Mr. J.W. (Johan) Beyen

foto Mr. J.W. (Johan) Beyenvergrootglas Partijloze minister van Buitenlandse Zaken, in combinatie met de KVP'er Luns in het derde kabinet-Drees. Voormalig topambtenaar van Financiën en bankier. Had als minister een belangrijk aandeel in het totstandkomen van de EEG, nadat hij in december 1952 een naar hem genoemd plan had gelanceerd voor economische integratie. Buitengewoon erudiet en spiritueel man; geestig en onderhoudend. Hoewel geld en bankwezen zijn vak waren, beschouwde hij toch het ministerschap als één van de meest aangename en vruchtbare periodes van zijn leven. Zijn relatie met collega-minister Luns was zeer slecht vanwege competentiegeschillen. Na zijn aftreden ambassadeur in Parijs.

partijloos
in de periode 1952-1956: minister

voornamen (roepnaam)

Johan Willem (Johan)

personalia

geboorteplaats en -datum
Utrecht, 2 mei 1897

overlijdensplaats en -datum
's-Gravenhage, 29 april 1976

levensbeschouwing
  • Hervormd 
  • Rooms-Katholiek (op latere leeftijd, na ministerschap) 

opmerkingen over de naam en/of titel
Achternaam oorspronkelijk 'Beijen'

partij/stroming

partij(en)
  • Liberale Staatspartij "De Vrijheidsbond", omstreeks 1931 tot 6 april 1935 
  • partijloos 

hoofdfuncties

  • tijdelijk adjunct-commies Generale Thesaurie, ministerie van Financiën, van 1 november 1918 tot 1 april 1919 
  • ambtenaar Generale Thesaurie, ministerie van Financiën, van 1 april 1919 tot 1 januari 1924 (respectievelijk adjunct-commies, commies, hoofdcommies en referendaris) 
  • waarnemend thesaurier-generaal, van oktober 1923 tot 1 januari 1924 (vanwege reis van L.J.A. Trip naar Nederlands-Indië) 
  • secretaris Raad van Bestuur, N.V. "Philips' Gloeilampenfabrieken" te Eindhoven, van 1 januari 1924 tot 1 april 1925 
  • directeur kantoor Amsterdam, "Javasche Bank", van 1 april 1925 tot 1 april 1927 
  • directeur N.V. Robaver (Rotterdamsche Bankvereniging), van 1 april 1927 tot 1 april 1935 
  • vicepresident Bank voor Internationale Betalingen te Bazel, van 1 mei 1935 tot 1 mei 1937 
  • president Bank voor Internationale Betalingen te Bazel, van 1 mei 1937 tot januari 1940 
  • financieel directeur "Lever Brothers en Unilever", van januari 1940 tot 1946 
  • financieel adviseur van de Nederlandse regering, van 1940 tot 1952 (verbleef in Londen van 1940 tot 1945; zette met behulp van daar aanwezige financiële deskundigen een ministerie van Financiën op) 
  • executive director IMF (Internationaal Monetair Fonds) te Washington, van 1946 tot 1952 
  • minister van Buitenlandse Zaken, van 2 september 1952 tot 13 oktober 1956 
  • ambteloos, van oktober 1956 tot maart 1957 
  • regeringscommissaris voor Duitse aangelegenheden, van maart 1957 tot 1 januari 1958 
  • buitengewoon en gevolmachtigd ambassadeur te Parijs, van 1 januari 1958 tot juli 1963 

