Bestuurlijke vernieuwing in het hoofdlijnenakkoord

In het regeerakkoord (het hoofdlijnenakkoord) van het kabinet-Balkenende II staat bestuurlijke vernieuwing hoog in het vaandel. Op aandringen van D66 hebben de gekozen burgemeester en de wijziging van het kiesstelsel daar een plaats in gekregen. Maar het correctief wetgevingsreferendum is voorlopig van de baan.

Minister De Graaf (Bestuurlijke Vernieuwing en Koninkrijksrelaties) trad af tijdens de Paascrisis in maart 2005 nadat zijn plan voor invoering op korte termijn van een rechtstreeks door de bevolking gekozen burgemeester onmogelijk was gemaakt in de Eerste Kamer. Ook zijn plan voor vernieuwing van het kiesstelsel is hiermee waarschijnlijk voorlopig van de baan.

 * Meer over de Paascrisis


[ V ][ ^^ ]

Gekozen burgemeester en wijziging kiesstelsel

In de huidige kabinetsperiode moet volgens het regeerakkoord de gekozen burgemeester zijn ingevoerd en de wijze waarop Tweede-Kamerleden worden gekozen zo zijn aangepast dat kiezer en gekozene dichter bij elkaar staan. Beide 'kroonjuwelen' van D66 moeten de democratie versterken.

De coalitie vond bestuurlijke vernieuwing zo belangrijk dat er zelfs een aparte minister voor werd aangesteld. Dat werd natuurlijk een D66'er, Thom de Graaf. Binnen een half jaar leverde hij twee hoofdlijnnotities af. Eén over de gekozen burgemeester en één over een ander kiesstelsel. In dat stelsel zou een deel van de Tweede Kamer via districten gekozen moeten worden.

meer over

 * de gekozen burgemeester
 * het nieuwe kiesstelsel

[ V ][ ^^ ]

Het referendum

Het kabinet-Kok I had in het regeerakkoord het correctief wetgevingsreferendum opgenomen. Hier was een grondwetswijziging voor nodig. In eerste lezing haalde het voorstel een ruime meerderheid, waarna het tweede kabinet-Kok het voorstel in tweede lezing indiende. Dan is echter een tweederde meerderheid nodig. In de Tweede Kamer werd deze meerderheid wel gehaald, maar in de Eerste Kamer sneuvelde het voorstel in de 'Nacht van Wiegel'. Senator Wiegel stemde tegen, waardoor op één stem na de tweederde meerderheid niet gehaald werd.

Het voorstel werd dus verworpen, en het kabinet-Kok II diende zijn ontslag in. Een lijmpoging lukte. Afgesproken werd dat het kabinet zou proberen een nieuwe grondwetswijziging voor het correctief wetgevend referendum te starten. Ter overbrugging zou bij gewone wet het raadgevende referendum worden ingevoerd.

Verschil tussen het correctief referendum en het raadplegend referendum is dat de politiek de uitslag van een raadgevend referendum naast zich neer kan leggen. Daar staat echter tegenover dat een volksvertegenwoordiging die de uitspraak van het volk naast zich neerlegt heel wat heeft uit te leggen.

De tijdelijke referendumwet is er gekomen en een nieuwe grondwetswijziging voor het correctief referendum is in eerste lezing aangenomen.

Het kabinet-Balkenende I, waar D66 niet aan deelnam, sprak in het strategisch akkoord (het regeerakkoord) af de tijdelijke referendumwet in te trekken en de Grondwetswijziging die nodig is om het correctief referendum mogelijk te maken niet te steunen. Met andere woorden: de deur naar het referendum zat weer stevig op slot.

Kabinet-Balkenende II

Het kabinet-Balkenende I viel vrij snel en werd opgevolgd door het kabinet-Balkenende II, waar D66 weer wél aan deelnam. In het hoofdlijnenakkoord (regeerakkoord) werd afgesproken dat voor wat betreft de Grondswetswijziging voor het invoeren van een correctief referendum, het oordeel in tweede lezing van de Tweede en Eerste Kamer zou worden afgewacht.

Op 28 juni 2004 werd de Grondwetswijziging die nodig was om het correctief referendum te regelen in tweede lezing verworpen, omdat niet de vereiste tweederde meerderheid werd gehaald.

In feite komt de in het hoofdlijnenakkoord gemaakte afspraak er op neer dat D66 het referendum heeft ingeruild voor de gekozen burgemeester en een nieuw kiesstelsel. Bovendien komt er een onderzoek naar de argumenten voor en tegen de rechtstreekse verkiezing van de minister-president.

In het hoofdlijnenakkoord is wél afgesproken de tijdelijke referendumwet niet in te trekken. Het kabinet-Balkenende II onderneemt dus, in tegenstelling tot kabinet-Balkenende I, geen actie om het raadplegend referendum af te schaffen. Aangezien in de tijdelijke referendumwet zelf staat dat deze wet vanaf 1 januari 2005 niet meer van kracht is, zal het raadplegend referendum vanaf die datum niet meer mogelijk zijn.

PvdA en GroenLinks hebben een initiatiefvoorstel ingediend om het raadplegend referendum wel te handhaven.

Verder is in het regeerakkoord vastgelegd dat het mogelijk blijft referenda in gemeenten te houden. Ook zal er hoogstwaarschijnlijk nog een raadplegend referendum komen over de Europese Grondwet. Dit als gevolg van een initiatiefwetsvoorstel van de Tweede-Kamerleden Farah Karimi (GroenLinks), Niesco Dubbelboer (PvdA) en Boris van der Ham (D66).

Dit initiatiefwetsvoorstel is op 25 november 2003 met steun van de PvdA, VVD, SP, LPF, GroenLinks en D66 aangenomen in de Tweede Kamer. De Eerste Kamer wacht met de behandeling van het initiatief tot de novelle in de Tweede Kamer is behandeld. Deze was nodig in verband met een aantal kleine wijzigingen.

Meer over

 * bestuurlijke vernieuwing
 * de nacht van Wiegel
 * de procedure Grondwetsherziening

 * het referendum over de Europese Grondwet (website Grondwet Europa)
 * de toelichting van de Tweede-Kamerfractie van D66 op het hoofdlijnenakkoord (website D66)


Gekozen burgemeester en wijziging kiesstelsel
Het referendum
TXT/Print-versie voor correct en passend afdrukken (verschijnt in een nieuw venster)Reageer op deze pagina. Aanvullingen en suggesties zijn altijd welkom!
homeHome           Route