Mr.dr. L.H.N. Bosch ridder van Rosenthal

foto Mr.dr. L.H.N. Bosch ridder van Rosenthalvergrootglas Autoritaire en openhartige regent, gespeend van diplomatieke gaven, strijdlustig nationalist en orangist die als Commissaris van de Koningin in 1940 na de capitulatie een onverzoenlijke houding jegens de Duitse bezettingsautoriteiten aannam en daarom al gauw ontslag kreeg. Moedig en energiek edelman, die uitgroeide tot één van de belangrijkste leiders van het verzet. Voorzitter van het College van Vertrouwensmannen. Nadat Bureau Inlichtingen hem verdacht had gemaakt bij Wilhelmina, was hij diep gegriefd toen het staatshoofd hem na de oorlog niet wilde ontvangen. In het interbellum, een bekwaam en ijverig burgemeester die op zijn ponteneur stond, in Groningen zeer gehecht was aan de openbare heiliging van de zondagochtend en in Den Haag de maximumsnelheid afschafte.

in de periode 1934-1953: staatsraad in buitengewone dienst, Commissaris van de Koning(in), burgemeester van 's-Gravenhage, lid College van Vertrouwensmannen

voornamen

Lodewijk Hendrik Nicolaas

personalia

geboorteplaats en -datum
Dordrecht, 7 april 1884

overlijdensplaats en -datum
Zeist, 30 januari 1953

begraafplaats en -datum
Oude begraafplaats te Zutphen

levensbeschouwing
Hervormd (Hij werd op 28 juni 1939 op Paushuize, de ambtswoning in Utrecht, gedoopt en deed er belijdenis bij de Hervormde predikant jhr. J.L.A. Martens van Sevenhoven)

partij/stroming

partij(en)
CHU (Christelijk-Historische Unie) (sinds omstreeks 1928)

hoofdfuncties

  • advocaat en procureur te Zutphen, van januari 1912 tot december 1917 
  • kantonrechter-plaatsvervanger te Zutphen, van 1 oktober 1912 tot 1 februari 1918 
  • lid gemeenteraad van Zutphen, van 7 september 1915 tot 16 december 1917 
  • wethouder (van onderwijs en gemeente-landerijen) van Zutphen, van 5 september 1917 tot 16 december 1917 
  • burgemeester van Brummen, van 16 december 1917 tot 16 juni 1924 (benoemd bij K.B. van 21 november 1917) 
  • burgemeester van Groningen, van 16 juni 1924 tot 1 december 1930 (benoemd bij K.B. van 13 mei 1924) 
  • rechter-plaatsvervanger Arrondissementsrechtbank te Groningen, van 1 juni 1928 tot 1 december 1930 
  • burgemeester van 's-Gravenhage, van 1 december 1930 tot 1 juni 1934 (benoemd bij K.B. van 25 oktober 1930) 
  • Commissaris van de Koningin in Utrecht, van 1 juni 1934 tot 5 februari 1941 (benoemd bij K.B. van 19 april 1934; gepensioneerd door de Duitsers) 
  • voorzitter College van Vertrouwensmannen, van 26 augustus 1944 tot 26 mei 1945 (door de regering aangewezen college dat na de bevrijding het gezag moest waarnemen) 
  • Commissaris van de Koningin in Utrecht, van 6 mei 1945 tot 1 november 1946 (sinds december 1945 op non-actief vanwege gezondheid) 
  • lid in buitengewone dienst, Raad van State, van 28 augustus 1945 tot 30 januari 1953 

partijpolitieke functies

  • voorzitter CHU-studiecommissie voorbereiding herziening wetgeving, programma en statuten, vanaf 1941 

nevenfuncties

  • plaatsvervangend secretaris Raad van Beroep (Ongevallenwet) te Zutphen, vanaf 1 januari 1912 
  • plaatsvervangend secretaris Tiendcommissie, tienddistrict Zutphen, vanaf 1 januari 1916 
  • lid Staatscommissie voor de Waterstaatswetgeving, van 1918 tot 1953 
  • lid bestuur Vereeniging "Nederland-Oostenrijk", vanaf oktober 1925 
  • lid College van Curatoren Rijksuniversiteit Groningen, van 1 december 1928 tot 1 december 1930 
  • lid College van Curatoren Rijksuniversiteit Utrecht, van 1 oktober 1930 tot 1940 
  • lid Commissie van Toezicht Koninklijk conservatorium voor muziek te 's-Gravenhage, van 1930 tot 1934 
  • lid Centrale Beleggingsraad, vanaf 1 januari 1932 
  • voorzitter Grebbe-commissie (hulpverlening aan slachtoffers in de Grebbelinie), vanaf mei 1940 
  • lid commissie-Van Meurs over naoorlogse bestuur (ingesteld door Politiek Convent) 
  • president College van Curatoren Rijksuniversiteit Utrecht, van 1945 tot 1 december 1950 
  • voorzitter Centrale Beleggingsraad, vanaf 1947 