nevenfuncties

  • lid Staatscommissie centralisatie middenstands- en kredietwezen (Staatscommissie-Van Doorninck), vanaf juli 1927 
  • regeringsgedelegeerde conferentie Genève, 1932 
  • regeringscommissaris Nederlandse Maatschappij tot ontginning van steenkolenvelden (Nemos), van 1932 tot 1937 
  • lid Raad van Commissarissen N.V. Philips' Gloeilampenfabrieken te Eindhoven, vanaf 1934 
  • lid Raad van Commissarissen "Wm.H. Müller & Co." 
  • lid Raad van Commissarissen handelsvereniging Amsterdam, omstreeks 1935 
  • lid Raad van Commissarissen N.V. RDM (Rotterdamse Droogdok Maatschappij) 
  • president Raad van Commissarissen verenigde glasfabrieken, omstreeks 1935 
  • lid Raad van Commissarissen levensverzekeringsbedrijf "NILLMIJ", omstreeks 1935 
  • lid Raad van Commissarissen Netherlands Beon, helmenindustrie 
  • lid Raad van Commissarissen Westland-Hypotheekbank 
  • lid Raad van Commissarissen N.V. KLM (Koninklijke Luchtvaart Maatschappij) 
  • lid Raad van Commissarissen KNILM (Koninklijke Nederlandsch-Indische Luchtvaart Maatschappij) 
  • lid Raad van Commissarissen algemeen administratie- en trustkantoor 
  • lid Raad van Commissarissen Rotterdamse Trustmaatschappij 
  • lid Raad van Commissarissen Nederlands syndicaat voor China 
  • afgevaardigde naar de conferentie van Bretton Woods, 1944 
  • lid hoofdbestuur Nederlandsche Maatschappij voor Nijverheid en Handel 
  • lid voorbereidingscommissie oprichting Verenigde Naties te Londen, november 1945 
  • voorzitter Raad van Commissarissen N.V. "Rotterdamsche Bank", vanaf mei 1963 
  • voorzitter Raad van Commissarissen N.V. "Wm. H. Müller & Co.", vanaf juni 1963 
  • voorzitter Raad van Commissarissen Nederlandse maatschappij van het Belgische Petrofina-concern 
  • adviseur Belgische Petrofina-concern, vanaf 1963 
  • voorzitter raad van advies maandblad "Common market" te 's-Gravenhage, vanaf 1963 
  • president Association pour l'etude des problemes de l'Europe te Parijs, van 1963 tot 1967 
  • lid Raad van Commissarissen HBM (Hollandse Beton Maatschappij), vanaf 1964 
  • voorzitter Raad van Commissarissen Hollandse Aannemingsmaatschappij, vanaf 1965 
  • lid adviescommissie internationale monetaire vraagstukken, vanaf 1966 
  • waarnemend lid van de delegatie naar de monetaire en economische wereldconferentie 
  • voorzitter Nederlandse delegatie vijfde zitting Ecosoc van de Verenigde Naties 
  • voorzitter missie van de Wereldbank naar Marokko 

opleiding

lager onderwijs
  • Openbare Jongensschool, Puntenburg te Utrecht 

voortgezet onderwijs
  • Stedelijk Gymnasium te Utrecht, van 1908 tot 1914 

academische studie
  • rechtswetenschap (gepromoveerd op stellingen), Rijksuniversiteit Utrecht, van september 1914 tot 30 oktober 1918 

activiteiten

takenpakket (bewindspersoon)
  • Hield zich als minister speciaal bezig met Europese multilaterale zaken, Europese bilaterale aangelegenheden van economische en financiële aard en NAVO-zaken 

als bewindspersoon (beleidsmatig)
  • Lanceerde in december 1952 het plan-Beyen, waarbij de EGKS zou streven naar een douanegemeenschap, zonder interne tariefgrenzen. Dit plan was een eerste stap naar de vorming van de Europese Economische Gemeenschap in 1957. 
  • Bereikte in 1955 op de conferentie van Messina met de vijf andere landen van de EGKS overeenstemming over uitbreiding van de Europese integratie tot alle economische sectoren. Speelde met zijn collega's Becht en Spaak van Luxemburg en België een belangrijke rol bij de voorbereiding van deze conferentie en bij het bereiken van een doorbraak op het punt van de economische integratie. 

