Europees Burgerinitiatief (EBI)

Sinds 1 april 2012 kunnen de inwoners van de Europese Unie de Europese Commissie verzoeken om een bepaald onderwerp op de agenda zetten. Dit Europees burgerinitiatief (EBI) heeft tot doel de democratie in de Europese Unie te versterken door burgers, organisaties of bedrijven rechtstreeks bij het wetgevingsproces te betrekken.

In het kort verloopt het Europees burgerinitiatief als volgt: burgers uit een minimum aantal landen moeten zich organiseren in een burgercomité. Dat comité moet zich registreren en haar voorstel bij de Europese Commissie indienen. Voldoet het voorstel aan de voorwaarden, dan hebben de indieners een jaar de tijd om genoeg handtekeningen te verzamelen. De Commissie beslist dan of ze het burgerinitiatief omzet in een concreet voorstel.

Op het eerste EU-burgerinitiatief met meer dan 1 miljoen handtekeningen, de 'right to water campaign', heeft de Europese Commissie op 19 maart 2014 positief gereageerd. Naast het bewerkstelligen van toegang tot schoon drinkwater voor iedereen, willen de initiatiefnemers ook testen hoe open en democratisch de EU is.

Het initiatief

Een burgerinitiatief kan alleen ingediend worden als het voorstel betrekking heeft op een beleidsterrein waarop de Europese Unie bevoegd is en de Europese Commissie de bevoegdheid heeft om een wetsvoorstel in te dienen. Initiatiefnemers kunnen met hun voorstel geen EU-Verdragen wijzigen.

Het burgercomité

Een voorstel voor een burgerinitiatief moet worden ingediend door een burgercomité. Dit comité moet aan een paar eisen voldoen:

  • bestaan uit minimaal zeven EU-burgers
  • die uit minstens een kwart van de verschillende EU-landen komen
  • de leden van het comité moeten oud genoeg zijn om mee te doen aan de verkiezingen in het land waar ze vandaan komen (in de meeste landen achttien jaar)

Registratie

Het registreren van het initiatief gebeurt via de website van de Europese Commissie. Daarvoor moet in een officiële EU-taal de volgende informatie verstrekt worden:

  • de titel van het initiatief
  • het onderwerp
  • de doelstelling van het voorgestelde initiatief
  • de bepalingen in de EU-verdragen die van belang zijn voor de voorgestelde maatregel
  • personalia van de indieners

De Commissie registreert het voorstel voor een burgerinitiatief binnen twee maanden na indiening en bekijkt daarbij de volgende punten:

  • voldoet het burgercomité aan de eisen
  • valt het voorgestelde burgerinitiatief binnen de bevoegdheid van de Commissie; dit houdt onder andere in dat er geen voorstellen zullen worden behandeld die een aanvulling betekenen op de huidige verdragen
  • is het voorgestelde burgerinitiatief niet duidelijk beledigend, lichtzinnig of provocerend
  • druist het voorgestelde burgerinitiatief niet in tegen de in artikel 2 van het Verdrag betreffende de Europese Unie vastgelegde waarden

Europese politici kunnen op grond van de bovenstaande punten besluiten een burgerinitiatief naast zich neer te leggen. Er wordt in dit stadium geen inhoudelijk oordeel gegeven.

Onduidelijkheid

Een initiatief over kernenergie is in juni 2012 door de Commissie afgewezen omdat het niet onder de bevoegdheden van het instrument zou vallen. Kernenergie wordt immers geregeld via het Euratom-verdrag. De indieners van het initiatief stellen dat het Euratom-verdrag wel binnen de reikwijdte van de bepalingen in het Verdrag van Lissabon (waarin het burgerinitiatief is geregeld) valt, en dat het initiatief geldig is. Vooralsnog blijft de afwijzing gehandhaafd.

Steunbetuigingen

Vanaf het moment dat het initiatief geregistreerd is, mag het burgercomité beginnen met het verzamelen van steunbetuigingen. Dit kan op papier of via internet via speciale formulieren. Voordat online verzameld kan worden, moeten de organisatoren een certificaat hebben voor hun online-inzamelingssysteem. Dit certificaat wordt uitgegeven door de nationaal bevoegde autoriteit. In Nederland is het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties verantwoordelijk voor de certificering van het systeem waarmee de handtekeningen worden verzameld.

Wanneer besloten een initiatief te steunen, is het van belang te controleren of het initiatief daadwerkelijk bij de Europese Commissie geregistreerd is en of er aan de vereiste certificering voldaan is.

Het  minimum aantal vereiste handtekeningen is één miljoen. De steunbetuigingen hoeven niet uit alle 28 EU-landen te komen. Het aantal indieners per lidstaat moet ten minste het aantal Europarlementariërs van dat land vermenigvuldigd met 750 zijn.

