![]() |
| Website zilveren regeringsjubileum koningin Beatrix |
![]() |
| Koningin Beatrix | |
| Koningin Beatrix is sinds 30 april 1980 staatshoofd van ons land. Zij is de oudste dochter van koningin Juliana en prins Bernhard. Koningin Beatrix studeerde in Leiden en heeft speciale belangstelling voor het gehandicaptenbeleid en voor cultuur. In 1966 huwde zij met Claus von Amsberg, die in 2002 overleed. Koningin Beatrix heeft drie zonen, die allen getrouwd zijn. Koppelt bij de uitoefening van haar functie een grote plichtsbetrachting aan werkkracht en drang tot perfectionisme. |
![]() |
| Koningin Juliana | |
| Vorstin, die op zeer menselijke ('gewone') manier inhoud gaf aan haar taak. Stond daardoor veel dichter bij de bevolking dan haar moeder. Verklaarde bij haar inhuldiging het moederschap net zo belangrijk te vinden als haar rol als vorstin. Had goede banden met Drees en Beel. Kreeg twee maal te maken met ernstige constitutionele moeilijkheden. In 1956 door de Greet Hofmansaffaire en in 1976 door de Lockheedaffaire waarbij haar echtgenoot in opspraak kwam. Dat deed geen afbreuk aan haar populariteit. Zette zich in het bijzonder in voor het maatschappelijk werk en voor gehandicaptenzorg. |
Hoe ging het 25 jaar geleden? |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
| Eerste-Kamer op 30 april 1980 | |
| Tweede-Kamer op 30 april 1980 |
![]() |
Met welke kabinetten en premiers had koningin Beatrix te maken? |
![]() |
| Kabinet-Van Agt I (1977-1981) | |
| Dit kabinet komt na een lange formatieperiode tot stand, nadat vorming van een tweede kabinet-Den Uyl is mislukt. Het krijgt te maken met grote financieel-economische problemen en oplopende werkloosheid. In 1978 brengt het kabinet de Nota Bestek'81 uit, waarin ombuigingen worden aangekondigd. Als het kabinet in 1980 extra bezuinigingen afwijst, treedt minister Andriessen van Financiën af. |
![]() |
| Kabinet-Van Agt II (1981-1982) | |
| Dit kabinet staat ook bekend onder de naam kabinet-Van Agt/Den Uyl. Het hobbelt van de ene crisis naar de andere. Na acht maanden is, nadat de PvdA een grote nederlaag bij de Statenverkiezingen heeft geleden, de maat vol. Bij een conflict over bezuinigingen dienen de PvdA-bewindslieden hun ontslag in. |
![]() |
| Kabinet-Van Agt III (1982) | |
| Dit minderheidskabinet is een overgangskabinet, dat als voornaamste taak heeft het uitschrijven van verkiezingen. |
![]() |
| Kabinet-Lubbers I (1982-1986) | |
| Het eerste door Lubbers geleide kabinet weet de volle vier jaar uit te zitten. Flinke bezuinigingen worden doorgevoerd om de overheidsfinanciën te saneren. Daarbij wordt onder meer gekort op uitkeringen en ambtenarensalarissen. Ook sectoren als volksgezondheid, onderwijs en welzijn moeten inleveren. De werkloosheid, die tot recordhoogte was opgelopen, gaat geleidelijk afnemen. |
![]() |
| Kabinet-Lubbers II (1986-1989) | |
| Het kabinet is een voortzetting van het vorige kabinet, maar komt na drie jaar ten val door een conflict over het reiskostenforfait. Het ombuigingsbeleid van het eerste kabinet-Lubbers wordt voortgezet, waarbij de bestrijding van de werkloosheid de hoogste prioriteit krijgt. |
![]() |
| Kabinet-Lubbers III (1989-1994) | |