als bewindspersoon (wetgeving)
  • Bracht in 1954 een wet tot stand tot Goedkeuring van het te Rome op 4 november 1950 ondertekende Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, alsmede van het te Parijs op 20 maart 1952 ondertekende Protocol bij dat Verdrag (3043) 
  • Bracht in 1955 wetten tot stand inzake Goedkeuring van het op 23 oktober 1954 te Parijs ondertekende Protocol bij het Noord-Atlantisch Verdrag inzake de toetreding van de Bondsrepubliek Duitsland, tot Goedkeuring van het Protocol en wijziging en aanvulling van het Verdrag van Brussel van 17 maart 1948 onderscheidelijk betreffende de strijdkrachten van de West-Europese Unie, het toezicht op de bewapening etc., en tot Goedkeuring van de Overeenkomst betreffende de aanwezigheid van vreemde strijdkrachten in de Bondsrepubliek Duitsland (Parijse Verdragen) (3805) 
  • Bracht in 1956 samen met de minister van Justitie de wet tot stand tot Goedkeuring van het op 28 juli 1951 te Genève ondertekende Verdrag betreffende de status van vluchtelingen (3542) 

wetenswaardigheden

algemeen
  • Was al tijdens de oorlog in Londen al in beeld voor het ministerschap van Financiën 
  • Bij de kabinetsformatie van 1952 voor het kabinet-Drees III maakten koningin Juliana en prins Bernhard zich sterk voor zijn ministerschap op Buitenlandse Zaken. 
  • Verdedigde in 1954 met succes het wetsvoorstel tot Goedkeuring van het Verdrag inzake de oprichting van de Europese Defensie Gemeenschap. Omdat het Franse parlement het verdrag afwees, trad het echter niet in werking. 
  • Kreeg tijdens zijn ministerschap aanvankelijk kritiek (vooral van KVP en PvdA), omdat zij voorstellen voor Europese integratie niet federalistisch genoeg waren. Toen later bleek dat zijn realistische koers juist wel succes opleverde, groeide de waardering. 
  • Vanwege zijn duidelijke stellingname in de Greet Hofmansaffaire was hij voor de koningin aan het eind van zijn ministerschap persona non grata aan het hof. De koningin verzette zich ook enige tijd tegen zijn benoeming tot ambassadeur, wat hij uiteindelijk overigens toch werd. 
  • Als regeringscommissaris voor Duitse aangelegenheden leidde hij de onderhandelingen over de Duitse herstelbetalingen, over grenskwesties en over het Eems-Dollardgebied 

uit de privésfeer
  • Promoveerde bij prof. B.Ch. de Savornin Lohman 
  • Werd ambtenaar op aanbeveling van Prof. Suyling 
  • Werd in 1925 L.J.A. Trip gevraagd voor een functie bij de Javasche Bank 
  • Behoorde tot de vriendenkring van prinses (later koningin) Juliana. Zij was, met prins Bernhard, voorstander van een ministerschap van Beyen. Hun vriendschap bekoelde vanwege zijn opstelling in de affaire-Greet Hofmans. 
  • In april 2014 werd op initiatief van VVD-Europarlementariër Jan Mulder in het Europees Parlement een zaal naar hem genoemd 
  • Had van moederszijde een zeer muzikale familie. Oudoom Johan was de eerste dirigent van het paleisorkest. 
  • Zijn tweede echtgenote was van geboorte Oostenrijkse 
  • Zijn vader was algemeen secretaris van de Maatschappij tot Exploitatie van Staatsspoorwegen. Zijn moeder was concertpianiste. 

anekdotes en citaten
  • Als minister wilde hij geen dossiers zien. Een ambtenaar die een beslissing verlangde, moest een nota indienen van hoogstens anderhalf velletje. Hij besliste dan terstond en dat heeft hij vier jaar volgehouden. 
  • Bij mooi weer overlegde hij wel met zijn ambtenaren op het Scheveningse strand. 
  • Drees zou de benoeming van Beyen - in wie hij een bondgenoot tegen al te vergaande Europese integratie zag - achteraf hebben betreurd. 

woonplaats(en)/adres(sen)
  • De Bilt (kinderjaren) 
  • Eindhoven, Raiffeisenstraat 7, van 1924 tot 1925 
  • Amsterdam, Hacquartstraat, vanaf 1925 
  • Wassenaar, vanaf 1963 
  • Zuid-Frankrijk (tweede huis) 

ridderorden
  • Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 11 juli 1927 (wegens verdiensten voor het bankwezen) 
  • Commandeur in de Orde van Oranje-Nassau, 28 april 1951 
  • Grootofficier in de Orde van Oranje-Nassau, 21 november 1956 

verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.
  • lid Letterkundig Gezelschap "Mentor" (als gymnasiast) 
  • lid Liberale Studieclub Rotterdam, omstreeks 1931 

hobby's
violoncel

publicaties/bronnen

publicaties
  • "PLaatselijk belastinggebied" (1926) 
  • "Het spel en de knikkers. Een kroniek van vijftig jaren te Rotterdam" (1968) 
  • "De zin van het nutteloze" (1970) 

literatuur/documentatie
  • interview met Bibeb in Vrij Nederland, 29 april 1961 
  • A.E. Kersten, "Beijen, Johan Willem (1897-1976)", in: Biografisch Woordenboek van Nederland, deel II, 30 
  • J.W.L. Brouwer, "Architect van de Europese Gemeenschap?", in: D. Hellema e.a. (red.), "De Nederlandse ministers van Buitenlandse Zaken in de twintigste eeuw" (Den Haag, 1999) 
  • J.W.L. Brouwer, "'Ik heb Uwe Majesteit gedurende vier jaren naar mijn beste weten gediend'. Minister Beyen tussen twee vuren in de Hofmansaffaire", in: Jaarboek Parlementaire Geschiedenis 2004, 108 
  • W.H. Weenink, "Bankier van de wereld. Bouwer van Europa. Johan Willem Beyen (1897-1976)" (2005) 

Biografisch Woordenboek(en)
biografie opgenomen in het Biografisch Woordenboek van Nederland

archivalia via site Nationaal Archief
vindplaatsen en beschrijvingen verzameld door het Nationaal Archief

familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm
  • gehuwd te 's-Gravenhage, 28 maart 1922 (huwelijk ontbonden 9 oktober 1945) 
  • gehuwd (tweede huwelijk) te Zürich, 14 november 1945 

echtgeno(o)t(e)/partner
P.J.G. Hijmans van Anrooij, Petronella Jeanne Geertruida (Nelly)

2e echtgeno(o)t(e)/partner
M.A. Lubinka, Margaretha Antonia

kinderen
  • 2 zoons en 1 dochter (uit eerste huwelijk) 
  • kinderloos (tweede huwelijk) 

vader
Mr. K.H. Beijen, Karel Hendrik

geboorteplaats en/of -datum
Utrecht, 28 april 1866

moeder
L.M. Coenen, Louisa Maria

geboorteplaats en/of -datum
Utrecht, 26 april 1867

beroep grootvader (moederskant)
musicus (oprichter Utrechts orkest)

familierelaties
Vader van K.H. Beyen, staatssecretaris

Bovenstaande gegevens zijn ontleend aan het biografisch archief van het Parlementair Documentatiecentrum (PDC) van de Universiteit Leiden en betreffen vooral de periode waarin iemand politiek en bestuurlijk actief is of was.
Aanvullingen en gemotiveerde correcties ontvangt PDC graag. U kunt hiervoor de "reageer-keuze" aan de rechterzijde van deze pagina gebruiken of uw aanvullingen per post sturen naar PDC, antwoordnummer 10801, 2501 BW Den Haag of per email aan info@biografieen.com.