Eerste-Kamerleden

De Eerste Kamer bestaat uit 75 parlementariërs: volksvertegenwoordigers die op basis van evenredige vertegenwoordiging voor een periode van vier jaar worden gekozen via de kieslijst van een politieke partij. De leden worden indirect gekozen: eerst kiezen burgers leden van de Provinciale Staten. Zij kiezen daarna de Eerste-Kamerleden.

Eerste-Kamerleden zijn normaal gesproken lid van de fractie van de betreffende partij. Volgens de Grondwet stemmen zij 'zonder last', waardoor ze een onafhankelijke positie hebben.

Tweede-Kamerleden kunnen niet worden vervolgd of voor de rechter gedaagd voor hetgeen zij in de Tweede Kamer, mondeling of schriftelijk, te berde brengen. Ministers en staatssecretarissen mogen geen lid zijn van de Eerste Kamer.

[ V ][ ^^ ]

Gekozen volksvertegenwoordigers

De Staten-Generaal (het Nederlandse parlement) bestaan uit een Eerste en een Tweede Kamer die het gehele Nederlandse volk vertegenwoordigen. De Eerste Kamer heeft 75 leden die via een systeem van evenredige vertegenwoordiging indirect gekozen worden. Eerste-Kamerleden zijn dus, net als Tweede-Kamerleden, gekozen volksvertegenwoordigers.

[ V ][ ^^ ]

Wie mag Eerste-Kamerlid zijn?

Eerste-Kamerleden moeten de Nederlandse nationaliteit hebben, minimaal 18 jaar oud zijn en mogen niet uitgesloten zijn van het kiesrecht. Voor uitsluiting van het kiesrecht is een rechterlijke uitspraak nodig; het hebben van een strafblad betekent nog niet dat iemand is uitgezonderd van het kiesrecht. De vereisten voor het lidmaatschap zijn gelijk aan die voor de Tweede Kamer.

Een Eerste-Kamerlid mag volgens de Grondwet niet tegelijkertijd één van de volgende functies vervullen:
- Tweede-Kamerlid;
- minister of staatssecretaris;
- lid van de Raad van State, lid van de Algemene Rekenkamer, Nationale ombudsman of substituut ombudsman;
- lid van of procureur-generaal of advocaat-generaal bij de Hoge Raad.

In de Wet Incompatibiliteiten Staten-Generaal en Europees Parlement is vastgelegd dat Kamerleden geen plaatsvervangend procureur-generaal bij de Hoge Raad mogen zijn.

Daarnaast mogen parlementariërs tijdens hun Kamerlidmaatschap niet tegelijkertijd één van de volgende functies uitoefenen:
- commissaris van de Koning(in);
- militair ambtenaar in werkelijke dienst;
- ambtenaar bij de Raad van State, de Algemene Rekenkamer of het bureau van de Nationale ombudsman;
- ambtenaar bij een ministerie of daaronder vallende instellingen, diensten en bedrijven;
- lid van de Raad van bestuur of de Raad van advies van de Centrale organisatie werk en inkomen, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen of de Sociale verzekeringsbank;
- lid van de commissie van toezicht op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten.

[ V ][ ^^ ]

Toelating tot de Eerste Kamer

Eerste-Kamerleden worden op basis van de verkiezingsuitslag benoemd door de voorzitter van het centraal stembureau. Deze verstrekt de benoemde een schriftelijke verklaring, die met een aantal andere schriftelijke verklaringen (de zogenaamde geloofsbrieven) moet worden ingeleverd bij de Eerste Kamer.

Een ad hoc-commissie voor de Geloofsbrieven onderzoekt vervolgens of de benoeming tot Eerste-Kamerlid terecht is, gelet op de stembusuitslag en de geldende regels over wie Eerste-Kamerlid mag zijn. De gekozene wordt officieel Eerste-Kamerlid nadat hij of zij de daarvoor benodigde eed of belofte heeft afgelegd.

[ V ][ ^^ ]

Zittingsduur

De Eerste Kamer wordt in voor een periode van vier jaar gekozen. Zittende Kamerleden kunnen zich wel laten herverkiezen bij nieuwe Tweede-Kamerverkiezingen. De verkiezing moet binnen .. na de verkiezing voor de Provinciale Staten plaatsvinden.

Het komt soms voor dat individuele Eerste-Kamerleden tussentijds hun Kamerlidmaatschap beëindigen, bijvoorbeeld omdat ze elders een andere functie hebben aanvaard. Het komt ook voor dat het lidmaatschap wordt beëindigd:
- vanwege ziekte of overlijden;

Tussentijds opgestapte of overleden Kamerleden worden opgevolgd door de eerstvolgende op de kqandidatenlijst van de partij waar ook het vertrokken of overleden Kamerlid op stond, voor zover de rechthebbende de benoeming tot Kamerlid intussen nog wil aanvaarden. Zo niet, dan wordt de dan volgende op de lijst rechthebbend.

[ V ][ ^^ ]

Onafhankelijkheid en onschendbaarheid

Artikel 67, lid 3 van de Grondwet bepaalt dat leden van de Staten-Generaal in de Kamer stemmen zonder last. Hoewel Eerste-Kamerleden gekozen worden via de kieslijst van een politieke partij, hebben zij als Kamerlid officieel een onafhankelijke positie ten opzichte van die partij.

Eerste-Kamerleden kunnen volgens de Grondwet niet worden vervolgd of voor de rechter worden aangesproken voor wat zij in vergaderingen van de Staten-Generaal hebben gezegd of in commissieverband hebben gezegd of geschreven.

Gekozen volksvertegenwoordigers
Wie mag Eerste-Kamerlid zijn?
Toelating tot de Eerste Kamer
Zittingsduur
Onafhankelijkheid en onschendbaarheid
TXT/Print-versie voor correct en passend afdrukken (verschijnt in een nieuw venster)Reageer op deze pagina. Aanvullingen en suggesties zijn altijd welkom!
homeHome           Route