opleiding

lager onderwijs
  • lagere school te Dordrecht 

voortgezet onderwijs
  • gymnasium te Dordrecht 
  • gymnasium te Zwolle 

academische studie
  • rechtswetenschap (gepromoveerd op stellingen), Rijksuniversiteit Leiden, van 18 september 1902 tot 1911 
  • staatswetenschap (gepromoveerd op stellingen), Rijksuniversiteit Utrecht, tot 18 december 1911 

wetenswaardigheden

algemeen
  • Stond Seyss-Inquart bij zijn bezoek aan Utrecht na de Duitse bezettting nauwelijks te woord 
  • Weigerde als Commissaris consequent iedere Duitser een hand te geven 
  • Werd in februari 1941 samen met zijn college Van Sonsbeeck van Limburg ontslagen. Zij werden vanwege hun anti-Duitse houding de 'scherpslijpers' genoemd; wat hij overigens als een geuzennaam beschouwde. 
  • Hield na zijn ontslag een indrukwekkende toespraak tot zijn ambtenaren, waarin hij hen opriep hun werk te blijven, tenzij zij dat niet langer meenden te kunnen doen. 
  • Nam ondanks zijn zwakke gestel intensief deel aan verzetswerk 

uit de privésfeer
  • Was zeer vermogend 
  • Kreeg de versierselen als Grootofficier in de Orde van Oranje-Nassau op zijn ziekbed opgespeld door zijn oudste zoon, die kabinetschef was bij minister Beel 
  • Zijn zoon was burgemeester van Rhenen. Hij was gehuwd met een dochter van jhr. C.J. den Tex, Tweede Kamerlid. 
  • Zijn vader was officier van justitie te Zwolle 
  • Zijn echtgenote was een nicht van F.D. graaf Schimmelpenninck, Tweede Kamerlid 

anekdotes en citaten
  • Hechtte aan zijn waardigheid. Hij bleek, tot verbazing van de Groningers, een trouw kerkganger, maar miste een aparte burgemeestersbank in de Martinikerk. In Den Haag maakte hij er als burgemeester bezwaar tegen op Prinsjesdag in de Ridderzaal op de vierde rij te moeten plaatsnemen. 

pseudoniemen, bij-, koos- en schuilnamen
  • "Bossu" (schuilnaam als 'Vertrouwensman') 
  • "Verburg" (schuilnaam als 'Vertrouwensman') 

ridderorden
  • Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 2 juli 1929 
  • Grootofficier in de Orde van Oranje-Nassau, 20 februari 1946 

buitenlandse onderscheidingen
King's Medal for Courage in the Cause of Freedom

bezit van heerlijkheden
  • landgoed Beekzicht in Voorst (in zijn studententijd geërfd van een achterneef) 

hobby's
  • jagen, golf en tennis 
  • voetbal (speelde in zijn jongensjaren voetbal bij DFC (Dordrechtsche Football Club)) 

publicaties/bronnen

literatuur/documentatie
  • G. van Roon, "Een commissaris in het verzet. Jhr.mr.dr. L.H.N. Bosch ridder van Rosenthal" (Kampen, 1999) 
  • Persoonlijkheden in het Koninkrijk der Nederlanden in woord en beeld (1938) 

familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm
gehuwd te Leersum, 2 april 1913

echtgeno(o)t(e)/partner
Jkvr. G.A. Pauw van Wieldrecht, Gertrude Anna

kinderen
2 zonen en 2 dochters

vader
Mr. L.H.N.F.M. Bosch ridder van Rosenthal, Lodewijk Hendrik Nicolaas Frederik Maria

geboorteplaats en/of -datum
Velp (gem. Rheden), 6 maart 1845

moeder
Jkvr. R.G.G. van Holthe, Roelina Gijsbertha Gerhardina

geboorteplaats en/of -datum
Dwingeloo, 22 november 1855

broers en zusters
1 zuster en 2 broers

beroep grootvader (vaderskant)
notaris

Bovenstaande gegevens zijn ontleend aan het biografisch archief van het Parlementair Documentatiecentrum (PDC) van de Universiteit Leiden en betreffen vooral de periode waarin iemand politiek en bestuurlijk actief is of was.
Aanvullingen en gemotiveerde correcties ontvangt PDC graag. U kunt hiervoor de "reageer-keuze" aan de rechterzijde van deze pagina gebruiken of uw aanvullingen per post sturen naar PDC, antwoordnummer 10801, 2501 BW Den Haag of per email aan info@biografieen.com.