Polder

Nederland kent een groot aantal organisaties die op de één of andere manier adviezen of onderbouwing verstrekken voor het overheidsbeleid. Daarnaast zijn er allerlei toezichthoudende en controlerende instanties, en zijn er organisaties die vanuit een bepaald belang proberen het beleid te beïnvloeden. De beschreven organisaties zijn dus belangrijke medespelers in de publieke sector en in het poldermodel.

 * Het poldermodel
Na de Tweede Wereldoorlog ontstond in Nederland een overlegeconomie waarin naast de overheid de werkgevers- en werknemersorganisaties een grote rol speelden. Halverwege de jaren '90 werd de overlegeconomie hervormd en ontstond het succesvolle poldermodel. Gaandeweg is de term 'poldermodel' weer steeds meer synoniem geworden voor de overlegeconomie.
 
De beschreven organisaties kunnen deel uitmaken van de overheid, ofwel als hoog college van staat, ofwel als onderdeel van een ministerie, ofwel als rechtspersoon met een wettelijke taak (zoals zelfstandige bestuursorganen). Onder de beschreven organisaties zitten echter ook particuliere organisaties.

Tussen de organisaties en de overheid en tussen de organisaties onderling bestaan vaak tal van verbanden. Bijvoorbeeld omdat mensen uit de ene organisatie vertegenwoordigd zijn als bestuurder, adviseur of toezichthouder in de andere organisatie, of omdat mensen uit de ene organisatie overstappen naar de andere organisatie. Ook zitten vertegenwoordigers van organisaties dikwijls gezamenlijk in andere organisaties, zoals bij de Sociaal-Economische Raad (SER).

[ V ][ ^^ ]

Advies en onderbouwing

 * Raad van State
De Raad van State adviseert regering en parlement over wetgeving en bestuur. Daarnaast is de Raad van State de hoogste algemene bestuursrechter. De voorzitter van de Raad van State is de Koningin maar de dagelijkse leiding ligt in de handen van de vice-president, op dit moment mr. H.D. Tjeenk Willink.
 

 * Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR)
De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) brengt onafhankelijke, wetenschappelijke adviezen voor toekomstig regeringsbeleid uit aan de regering. Door de openbaarheid kunnen WRR-rapporten grote politieke invloed hebben. De WRR is in 1976 officieel bij wet ingesteld.
 

 * Sociaal-Economische Raad (SER)
De Sociaal-Economische Raad (SER) is opgericht in 1950 en adviseert de regering over het sociaal-economisch beleid. De SER is een tripartiet overlegorgaan met 33 leden: 11 uit ondernemersorganisaties, 11 uit werknemersorganisaties en 11 onafhankelijke kroonleden. Sinds het eerste paarse kabinet is de invloed van de SER minder geworden, hoewel SER-adviezen nog steeds als belangrijk worden beschouwd. Alexander Rinnooy Kan is sinds augustus 2006 voorzitter van de SER.
 

 * Centraal Planbureau (CPB)
Het Centraal Planbureau (CPB) ging van start in 1945 en werd in 1947 officieel ingesteld. In de beginperiode stond het CPB onder leiding van de beroemde econoom Tinbergen. Het CPB valt onder het ministerie van Economische Zaken en maakt onafhankelijke economische analyses en prognoses. Voorbeelden zijn het Centraal Economisch Plan, de Macro Economische Verkenning, economische toekomstverkenningen en doorrekeningen van verkiezingsprogramma's en regeerakkoorden.
 

 * Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS)
Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) is opgericht in 1899 en verzamelt en publiceert allerlei statistische gegevens van maatschappelijke en economische aard. In internationaal verband, zoals binnen de Europese Unie, levert het CBS cijfers over Nederland aan. Soms verricht het CBS ook statistische prognoses. De CBS-cijfers worden in zeer brede kring gebruikt.
 

 * Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) en Milieu- en Natuurplanbureau (MNP)
Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) adviseert de verschillende ministeries op het gebied van volksgezondheid, natuur en milieu. De organisatie doet dit door zelf onderzoek te verrichten en kennis te verzamelen. De huidige directeur-generaal van de organisatie is Marc Sprenger. Ook bestaat er een Milieu- en Natuurplanbureau (MNP), waarvan Klaas van Egmond directeur is.
 

 * Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP)
Het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) is een interdepartementaal wetenschappelijk instituut dat gevraagd en ongevraagd adviezen en rapporten uitbrengt over sociaal-culturele onderwerpen. Het SCP valt onder het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en is niet onafhankelijk. Ambtenaren en politieke partijen hebben invloed op het SCP via het Begeleidingscollege.
 

 * Ruimtelijk Planbureau (RPB)
Het Ruimtelijk Planbureau is opgericht op 1 januari 2002 en levert informatie aan de overheid over de ruimtelijke ontwikkeling in Nederland. Het planbureau verricht hiervoor zelf onderzoek en verzamelt kennis bij andere planbureaus en instellingen. De huidige voorzitter is prof.dr. Wim Derksen.
 

 * Adviescommissies
Behalve allerlei vaste adviesorganen, zoals de SER, de WRR, de Raad van State en adviescolleges zoals de Onderwijsraad, zijn er ook allerlei andere, veelal tijdelijke, (politieke) adviescommissies. De bedoeling is dikwijls dat een ad hoc commissie adviseert over een heikel politiek onderwerp. Bewindslieden stellen zulk soort commissies in zulke gevallen in om draagvlak te creëren voor een besluit waarvoor ze zelf niet het voortouw kunnen of durven nemen. In wezen verschuilen ze zich dan achter een commissie.
 

[ V ][ ^^ ]

Toezicht en controle

 * Algemene Rekenkamer
De Algemene Rekenkamer is een onafhankelijk Hoog College van Staat dat de rechtmatigheid en doelmatigheid van de ontvangsten en uitgaven van de rijksoverheid controleert. Zowel door politici als door de pers wordt de Rekenkamer als gezaghebbend op dit gebied beschouwd. Saskia Stuiveling is de huidige president van de Rekenkamer.
 

 * Nationale Ombudsman
De Nationale ombudsman is een onafhankelijk Hoog College van Staat dat klachten van burgers over onbehoorlijk gedrag van organen en ambtenaren van de centrale overheid en politie onderzoekt. Tevens fungeert de Nationale ombudsman als een soort vangnetvoorziening voor gemeenten zonder eigen ombudsvoorziening. Alex Brenninkmeijer is vanaf 1 oktober 2005 de Nationale ombudsman.
 

 * Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa)
De Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) houdt zich bezig met de uitvoering van de in 1998 in werking getreden Mededingingswet. Dat wil zeggen dat de NMa het verbod op kartels en misbruik van economische machtsposities handhaaft, en toezicht houdt op de vorming van zogenaamde 'concentraties' zoals bedrijfsfusies. De NMa viel eerst onder het ministerie van Economische Zaken, maar is sinds 1 juli 2005 een zelfstandig bestuursorgaan.
 

 * Voedselveiligheid
De Voedsel en Waren Autoriteit (VWA) is de toezichthouder op het gebied van veiligheid van voedsel, consumenten en diergezondheid. De VWA is een agentschap van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, en voert behalve voor dit ministerie ook taken uit voor het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. André Kleinmeulman is inspecteur-generaal van de VWA.
 

 * Onafhankelijke Post en Telecommunicatie Autoriteit (OPTA)
De Onafhankelijke Post en Telecommunicatie Autoriteit (OPTA) bestaat sinds 1997 als onafhankelijke toezichthouder op de markt voor post en telecommunicatie in Nederland en is in het bijzonder belast met het afdwingen van concurrentie bij de liberalisering van deze markten. De OPTA houdt zich ook bezig met geschillenbeslechting tussen marktpartijen en de uitgifte van telefoonnummers. Chris Fonteijn is voorzitter van de OPTA.
 

 * Commissariaat voor de Media (CvdM)
Het Commissariaat voor de Media is opgericht op 1 januari 1988 en ziet toe op de naleving van de Mediawet en de Wet op de vaste boekenprijs. De huidige voorzitter van het College van Commissarissen is prof.dr. Jan van Cuilenburg.
 

 * Milieu
Overheidsinstanties die toezicht houden op de handhaving van de milieuwetgeving kunnen op internationaal, nationaal en lokaal niveau opereren. Zeer belangrijk is de Europese Commissie, want meer dan de helft van de Nederlandse wetgeving is gebaseerd op Europese regelgeving.
 

