Mr.dr. R. Kranenburg

foto Mr.dr. R. Kranenburgvergrootglas Staatsrechtgeleerde met groot gezag, die, hoewel hij meer wetenschapper dan politicus was, onder andere als senator en partijvoorzitter een voorname rol in de VDB speelde. Zoon van een tabaksfabrikant en aanvankelijk rechter. Werd in 1914 hoogleraar, eerst in Amsterdam en daarna in Leiden. Schreef handboeken over het staats- en administratief recht. Als lid van de nieuwgevormde PvdA volgde hij in 1946 De Vos van Steenwijk op als Eerste Kamervoorzitter. Leidde in 1948 de inhuldigingsplechtigheid van koningin Juliana in de Nieuwe Kerk. Werd in 1951 lid van de Raad van State.

VDB, PvdA
in de periode 1929-1955: lid Eerste Kamer, voorzitter Eerste Kamer, lid Raad van State

voornaam

Roelof

personalia

geboorteplaats en -datum
Groningen, 8 september 1880

overlijdensplaats en -datum
's-Gravenhage, 28 december 1956

levensbeschouwing
Hervormd

partij/stroming

partij(en)
  • VDB (Vrijzinnig-Democratische Bond), tot 9 februari 1946 
  • PvdA (Partij van de Arbeid), vanaf 9 februari 1946 

hoofdfuncties en beroepen

  • advocaat en procureur te Amsterdam, vanaf 1904 
  • advocaat en procureur te Groningen, tot 1 februari 1910 
  • secretaris Kamer van Koophandel en Fabrieken te Groningen, van 1908 tot 1 februari 1910 
  • lid gemeenteraad van Groningen, van 24 april 1909 tot 1 februari 1910 
  • rechter Arrondissementsrechtbank te Tiel, van 1 februari 1910 tot 1 januari 1914 
  • rechter Arrondissementsrechtbank te Utrecht, van 1 januari 1914 tot 1 januari 1915 
  • hoogleraar staats- en administratief recht, alsmede volkenrecht en rechtsfilosofie, Gemeentelijke Universiteit te Amsterdam, van 1 januari 1915 tot 1 september 1927 (benoemd 28 oktober 1914) 
  • hoogleraar staatsrecht, Rijksuniversiteit Leiden, van 1 september 1927 tot 20 maart 1942 (benoemd bij K.B. van 4 juni 1927; in 1942 ontslagen door de Duitsers) 
  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 17 september 1929 tot 17 september 1935 
  • lid Provinciale Staten van Zuid-Holland, van 2 juli 1935 tot 4 juli 1939 
  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 9 juni 1937 tot 1 juni 1951 
  • hoogleraar Nederlands staatsrecht, Rijksuniversiteit Leiden, van 6 mei 1945 tot 1 juni 1948 
  • voorzitter Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 23 juli 1946 tot 1 juni 1951 (benoemd bij K.B. van 18 juli 1946) 
  • lid Raad van State, van 1 juni 1951 tot 1 oktober 1955 (benoemd bij K.B. van 11 mei 1951) 

gevangenschap/internering
  • geïnterneerd gijzelaarskamp te Sint-Michielsgestel, van 7 augustus 1942 tot 17 december 1942 
  • gevangenschap in Scheveningen, augustus 1943 (enkele weken) 

partijpolitieke functies

  • lid bestuur VDB afdeling Amsterdam, van 1918 tot 1923 
  • voorzitter VDB, van 23 november 1925 tot 1 december 1929 
  • voorzitter VDB, van 25 november 1933 tot 28 november 1937 
  • voorzitter VDB-commissie herziening defensiestandpunt, 1935 
  • lid VDB-studiecommissie Nederland en de internationale verhoudingen, vanaf juni 1937 
  • lid partijbestuur PvdA, van 9 februari 1946 tot 1953 
  • lid commissie beginselprogramma PvdA, van 27 juli 1946 tot 24 april 1947 
  • lid curatorium WBS (Wiardi Beckman Stichting), vanaf december 1946 
  • vicevoorzitter PvdA, van 26 april 1949 tot 1 juni 1951 
  • waarnemend voorzitter PvdA, van januari 1949 tot 28 augustus 1949 (Koos Vorrink afwezig na ongeluk) 
  • voorzitter PvdA-studiecommissie Wet op de politieke partijen, 1950 