Voorbeeld: Nederland heeft 26 Europarlementariërs. Dit aantal wordt vermenigvuldigd met 750, dus in Nederland moeten er minstens 19.500 handtekeningen worden verzameld wil Nederland meetellen als één van de zeven landen waar genoeg handtekeningen zijn opgehaald. Worden er 15.000 handtekeningen opgehaald dan telt Nederland niet mee bij voor de zeven landen eis. De handtekeningen tellen wel mee voor de vereiste miljoen handtekeningen (als in zeven andere landen wel aan de drempel is voldaan).

Het burgercomité heeft twaalf maanden om het vereiste aantal steunbetuigingen te verzamelen. Na deze termijn moet de organisatie elke lidstaat van waaruit stemmen zijn ontvangen vragen om het aantal geldige stemmen te certificeren. Dit belangrijk, omdat hiermee de echtheid van de handtekeningen gegarandeerd wordt. Tegelijkertijd moet de privacy van de ondertekenaars worden gewaarborgd.

Tussentijdse evaluatie voorstel Commissie

Als er voor een initiatief tenminste 100.000 handtekeningen zijn verzameld kijkt de Europese Commissie of over het onderwerp een goed voorstel gemaakt kan worden. Dit is belangrijk voor de indieners, omdat zij er op deze manier achter komen of het zinvol is om door te gaan met het verzamelen van handtekeningen.

Antwoord van de Commissie

Binnen drie maanden nadat de organisatoren het initiatief hebben ingediend, wordt een vergadering gepland tussen vertegenwoordigers van de Europese Commissie en het burgercomité. Hierin kunnen zijn hun initiatief toelichten. Tevens krijgen ze de mogelijkheid om in een openbare hoorzitting van het Europees Parlement het initiatief te presenteren. Het is uiteindelijk aan de Commissie om in een officieel antwoord aan te geven of op basis van het burgerinitiatief actie ondernomen wordt. De Commissie is niet verplicht gehoor te geven aan het burgerinitiatief. Tegen deze beslissing is geen beroep mogelijk.

Mijlpalen concrete initiatieven

Nog voor invoering van het Europees burgerinitiatief waren al enkele initiatieven opgestart:

  • een initiatief voor een verbod op kernenergie (verworpen door de Europese Commissie)
  • een initiatief over meer zondagsrust (gesteund door Peter van Dalen, die namens de ChristenUnie in het Europees Parlement zit)
  • de extreem-rechtse Belgische politieke partij het Vlaams Belang wil een Europees minarettenverbod
  • een initiatief voor opheffing van het extra parlementsgebouw in Straatsburg, opgezet door eurocommissaris Cecilia Malmström (zij zette dit initiatief op toen zij nog Europarlementariër was). Voor dit initiatief zijn al een miljoen handtekeningen opgehaald
  • het Europees Parlement als geheel is een burgerinitiatief gestart om de Europese Commissie te dwingen een Europees jaar tegen geweld tegen vrouwen te organiseren
  • de eis voor een verbod op de toelating van nieuwe gengewassen, opgezet door Greenpeace en het internetplatform Avaaz. Hiervoor zijn inmiddels een miljoen handtekeningen verzameld
  • een initiatief voor beter transport van slachtdieren binnen Europa. De petitie, ondertekend door 1,1 miljoen Europese burgers, is op 7 juni 2012 aangeboden aan eurocommissaris John Dalli (Gezondheid en Consumentenzaken).  

Niet alle initiatieven maakten een kans. Zo kan de Europese Commissie niet beslissen over de vestigingsplaats van de Europese instellingen. Ook zijn er geluiden dat het minarettenverbod geen kans maakt omdat het de vrijheid van godsdienst zou aantasten.

In juni 2012 bleek dat het online systeem voor het verzamelen van handtekeningen nog steeds niet optimaal werkt. Hierdoor hebben de organisatoren van verschillende initiatieven nog niet de mogelijkheid gehad om handtekeningen in te zamelen.

Eerste initiatief

Op 8 mei 2012, de Dag van Europa, werd het eerste transnationale online inzamelingspunt van een Europees burgerinitiatief een feit. Fraternité 2020 (F2020) kreeg registratienummer ECI(2012)000001 toegewezen. Fraternité 2020 heeft als doel uitwisselingsprogramma's van de EU te verbeteren. Op deze wijze hopen de indieners bij te dragen aan een verenigd Europa op basis van solidariteit tussen Europese burgers.

Eerste afwijzing

In juni 2012 heeft de Europese Commissie voor de eerste keer een Europees burgerinitiatief afgewezen. Milieu- en natuurorganisaties uit elf lidstaten dienden een initiatief in dat was gericht op het terugdringen van kernenergie. De Europese Commissie heeft het initiatief verworpen vanwege procedurele redenen.

Het Europees burgerinitiatief moet aan verschillende voorwaarden voldoen. Zo moet het initiatief gaan over een onderwerp dat staat vermeld in het Verdrag van Lissabon. Maar kernenergie staat vermeld in een ander verdrag, namelijk het Euratom Verdrag. Daarom heeft de Europese Commissie het initiatief verworpen.

De organisatoren van het Europees burgerinitiatief stellen dat het onderwerp van het initiatief wel binnen het Verdrag van Lissabon valt en dat de Europese Commissie zich er wel over mag uitspreken. Zij vinden de regels nu te vaag en willen graag dat de regels worden verduidelijkt.