[ V ][ ^^ ]

Beïnvloeding

 * Werkgeversorganisaties
Nederland kent een aantal koepelorganisaties die de belangen van werkgevers behartigen. De belangrijkste ondernemersorganisatie is VNO-NCW. Andere werkgeverscentrales zijn MKB-Nederland (voor het midden- en kleinbedrijf) en LTO Nederland (voor de land- en tuinbouw). Werkgeversorganisaties zijn vertegenwoordigd in de Sociaal-Economische Raad en in tal van andere organen.
 

 * Werknemersorganisaties
Nederland kent een aantal vakcentrales die optreden als koepelorganisatie van de bij die centrale aangesloten vakbonden. De grootste vakcentrale is de Federatie Nederlandse Vakbeweging (FNV). Andere centrales zijn het Christelijk Nationaal Vakverbond (CNV) en de MHP (Vakcentrale voor middengroepen en hoger personeel). Daarnaast is er nog een aantal onafhankelijke bonden. Werknemersorganisaties zijn vertegenwoordigd in de Sociaal-Economische Raad en in tal van andere organen.
 

 * Natuur- en milieuorganisaties
In Nederland zijn diverse belangenorganisaties bezig met de bescherming van natuur en milieu. Gezamenlijk hebben de organisaties vier miljoen leden, waarvan de meeste lid zijn van Natuurmonumenten. Andere belangenbehartigers zijn Greenpeace en Milieudefensie.
 

 * Verkeer- en vervoersorganisaties
Nederland kent diverse reizigers-, verkeers- en vervoersverenigingen die zich inzetten voor hun leden, zoals Veilig Verkeer Nederland (VVN), BOVAG, de Fietsersbond, de RAI Vereniging en ROVER. De bekendste en grootste vereniging is de ANWB, met 3,9 miljoen leden. De ANWB is opgericht in 1883 en behartigt de belangen van automobilisten, fietsers, wandelaars, ruiters, motorrijders, watersporters, kampeerders en reizigers. De organisatie doet dit onder andere door het aanschrijven van politici.
 

 * Consumentenorganisaties
Er bestaan in Nederland vele organisaties die ofwel optreden als belangenorganisatie van (een groep van) consumenten, ofwel op een andere manier (bijvoorbeeld door keuringen, geschillenbeslechting of voorlichting) bijdragen aan 'empowerment' van de consument. Een zeer bekende consumentenorganisatie is de Consumentenbond, met ongeveer 600.000 leden.
 

 * Mensenrechtenorganisaties
In Nederland zijn diverse vestigingen van internationale mensenrechtenorganisaties. Via lobbyen bij de politiek proberen zij regeringen te wijzen op hun verantwoordelijkheden voor de rechten van de mens. De meest invloedrijke organisatie is Unicef, het kinderfonds van de Verenigde Naties.
 

 * Ontwikkelingshulporganisaties
In Nederland zijn diverse nationale en internationale ontwikkelingshulporganisaties actief. In het kader van het medefinancieringsprogramma mogen sommige organisaties geld uit het budget voor ontwikkelingssamenwerking inzetten. Ook Unicef is een invloedrijke organisatie.
 

 * Studenten- en scholierenorganisaties
Het Interstedelijk Studenten Overleg (ISO) en de Landelijke Studenten Vakbond (LSVb) zijn koepelorganisaties van en voor studenten. Beide organisaties overleggen ongeveer vier keer per jaar met de voor het hoger onderwijs verantwoordelijke bewindspersoon in de Studentenkamer. Daarnaast bestaan er scholierenorganisaties: het Landelijk Aktie Komitee Scholieren (LAKS) voor het voortgezet onderwijs en de Jongeren Organisatie Beroepsonderwijs (JOB) voor het middelbaar beroepsonderwijs.
 

 * Organisaties op het gebied van wonen
Nederland kent een aantal grote belangenorganisaties op het gebied van wonen. Aan de aanbodkant van de markt hebben de woningcorporaties zich verenigd in Aedes en hebben de makelaars zich verenigd in de Nederlandse Vereniging van Makelaars (NVM) en de Vereniging Bemiddeling Onroerend Goed (VBO). Aan de vraagzijde van de markt zijn er twee consumentenorganisaties: de Vereniging Eigen Huis voor kopers en de Woonbond voor huurders.
 


Advies en onderbouwing
Toezicht en controle
Beïnvloeding
TXT/Print-versie voor correct en passend afdrukken (verschijnt in een nieuw venster)Reageer op deze pagina. Aanvullingen en suggesties zijn altijd welkom!
homeHome           Route