nauwer geworden.

5.

Bescherming slachtoffers geweld

Op 4 oktober 2012 heeft de Raad een Europese richtlijn aangenomen die de rechten van slachtoffers van misdrijven binnen de EU versterkt. Onder de minimumrechten van slachtoffers vallen onder andere het recht op begrijpelijke informatie, passende bescherming voor kwetsbare groepen zoals kinderen en het recht op slachtofferhulp. De lidstaten hebben na publicatie van de richtlijn drie jaar de tijd om de richtlijn om te zetten in nationale wetgeving.

6.

Europese agenda 2015-2020

De Europese Commissie stelde in 2015 haar drie voornaamste veiligheidsprioriteiten vast voor de periode tot aan 2020. Zij zal de nadruk leggen op de bestrijding van terrorisme, georganiseerde misdaad en cybercriminaliteit.

Meer over het programma "Naar en open en veilig Europa".

7.

Lees meer

Bron

Taal

Soort Informatie

Europese Unie

NL

Inleiding + samenvatting van de EU wetgeving

Europees Bureau Eerste Kamer (EBEK)

NL

Parlementaire EuropaPoort

8.

Wie doet wat

Bij de besluitvorming op dit beleidsterrein spelen de Europese Commissie, de Raad, het Europees Parlement en de Europese Raad een rol. Voor voorstellen over vrij reizen binnen de Unie, en voorstellen aangaande de werkwijze en structuur van Europol en Eurojust geldt de gewone wetgevingsprocedure.

Onder justitiële samenwerking en de ruimte van vrijheid en veiligheid vallen een aantal specifieke deelgebieden, te weten het visa- en schengenbeleid, de bestrijding van terrorisme, grenscontroles ten behoeve van het asielbeleid en criminaliteitsbeleid. Voor maatregelen op die terreinen gelden de besluitvormingsprocedures die daar vermeld staan.

 

Europees orgaan

Verantwoordelijke

Europese Commissie

Eurocommissaris voor Justitie, consumentenrechten en gendergelijkheid of

Eurocommissaris voor Migratie, binnenlandse zaken en burgerschap of

Eurocommissaris voor Veiligheidsunie of

Eurocommissaris voor Betere regelgeving, inter-institutionele relaties, duurzame ontwikkeling, rechtsregels en fundamentele rechten

Parlementaire commissie Europees Parlement

commissie Burgerlijke vrijheden, Justitie en Binnenlandse Zaken

Nederlands lid commissie Europees Parlement

Ondervoorzitter(s)


Lid/leden


Plaatsvervanger(s)

Raad van de Europese Unie

Raad Justitie en Binnenlandse Zaken (JBZ)

Nederlandse afvaardiging Raad van Ministers

Minister van Justitie en Veiligheid, Ferdinand Grapperhaus (CDA) of Minister voor Rechtsbescherming, Sander Dekker (VVD) of Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Kajsa Ollongren (D66) of Staatssecretaris voor asiel en migratie, Ankie Broekers-Knol (VVD)

In de tabel hierboven worden verschillende Eurocommissarissen genoemd. Afhankelijk van het onderwerp, is een andere commissaris verantwoordelijk. Voor voorstellen aangaande de werkwijze en structuur van Eurojust geldt dat de Eurocommissaris voor Justitie, consumentenrechten en gendergelijkheid eerst verantwoordelijke is. Voor de voorstellen aangaande Europol is de eerst verantwoordelijke de Eurocommissaris voor Migratie, binnenlandse zaken en burgerschap.

De Eurocommissaris voor Veiligheidsunie gaat over voorstellen op het gebied van veiligheid. Zaken aangaande fundamentele rechten vallen onder competentie van de Eurocommissaris voor Betere regelgeving, inter-institutionele relaties, duurzame ontwikkeling, rechtsregels en fundamentele rechten.

Invloed nationale parlementen

Nationale parlementen van de lidstaten kunnen binnen acht weken nadat de Europese Commissie een voorstel heeft bekendgemaakt, laten weten dat de Europese Unie zich niet met het onderwerp zou moeten bezighouden.

Vanuit het Nederlandse parlement zijn bij dit beleidsterrein betrokken: