Bevoegdheden Europees Parlement

De zeggenschap van het Europees Parlement (EP) verschilt per beleidsterrein. In de meeste gevallen is het EP medewetgever, maar op een aantal beleidsterreinen zijn de bevoegdheden van het EP zeer beperkt. Initiatiefrecht heeft het EP niet. Wel kent het EP controlebevoegdheid en kan het de Europese Commissie als geheel (maar individuele commissarissen niet) wegsturen.

Wetgevende bevoegdheid

Het Europees Parlement (EP) stelt op de meeste beleidsterreinen samen met de Raad van de Ministers (kortweg de Raad) Europese regelgeving vast. Uitzonderingen hierop zijn het buitenlands- en veiligheidsbeleid, fiscaal beleid, familierecht, eurobeleid en het werkgelegenheidsbeleid. Op deze terreinen moet de Raad het EP om advies vragen. Het Europees Parlement beslist in die gevallen niet mee over voorstellen, en kan ze ook niet amenderen. Ook de Europese Commissie (EC) speelt een belangrijke rol in het wetgevingsproces, het buitenlands- en veiligheidbeleid daar gelaten.

De vaststelling van Europese wetgeving verloopt via gecompliceerde en voor buitenstaanders weinig inzichtelijke procedures. In verreweg de meeste gevallen beslist het Europees Parlement met meerderheid van stemmen. Op terreinen waar het EP en de Raad hun wetgevende bevoegdheid delen neemt de Raad in de regel besluiten met gekwalificeerde meerderheid van stemmen.

Meer over

Initiatiefrecht

Het EP kan de Europese Commissie (EC) verzoeken met wetgeving op een bepaald terrein te komen (voor zover de EU op dat terrein bevoegdheid heeft), maar heeft zelf geen recht van initiatief om wetgeving voor te stellen.

Meer over

Budgetrecht

Het meerjarig financieel kader - dat over vijf jaar of meer strekt - wordt vastgesteld door de Raad (met eenparigheid van stemmen ) en het Europees Parlement (met meerderheid van stemmen).

Het voorontwerp voor de jaarlijkse EU-begroting wordt opgesteld door de EC, waarna de Raad en het EP de begroting samen vaststellen.

Besluitvorming jaarlijkse begroting

Het EP kan in eerste lezing:

  • de begroting goedkeuren
  • geen besluit nemen wat na 42 dagen telt als goedkeuring
  • amendementen voorstellen

Wanneer het EP de begroting amendeert kunnen er twee dingen gebeuren:

Het bemiddelingscomité heeft 21 dagen om tot overeenstemming te komen. Daarna moeten het EP en de Raad beiden het resultaat goedkeuren. Zo niet, en als men in het bemiddelingscomité niet op tijd tot overeenstemming komt, moet de EC een nieuwe begroting indienen.

Voor alle stappen in het vaststellen van de jaarlijkse begroting geldt dat het EP besluiten neemt met een meerderheid van stemmen.

Inkomsten en eigen middelen

Het hierboven beschreven budgetrecht betreft alleen de uitgaven van de Europese Unie. Het Europees Parlement heeft geen zeggenschap over hoe de EU aan haar middelen komt. Die beslissing wordt genomen door de Raad, met eenparigheid van stemmen. Het EP wordt slechts geraadpleegd.

Meer over

Controlebevoegdheid

Het EP heeft een controlerende bevoegdheid bij de activiteiten van de EU. Zo zijn de EC en de Raad van Ministers verplicht om (maandelijks en jaarlijks) verslagen ter goedkeuring voor te leggen aan het EP. Ook de voorzitter van de EU verantwoordt zich bij aanvang en na afloop van het voorzitterschap over het programma. Om de controle te vergemakkelijken, stelt het EP met regelmaat (tijdelijke) enquêtecommissies in.

Benoeming en ontslag commissarissen

Na de Europese Verkiezingen kiest het Europees Parlement de voorzitter van de Europese Commissie, na een voordracht van een kandidaat door de Europese Raad. In het verleden had het Parlement alleen het recht om de door de Europese Raad beoogde voorzitter goed- of af te keuren. Door het Verdrag van Lissabon moet de Europese Raad bij de voordracht van een commissievoorzitter voortaan de uitslag van de Europese verkiezingen in haar besluit meenemen.

Daarnaast moet het Europees Parlement de voordracht van de Commissie als geheel goedkeuren. Individuele commissarissen kan het EP echter niet afwijzen. Indien het Europees Parlement het dus niet eens is met de voordracht van één kandidaat, dan kan het de benoeming van deze persoon tot eurocommissaris alleen blokkeren door de Commissie als geheel af te wijzen.

Het EP kan de Europese Commissie tijdens de zittingsperiode ook in zijn geheel wegsturen via een "motie van afkeuring". Ook hier geldt echter weer dat het Europees Parlement dat recht alleen heeft voor de hele Commissie en niet individuele commissarissen tot aftreden kan dwingen.

In 1999 stapte de voltallige EC onder leiding van de Luxemburgse voorzitter Santer na lang touwtrekken op toen het EP dreigde het vertrouwen op te zeggen. Europees commissaris Edith Cresson was namelijk in opspraak geraakt vanwege beschuldigingen van fraude en vriendjespolitiek, en de EC weigerde Cresson te vragen terug te treden

Benoeming Europese Ombudsman en leden Europese Rekenkamer

Het Europees Parlement benoemt de Europese Ombudsman voor een periode van vijf jaar. De leden van de Europese Rekenkamer (één per lidstaat) worden met eenparigheid van stemmen door de Raad benoemd na raadpleging van het Europees Parlement.