Net als het voorgaande kabinet is dit een liberaal kabinet. Herziening van de defensie-organisatie staat hoog in het vaandel. Het kabinet is, zo heet het, aangetreden "Met het geweer op de schouder". Van realisering van de plannen tot legerhervorming komt echter niets terecht. Gedurende de 19 maanden dat het kabinet aan het bewind is, zijn er liefst drie ministers van Oorlog.
Van de voorstellen voor belastingherziening van minister Blussé van Oud-Alblas komt evenmin iets terecht. Een voorstel om een inkomstenbelasting in te voeren in ruil voor afschaffing van het recht van patent en de accijns op vlees wordt door de Tweede Kamer op 2 mei 1872 afgewezen. Het kabinet besluit een dag later zijn ontslag aan te bieden.
Het kabinet treedt op 4 januari 1871 aan. Thorbecke was vanaf december 1871 geregeld afwezig vanwege ziekte. De ministerraad vergaderde vanaf mei 1872 bij hem thuis. Ten tijde van besprekingen over reconstructie van het kabinet overlijdt, op 4 juni 1872, Thorbecke. Hierna wordt een geheel nieuw kabinet (kabinet-De Vries) gevormd, dat op 6 juli 1872 aantreedt.
De Tweede Kamer aanvaardt in november 1871 een amendement-Dumbar op de begroting van Buitenlandse Zaken, waardoor er een einde komt aan het Nederlandse gezantschap bij de Paus.
Oorlog
minister: G.P. Booms (liberaal) (4 januari 1871 - 28 januari 1871)
minister: A. Engelvaart (liberaal) (28 januari 1871 - 23 december 1871)
minister a.i.: L.G. Brocx (liberaal) (23 december 1871 - 5 februari 1872)
minister: F.A.Th. Delprat (liberaal) (5 februari 1872 - 6 juli 1872)
Minister Booms van Oorlog treedt na drie weken af vanwege zijn gezondheid. Zijn opvolger, Engelvaart, vertrekt binnen een jaar omdat hij, anders dan zijn collega's, er niet van overtuigd is, dat de Grondwet regeling van het defensiestelsel bij wet voorschrijft.