| In het derde kabinet-Lubbers heeft de VVD plaats gemaakt voor de PvdA. Er zal worden gestreefd naar sociale vernieuwing. Het kabinet moet echter verder bezuinigen, onder meer op de sociale zekerheid. Met name het grote beroep dat op de Wet arbeidsongeschiktheid (WAO) wordt gedaan, is reden om in te grijpen. Dat leidt tot spanningen, vooral bij de PvdA. |
![]() |
| Kabinet-Kok I (1994-1998) | |
| Het is voor het eerst sinds 1918 dat er een kabinet wordt geformeerd zonder een confessionele partij. Aan dit eerste paarse kabinet nemen de PvdA, VVD en D66 deel. De kleur paars refereert aan de vermenging van het rood van de PvdA en het blauw van de VVD. |
![]() |
| Kabinet-Kok II (1998-2002) | |
| Dit kabinet, in de wandelgangen ook wel Paars II genoemd, is een voortzetting van het kabinet-Kok I. Hoewel het kabinet het bijna de volle vier jaar uithoudt, verloopt de samenwerking minder soepel dan in Paars I. D66, verliezer bij de Kamerverkiezingen, ziet in 1999 haar 'kroonjuweel', het referendum, stranden in de Senaat. |
![]() |
| Kabinet-Balkenende I (2002-2003) | |
| Na acht jaar paars is er weer een centrum-rechtse coalitie: CDA en VVD samen met nieuwkomer LPF (de Lijst Pim Fortuyn). De enorme verkiezingswinst van deze nieuwe partij (26 zetels) maakte een kabinet zonder deze partij bijna onmogelijk. |
![]() |
| Kabinet-Balkenende II (2003-) | |
| De LPF ingeruild voor D66. Dat was in het kort de afloop in januari 2003 van een acht maanden durende crisis. Een afloop waarbij Balkenende-I wordt opgevolgd door Balkenende-II. De CDA- en VVD-bewindslieden uit het eerste kabinet keerden allen terug. Nieuwe VVD- en CDA-ministers brachten het aantal vrouwen op een recordaantal van vijf. Bijzonder was verder dat D66 voor het eerste aan een centrum-rechts kabinet meedoet. |
Wat maakte koningin Beatrix mee? |
Is Beatrix de langstzittende Nederlandse koning(in)? |
![]() |
| 1. Wilhelmina: 1890-1948 (bijna 58 jaar) | |
| Op haar tiende koningin, aanvankelijk onder het regentschap van haar moeder. Werd in september 1898 als koningin ingehuldigd en bleef vijftig jaar regerend vorstin. Regeerde lange tijd nogal afstandelijk van de bevolking, maar is in de Tweede Wereldoorlog uitermate populair geworden. Nadat zij in de meidagen van 1940 noodgedwongen was uitgeweken naar Londen kon zij haar rol als 'Moeder des Vaderlands' ten volle gestalte geven. Inspireerde via radio-toespraken het verzet. Zag zichzelf als leidsvrouwe van een vernieuwd en verenigd volk. Nadat na de bevrijding bleek dat de oorlog niet de politieke vernieuwing had gebracht die zij had gewenst, deed zij afstand van de troon. Krachtige persoonlijkheid, godsdienstig en temperamentvol. |
![]() |
| 2. Willem III: 1849-1890 (ruim 41,5 jaar) | |
| Vorst in de tweede helft van de negentiende eeuw. Volgde in 1849 zijn vader pas na enige aarzeling op, omdat hij weinig ingenomen was met de nieuwe liberale Grondwet. Trachtte nog enige jaren zijn macht enigszins te herwinnen. Ging daarbij soms in tegen zijn ministers, bijvoorbeeld in 1853 (Aprilbeweging). Verloor later steeds meer interesse in de politiek. Kreeg bovendien te maken met privé-affaires, met conflicten met zijn zoons en met gezondheidsproblemen. Berucht vanwege zijn barse uitvallen tegen onder andere ministers. Trouwde op hoge leeftijd met de veel jongere Duitse prinses Emma, die hem een opvolgster, Wilhelmina, schonk. |