Eerste initiatief met 1 miljoen handtekeningen

Op 11 februari 2013 behaalde voor het eerst een Europees burgerinitiatief dat voldoet aan de procedurele regels de benodigde drempel van één miljoen handtekeningen. Het initiatief, Right2Water, stelt dat de EU de (drink)watervoorziening moet vrijstellen van de regels van de vrije markt, en dat de EU toegang tot schoon water en sanitair als mensenrecht beziet, en zich in moet zetten om dat wereldwijd te bereiken.

De organisatie achter het referendum besloot na het behalen van de benodigde drempel nog door te gaan met het verzamelen van handtekeningen alvorens het initiatief aan te bieden aan de Europese Commissie. Dit werd uiteindelijk eind december 2013 gedaan. Meer dan 1,8 miljoen EU-burgers hebben hun handtekening onder het burgerinitiatief gezet, waarvan ruim 22.000 uit Nederland.

Behandeling Right2Water door de EU-instellingen

Op 17 februari 2014 werd het EU-burgerinitiatief besproken tijdens een hoorzitting in het Europees Parlement. Op 19 maart kwam de Commissie met mededeling gebaseerd op het initiatief. De Commissie beloofde burgers meer te betrekken en informeren over het drinkwaterbeleid, om samen met de lidstaten de richtlijnen over waterkwaliteit tegen het licht te houden en om universele toegang tot drinkwatervoorzieningen op te nemen als doelstelling bij 'duurzame ontwikkeling' en bij ontwikkelingssamenwerking.

Overzicht initiatieven

Handtekeningen verzamelen

De Europese Commissie houdt een overzicht bij van alle lopende initiatieven waar handtekeningen voor verzameld worden.

Ingediend bij de Commissie

De Commissie houdt ook bij welke initiatieven zijn ingediend, en welke door de Commissie zijn behandeld.

Afgewezen en ingetrokken initiatieven

De Commissie kan bij lopende initiatieven al aangeven dat het initiatief buiten de bevoegdheid van dit instrument valt. Initiatieven die op deze grond worden afgewezen, worden door de Commissie openbaar gemaakt. Dat geldt evenzeer voor initiatieven die te weinig handtekeningen hebben opgehaald, en initiatieven die door de indieners zelf zijn ingetrokken.

Europees burgerinitiatief in juridische context

Met de invoering van het Verdrag van Lissabon in 2009 is het Europees burgerinitiatief geïntroduceerd. Dit initiatief is een onderdeel van de democratische beginselen die zijn vastgelegd in titel II van het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU).

Artikel 9 tot en met artikel 12 van dit verdrag zijn gericht op versterking van de democratische grondslag van de Unie. Deze artikelen beogen de burger te laten participeren in het democratische proces van de Europese Unie. In ieder geval wordt een mogelijkheid gecreëerd voor de burger om invloed te kunnen uitoefenen en mee te kunnen denken over de besluitvorming binnen de Unie.

In artikel 11 worden verschillende mogelijkheden tot participatie gegeven. De Europese instellingen worden verplicht burgers en representatieve organisaties langs passende wegen de mogelijkheid te bieden hun mening over alle onderdelen van het Unie-optreden kenbaar te maken en daarover in het openbaar in discussie te treden. Ook dienen zij een open, transparante en regelmatige dialoog te voeren met representatieve organisaties en het maatschappelijk middenveld. De Europese Commissie dient op ruime schaal overleg te plegen met de betrokken partijen. Deze mogelijkheden, die nu verankerd zijn in artikel 11, werden reeds informeel toegepast door bijvoorbeeld open consultaties door de Commissie via groenboeken en witboeken.

Het burgerinitiatief dat in lid 4 is verwerkt is een nieuwe mogelijkheid tot burgerparticipatie. Deze methode weerspiegelt het streven naar een Europese democratie waarin de burger invloed heeft op de agenda. In de praktijk is het echter niet zo eenvoudig om een burgerinitiatief te starten (het groenboek van de Europese Commissie bevat namelijk veel eisen waaraan moet worden voldaan en het opstarten van een burgerinitiatief is een gecompliceerd proces), maar de mogelijkheid om initiatief te nemen bestaat nu wel officieel.

Op 13 juni 2013 stemde de Tweede Kamer in met de Uitvoeringswet Europees Burgerinitiatief (33 423). De Nederlandse overheid heeft namelijk de verantwoordelijkheid de steunbetuigingen van haar burgers voor een initiatief te verifiëren en certificeren. Door de Uitvoeringswet moet de Nederlandse overheid onder andere bepalen welke gegevens een burger nodig heeft om een initiatief in te dienen. Hiermee moet de instapdrempel voor een burgerinitiatief verlaagd worden. Ook heeft de Nederlandse overheid de verantwoordelijkheid het nationale webportal voor burgerinitiatieven en individuele steunbetuigingen te controleren.

Meer informatie

Factsheet Europees Parlement