nevenfuncties

  • plaatsvervangend voorzitter Raad van Beroep (ongevallenverzekering) te Groningen, tot 1 februari 1910 
  • lid Tiendcommissie te Tiel, tot 1 januari 1914 
  • voorzitter Vereeniging voor Wijsbegeerte des Rechts (oprichter) 
  • lid Distributiegerecht van eerste aanleg in Noord-Holland, vanaf 8 januari 1919 (nog in 1928) 
  • secretaris Raad van Toezicht Rijkspostspaarbank, vanaf 1 april 1924 
  • lid Radioraad, van 1 januari 1929 tot januari 1930 
  • lid Staatscommissie inzake de Grondwetsherziening (Staatscommissie-De Wilde), van 24 januari 1936 tot 8 juni 1936 
  • voorzitter Nederlands Comité UNAC (United Nations Appeal for Children), 1948 
  • vicevoorzitter Nederlandse Raad voor de Europese Beweging, vanaf februari 1949 
  • lid Staatscommissie inzake de Grondwetsherziening (Staatscommissie-Van Schaik), van april 1950 tot 1953 
  • voorzitter Staatscommissie van advies inzake de status van de ambtenaren, vanaf augustus 1952 
  • voorzitter Staatscommissie inzake nadere Grondwetswijziging betreffende de buitenlandse betrekkingen, van 1 oktober 1954 tot 1955 

afgeleide functies, presidia etc.
  • voorzitter Huishoudelijke Commissie (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van juli 1946 tot 1 juni 1951 
  • voorzitter College van Senioren (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van juli 1946 tot 1 juni 1951 
  • voorzitter vaste commissie voor de Buitenlandse Politiek (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 10 oktober 1950 tot 1 juni 1951 
  • lid afdeling Algemene Zaken (Raad van State) 
  • lid afdeling Justitie (Raad van State) 
  • lid afdeling Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen (Raad van State) 

opleiding

voortgezet onderwijs
  • Rijks Hogere Burgerschool te Groningen 
  • gymnasium te Groningen 

academische studie
  • rechtswetenschap (gepromoveerd op stellingen), Rijksuniversiteit Groningen, tot 1 juli 1903 
  • staatswetenschap (gepromoveerd op dissertatie), Rijksuniversiteit Leiden, tot 8 mei 1909 

eredoctoraten
  • doctor honoris causa, Universiteit van Brussel 
  • doctor honoris causa, Universiteit van Gent 

activiteiten

als parlementariër
  • Hield zich in de Eerste Kamer met name bezig met justitie, binnenlandse zaken, waterstaat, PTT- en omroepaangelegenheden en koloniën 
  • Leidde op 6 september 1948 de Verenigde Vergadering waarin koningin Juliana werd ingehuldigd 
  • Verliet in 1948 de voorzitterstoel om het woord te kunnen voeren bij het debat over de voorstellen tot Grondwetsherziening 
  • Verliet in december 1949 de voorzitterstoel om het woord te kunnen voeren bij het debat over het wetsvoorstel inzake de Soevereiniteitsoverdracht aan Indonesië 

opvallend stemgedrag
  • Stemde in 1933 samen met Van Embden tegen een wetsvoorstel over de bevoegdheid van het rijk om te korten op de salarissen van gemeenteambtenaren 

wetenswaardigheden

uit de privésfeer
  • Werd op 20 maart 1942 als hoogleraar ontslagen door dr. F.Wimmer, de Generalkommissar für Verwaltung und Justiz. In zijn handboek over het staats- en administratief recht uit 1941 schonk hij volgens de Duitse bezetters te weinig aandacht aan hun bepalingen. Na zijn ontslag legden 58 Leidse hoogleraren als collectieve actie vrijwillig hun taak neer. 
  • Zat in augustus 1943 enkele weken in Scheveningen gevangen wegens deelneming voor de VDB aan geheim overleg der verboden politieke partijen 
  • Vader van J. L. Kranenburg, griffier van de internationale delegaties van de Staten-Generaal. 
  • Zijn broer Ferdinand was raadsheer in de Hoge Raad (1927-1940) 
  • Zijn vader was tabaksfabrikant 