![]() |
| 3. Juliana: 1948-1980 (ruim 31,5 jaar) | |
| Vorstin, die op zeer menselijke ('gewone') manier inhoud gaf aan haar taak. Stond daardoor veel dichter bij de bevolking dan haar moeder. Verklaarde bij haar inhuldiging het moederschap net zo belangrijk te vinden als haar rol als vorstin. Had goede banden met Drees en Beel. Kreeg twee maal te maken met ernstige constitutionele moeilijkheden. In 1956 door de Greet Hofmansaffaire en in 1976 door de Lockheedaffaire waarbij haar echtgenoot in opspraak kwam. Dat deed geen afbreuk aan haar populariteit. Zette zich in het bijzonder in voor het maatschappelijk werk en voor gehandicaptenzorg. |
![]() |
| 4. Willem I: 1814-1840 (bijna 27 jaar) | |
| De 'Koning-Koopman'. Eerste Nederlandse koning na het herstel van de zelfstandigheid in 1814. Had ervaring als vorst opgedaan in Fulda. Regeerde als verlichte autoritaire vorst en zette zich in voor ontwikkeling van het economisch leven (kanalen!). Weigerde zich lange tijd neer te leggen bij de afscheiding van België en veroorzaakte mede daardoor problemen met de staatsfinanciën. Die financiële politiek was de voornaamste bron van kritiek van de oppositie. Trad in 1840 teleurgesteld af na een beperkte Grondwetsherziening. Verloor de grote lijnen vaak uit het oog, doordat hij zich te veel bezighield met details. Beschouwde ministers als zijn dienaren en stelde in hen vaak weinig vertrouwen. |
![]() |
| 5. Beatrix: 1980-heden (tot nu toe 25 jaar) | |
| Koningin Beatrix is sinds 30 april 1980 staatshoofd van ons land. Zij is de oudste dochter van koningin Juliana en prins Bernhard. Koningin Beatrix studeerde in Leiden en heeft speciale belangstelling voor het gehandicaptenbeleid en voor cultuur. In 1966 huwde zij met Claus von Amsberg, die in 2002 overleed. Koningin Beatrix heeft drie zonen, die allen getrouwd zijn. Koppelt bij de uitoefening van haar functie een grote plichtsbetrachting aan werkkracht en drang tot perfectionisme. |
![]() |
| 6. Willem II: 1840-1849 (bijna 8,5 jaar) | |
| De 'held van Waterloo'. Vocht met de geallieerden mee tegen de legers van Napoleon. Als kroonprins leek hij zich in 1830 op te werpen als leider van de Belgische onafhankelijkheidsbeweging. Regeerde vanaf 1840 aanvankelijk als conservatief vorst, die elke grondwetswijziging tegenhield. Werd in 1848 in één dag echter uiterst liberaal. Steunde Thorbecke en Donker Curtius bij het tot stand brengen van de nieuwe Grondwet. Overleed echter al kort na invoering daarvan. Had goede banden met katholieken (verbleef veel in Tilburg). Was gehuwd met de Russische grootvorstin Anna Paulowna. |
Wie volgt koningin Beatrix straks op? |
![]() |
| prins Willem-Alexander | |
| prinses Amalia |
| - | prinses Alexia |
| - | prins Constantijn (jongste zoon van koningin Beatrix en prins Claus) |
| - | gravin Eloise (dochter van prins Constantijn en prinses Laurentien) |
| - | graaf Claus-Casimir (zoon van prins Constantijn en prinses Laurentien) |
| - | prinses Margriet (zuster van koningin Beatrix) |
| - | prins Maurits (oudste zoon van prinses Margriet en mr. Pieter van Vollenhoven) |
| - | prins Bernhard jr. (tweede zoon van prinses Margriet en mr. Pieter van Vollenhoven) |
Gegevens over personen in dit issue |