verkiezingen
  • Werd in 1929 gekozen door Groep I: Noord-Brabant, Zeeland, Utrecht en Limburg 
  • Werd in 1937, 1946 en 1948 gekozen door Groep II: Gelderland, Overijssel, Groningen en Drenthe 

niet-aanvaarde politieke functies
  • minister van Justitie, juli 1939 (weigerde benoeming te aanvaarden in vijfde kabinet-Colijn) 

woonplaats(en)/adres(sen)
  • Leiden, Zoeterwoudscheweg 5, omstreeks 1931 en nog in 1951 
  • 's-Gravenhage, Laan van Poot 196a, omstreeks 1955 

ridderorden
  • Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 30 augustus 1939 
  • Grootkruis Orde van de Nederlandse Leeuw, 4 september 1948 

verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.
  • lid Groninger Studentencorps "Vindicat atque Polit" 
  • rector Groningsch Studenten corps te Groningen, vanaf 1901 
  • lid Nederlandsche Kring voor Wetenschap der Politiek 
  • lid Koninklijke Vlaamse Academie voor Wetenschappen 
  • lid Comité van voorlichting inzake het vraagstuk van schadevergoeding door gebiedsuitbreiding te Leiden, 1945 

publicaties/bronnen

publicaties
  • "De tegenstelling tusschen publiek- en privaatrecht en de ontwerpen tot regeling der administratieve rechtspraak" (dissertatie,1909) 
  • "Positief recht en rechtsbewustzijn" (1912) 
  • "De beteekenis der rechtsvergelijking voor de rechtsphilosophie" (oratie, 1915) 
  • "Studiën over recht en staat" (1919) 
  • "Het Nederlandsch staatsrecht" (2 delen; 1924-1925) 
  • "Het Nederlandsch Provinicaal Recht" (1931) 
  • "Algemene Staatsleer" (1937) 
  • "Inleiding in het Nederlands administratief recht" (1941) 
  • "De vrijheidsgedachte bij Spinoza, Johan de Witt, Thorbecke en Groen van Prinsterer" (mede-auteur, brochure 1948) 
  • "De grondslagen der rechtswetenschap" (1946) 
  • "Inleiding in de vergelijkende staatsrechtwetenschap" (1950) 

literatuur/documentatie
  • W.M. Peletier, "Kranenburg, Roelof (1880-1956)", in: Biografisch Woordenboek van Nederland, deel I, 324 
  • Wie is dat? 1938, 1956 

Biografisch Woordenboek(en)
biografie opgenomen in het Biografisch Woordenboek van Nederland

familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm
gehuwd te Groningen, 2 september 1905

echtgeno(o)t(e)/partner
H.C. Siemens, Henderika Catharina

kinderen
4 zoons en 1 dochter

vader
I. Kranenburg, Ipoje

geboorteplaats en/of -datum
Groningen, 16 maart 1831

moeder
E. de Witt, Elisabeth

geboorteplaats en/of -datum
Groningen, 3 november 1846

familierelaties
Vader van F.J. Kranenburg, staatssecretaris, Tweede Kamerlid en Commissaris der Koningin

Bovenstaande gegevens zijn ontleend aan het biografisch archief van het Parlementair Documentatiecentrum (PDC) van de Universiteit Leiden en betreffen vooral de periode waarin iemand politiek en bestuurlijk actief is of was.
Aanvullingen en gemotiveerde correcties ontvangt PDC graag. U kunt hiervoor de "reageer-keuze" aan de rechterzijde van deze pagina gebruiken of uw aanvullingen per post sturen naar PDC, antwoordnummer 10801, 2501 BW Den Haag of per email aan info@biografieen.com.